Posts tonen met het label goddelijke komedie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label goddelijke komedie. Alle posts tonen

14 maart 2024

Karmagrot - #WOW #orgelmuziek #gerardreve #wot


De organist Laurens de Man krijgt de Nederlandse Muziekprijs van de staatssecretaris. Ze komt op haar gympies naar zijn concert op 7 maart in het Orgelpark. Hij krijgt als eerste organist deze prijs. Een bijzondere prijs voor talentvolle klassieke musici.

Ik luister naar het concert via Radio4. Hij begint met een reis langs de verschillende orgels in het orgelpark. Het is ook een reis door de muziek. Het centrale punt van het concert is Concert voor orgel en ensemble, "Reve concerto" van Martijn Padding. 

Reve Concerto

Samen met het New European Ensemble speelt de winnaar van de Nederlandse Muziekprijs deze première van het nieuwe werk. Padding schreef het "Reve concerto" speciaal voor Laurens. Op basis van enkele zinnen die Laurens hem heeft aangedragen uit het werk van Gerard Reve.

De ontwikkeling van het muziekstuk lijkt misschien het meest op een boottochtje door een grot. Je hoort de druppels vallen, elke bocht om wacht er weer een nieuwe verrassing. Met allerlei verschillende technieken, ritmes en bewegingen. Het orgel staat daarbij centraal, waar omheen de andere instrumenten figureren en spelen. Om met de stem van Gerard Reve te eindigen.

Dagsluiting

Eigenlijk geloof ik niets,
en twijfel ik aan alles, zelfs aan U.
Maar soms, wanneer ik denk dat Gij waarachtig leeft,
dan denk ik dat Gij Liefde zijt, en eenzaam,
en dat, in zelfde wanhoop, Gij mij zoekt
zoals ik U.
(Gerard Reve: Verzamelde gedichten)

De langzaam wegvloeiende akkoorden in het coda dat volgt, geven een volledige harmonie. Een mystieke ervaring; waarbij ik zelf onmiddellijk aan het Paradijs van Dante moet denken. Die volmaakte oplossing uiteindelijk in 1 noot. Het begin en het einde van de muziek.

Amper verhaal

Eerder op deze dag dat ik naar het concert van Laurens de Man luister, lees ik een interview met Herman Finkers in Onze Taal. Het gaat over zijn voorbeelden. Hij noemt Toon Hermans, Hans Dorrestijn en Willem Wilmink:

"Vooral ben ik een groot liefhebber van Gerard Reve. Er zit amper verhaal in, maar hij schrijft zo fantastisch mooi. Het heeft iets heel tragisch, dat lucht nodig heeft, en die lucht krijgt het door zijn geweldige ironie en humor. Reves vrije, geestige en ondogmatische omgang met het rooms-katholieke geloof spreekt mij ook enorm aan. In Nader tot U schrijft hij: 'de Liefde, en God, dat zijn twee woorden voor één en hetzelfde, onderling vervangbaar, en identiek. Als je het opschrijft, staat het meteen op papier ook.' Dat is briljant. Zonder die tweede zin was het iets onverteerbaars geweest; die toevoeging is niet alleen heel grappig, maar maakt wat hij beweert ook waar. Humor, kunst en religie kun je niet los van elkaar zien."

Het lijkt bij Paddings compositie dat als de stem van Gerard Reve komt, Reve uit de dood opstaat. Hij komt tot leven. Zeker ook omdat de muziek ineens een zoektocht naar harmonie krijgt die het eerder niet had; compleet met het belletje.

Voor mij is dat karma. Het karma van de grot.


het paradijs ligt
deze reis voorbij de bocht
waar alles oplost

WoW

WoW is een initiatief van Irene en Karin. Deze week schrijven we over karma.

11 januari 2016

De eerste merelzang

image

Een avond, de schemering is al gevallen. Ik fiets onder een tunneltje door en hoor hem al fluiten. Nog voor ik het tunneltje onderduik zingt hij al vanuit de hoge bomen, verderop. Als ik weer omhoog klim komt hij echt duidelijk in het gehoorsveld. De auto’s brommen nog achter mij.

Maar hij is duidelijk te verstaan. De zwarte lijster is in gesprek met een andere, hoor ik. Die vogel lijkt weer aan de andere kant van de weg te zitten. Ze fluiten naar elkaar, toeven elkaar af en zingen de mooiste melodieën.

Zo fietsend onder die boom door denk ik aan de regels in Dantes Goddelijke komedie over de merel. In Canto 13 van de Louteringsberg spreekt hij over het zingen van de merel in januari. De vogel is volgens de volksverhalen heel somber in de winter, tot hij eind januari de dagen ziet lengen, het warmer voelt worden en zijn zang weer voelt opborrelen.

Volgens het volksgeloof zou de neerslachtige merel met de komst van het voorjaar zich weer tot God richten en zeggen dat hij niet meer bang is. Sapia, een dame uit Siena, spreekt in de tweede omgang bij de afgunstigen. Ze vertelt over de slag bij Colle waar haar stadgenoten slaags raakten met de Welven uit Florence. Ze spreekt na het bloedbad dezelfde woorden als de merel in de fabel:

‘Voor U heeft voortaan m’alle vrees begeven’,
Gelijk de merel in wat warmer dagen. (Rensburg, Canto 13, vs. 122-123)

Pas veel later verzoent Sapia zich met God en mag ze zich zelfs louteren op de Louteringsberg.

Nu is de donkere avond voor deze merel warm genoeg om zijn loflied te zingen. Ik geniet even en denk aan Dantes personage Sapia. Ze trekt een mooie vergelijking met deze bijzondere vogel. De overmoed is bijna hetzelfde, want wie zegt dat het zo warm blijft. Een te vroeg ingezet loflied?