Meisje (ca. 14) tegen ander meisje (ca. 14): 'Jeetje man, ik stond voor de spiegel en zag gewoon een velletje. Ik heb de hele dag met een velletje rondgelopen en jij zegt niks.'
Andere meisje: 'Huh?'
Meisje 1: 'Ja man, er zat een velletje op mijn onderlip en jij ziet dat niet eens.'
Meisje 2 '...'
08 december 2009
07 december 2009
Verklein het assortiment, wie merkt dat nou?
Het verkleinen van het assortiment behoort tot dé mogelijkheid om te besparen op de voorraad, hoorde ik twee weken terug bij het evenement Supply Chain in One Day. Het kan een enorme besparing opleveren door de artikelenkeuze te verkleinen. Zeker in deze krappe tijden zorgt menig retailer ervoor het aantal verschillende producten drastisch in te krimpen. Lees mijn blog verder op www.supplychainmagazine.nl >>
06 december 2009
Transcripties
Voor de zesdelige cd-serie Concert Populaires bespeelt Gierling vier Rotterdamse orgels (Stadhuis, Delfshaven, Laurenskerk (hoofd- en transept-orgel)) en Schiedam (grote kerk). Centraal in deze reeks staan de verschillende transcripties, bewerkingen van Geert Bierling zelf van bekende orkestmuziek voor orgel. Zo speelt hij Vivaldi's Vier jaargetijden, zes orgelconcerten van Händel, diverse orkestmuziek van Bach en romantische muziek als Ravels Bolero, Bizets Carmenfantasie en de Notenkraker Suite van Tsjaikowsky.
Prachtige bewerkingen die een ander licht op het orgel werpen en haar eindelijk verlossen van het religieuze imago. Vooral het relatief onbekende Standaart-orgel in het stadhuis van Rotterdam is een prachtig instrument, zo demonstreert Bierling. Verschrikkelijk veel orgels van Standaart moesten het veld ruimen, met name in de jaren zestig en zeventig. Ze werden gezien als instrumenten uit het dieptepunt van de orgelbouw.
Centraal in deze hele orgelvernieuwing stond de stad Rotterdam. Hier verrezen instrumenten van de firma Marcussen (drie orgels in de Laurenskerk), Flentrop (in De Doelen) en Van Vulpen (zeer veel instrumenten zoals in de Pauluskerk en de Hoflaankerk). Deze bouwers gelden als dè vertegenwoordigers van de Neo-barok, een orgelbeweging die de orgels van de zeventiende en achttiende eeuw als hoogtepunt uit de orgelgeschiedenis zagen. De komst van moderne technieken als de pneumatiek aan het einde van de negentiende-eeuw gold voor deze bouwers als het dieptepunt van de orgelbouw.
Een duidelijke afkeuring van het arrangeren van orkestmuziek, klinkt door in een interview van George Stam (in de jaren vijftig en zestig de organist van de Laurenskerk in Rotterdam). Hij keurt duidelijk de orgeltranscriptie van het populaire muziekstuk af: 'In die tijd werd veel op orgel gespeeld dat niet door de beugel kon. Men greep nog al te vaak naar dat bewerkte spul, zoals pianostukken van Beethoven, de Sonate Pathétiquem of ' Lieder ohne Worte'. Dat gebeurde zelfs in de orgelbespelingen die wekelijks afwisselend in de Oude en Nieuwe Kerk te Amsterdam werden gehouden.'
Duidelijk een afwijzing van een muziekpraktijk. Het is doorgeslagen naar het 'echte en grote' orgelwerk waardoor het orgel een geïsoleerd bestaan heeft gekregen. De praktijk blijft weerbarstig, want ik tref weinig navolgers van iemand als Geert Bierling. Dat is jammer, want ik zag vorige week hoe een groot publiek bereikt kan worden met een transcriptie van het zeer bekende werk Canto Ostinato van Simon ten Holt.
Bierling zou van mij zelfs een stapje verder mogen gaan en ook de populaire muziek van dit moment mee mogen nemen in zijn concertprogramma's. Dat betekent dat muziek van popartiesten als Michael Jackson, Anouk of Adele best gearrangeerd mogen worden voor orgel.
Links
Kijk op www.classicalrecords.nl voor een interessante aanbieding van deze zes cd's.
Prachtige bewerkingen die een ander licht op het orgel werpen en haar eindelijk verlossen van het religieuze imago. Vooral het relatief onbekende Standaart-orgel in het stadhuis van Rotterdam is een prachtig instrument, zo demonstreert Bierling. Verschrikkelijk veel orgels van Standaart moesten het veld ruimen, met name in de jaren zestig en zeventig. Ze werden gezien als instrumenten uit het dieptepunt van de orgelbouw.
Centraal in deze hele orgelvernieuwing stond de stad Rotterdam. Hier verrezen instrumenten van de firma Marcussen (drie orgels in de Laurenskerk), Flentrop (in De Doelen) en Van Vulpen (zeer veel instrumenten zoals in de Pauluskerk en de Hoflaankerk). Deze bouwers gelden als dè vertegenwoordigers van de Neo-barok, een orgelbeweging die de orgels van de zeventiende en achttiende eeuw als hoogtepunt uit de orgelgeschiedenis zagen. De komst van moderne technieken als de pneumatiek aan het einde van de negentiende-eeuw gold voor deze bouwers als het dieptepunt van de orgelbouw.
Een duidelijke afkeuring van het arrangeren van orkestmuziek, klinkt door in een interview van George Stam (in de jaren vijftig en zestig de organist van de Laurenskerk in Rotterdam). Hij keurt duidelijk de orgeltranscriptie van het populaire muziekstuk af: 'In die tijd werd veel op orgel gespeeld dat niet door de beugel kon. Men greep nog al te vaak naar dat bewerkte spul, zoals pianostukken van Beethoven, de Sonate Pathétiquem of ' Lieder ohne Worte'. Dat gebeurde zelfs in de orgelbespelingen die wekelijks afwisselend in de Oude en Nieuwe Kerk te Amsterdam werden gehouden.'
Duidelijk een afwijzing van een muziekpraktijk. Het is doorgeslagen naar het 'echte en grote' orgelwerk waardoor het orgel een geïsoleerd bestaan heeft gekregen. De praktijk blijft weerbarstig, want ik tref weinig navolgers van iemand als Geert Bierling. Dat is jammer, want ik zag vorige week hoe een groot publiek bereikt kan worden met een transcriptie van het zeer bekende werk Canto Ostinato van Simon ten Holt.
Bierling zou van mij zelfs een stapje verder mogen gaan en ook de populaire muziek van dit moment mee mogen nemen in zijn concertprogramma's. Dat betekent dat muziek van popartiesten als Michael Jackson, Anouk of Adele best gearrangeerd mogen worden voor orgel.
Links
Kijk op www.classicalrecords.nl voor een interessante aanbieding van deze zes cd's.
04 december 2009
De prooi en het geld
Het is een feest der herkenning om in Jeroen Smits De prooi, Blinde trots breekt ABN Amro te lezen hoe de bank ABN Amro van jager verandert in een prooi. Vandaag las ik volgens mij de sleutelpassage, uit de mond van Jan Maarten de Jong. Het speelt na de passage waarin drie leden van de Raad van Bestuur een afvloeiingsregeling krijgen van naar schatting zestig miljoen gulden. Het inkomen van Rijkman Groenink bedraagt bijna 2 miljoen gulden per jaar, waar nog een bonus bovenop kan komen die even hoog is.
De Jong constanteert dan het volgende:
De Jong constanteert dan het volgende:
| Als De Jong in al die jaren iets heeft geleerd dan is het wel dat geld een nog sterkere invloed heeft op mensen dan seks. Het drijft alles. Het is binnen een bank essentieel dat de beloningen en bonussen goed worden gemanaged. Hij is gedeprimeerd door de gevechten in de Raad van Bestuur de afgelopen twee jaar [sinds de Groenink de bestuurshamer heeft overgenomen in 1999 (HJdeW)]. Slimme collega's die elkaar te vuur en te zwaard bevochten over bepaalde kosten die ze bij elkaar neer wilden leggen, alleen maar omdat ze zo hoopten hun resultaat en dus hun bonus te kunnen realiseren. De Jong is bang dat de bank de groeiende hebzucht niet goed heeft gemanaged. (215) |
Labels:
abn amro,
de prooi,
jeroen smit,
nederlandse banken
03 december 2009
Ik vertrek - live
Een vrouw zat met haar moeder in de overvolle trein. Aan de ene kant van de deur zat de dochter op een klapstoeltje. Aan de andere kant zat de moeder, op een klapstoeltje, naast mij.
Moeder informeerde naar het hardlopen en de cursus Portugees. 'Ja', vertelde dochter. 'Martin wil ooit een keer iets beginnen in Portugal.'
Even ervoer ik het televisieprogramma Ik vertrek. Ze corrigeerde mijn gedachten gelijk. 'Maar dat kost wel een paar jaar voorbereiding.'
Eindelijk een realistische emigrant.
Moeder informeerde naar het hardlopen en de cursus Portugees. 'Ja', vertelde dochter. 'Martin wil ooit een keer iets beginnen in Portugal.'
Even ervoer ik het televisieprogramma Ik vertrek. Ze corrigeerde mijn gedachten gelijk. 'Maar dat kost wel een paar jaar voorbereiding.'
Eindelijk een realistische emigrant.
Labels:
afluisteren,
dochter,
forensen,
ik vertrek,
moeder,
trein,
tros
02 december 2009
Huisarts
Ik liep het station uit en haalde mijn fiets uit het fietsenrek bij het station. De deuren floten dicht boven mij op de spoordijk. Het treinstel trok in een gillende snelheid van mij en mijn fiets weg. Ik moest mijn fiets met wat kracht en tact verlossen van de remkabel van de fiets ernaast.
Eindelijk stond ik daar en ik zag een bekend gezicht het fietsenhok in lopen. Ik herkende de korte sik, het kortgeknipte haar en het smalle gezicht. Hij spande zich in om de fiets erin te krijgen en had hem al vaststaan nog voordat ik hem kon passeren.
Wie is die man toch? vroeg ik mij af. Ik kon het antwoord niet bedenken. Ik had hem nog maar zo kortgeleden ontmoet. Was het voor een interview van het één of ander? Of was ik hem gewoon ergens maar kort tegen gekomen bij het hardlopen of zo. Ik wist het echt niet meer.
Pas vele honderden meters verder daagde het in mijn geheugen. Het was mijn huisarts, een Vlaming waarbij ik een maand of twee geleden op bezoek was. Hij is nu zo'n twee jaar mijn huisarts en ik had hem nog nooit ontmoet. 't Was verder niet ernstig, wel een heikele kwestie. Maar ik vond het nogal een 'plezante' vraag, zo bij de eerste ontmoeting.
Hoe snel een huisarts buiten zijn gezondheidscentrum een normaal mens. Daar kan geen heikele kwestie tegenop.
Eindelijk stond ik daar en ik zag een bekend gezicht het fietsenhok in lopen. Ik herkende de korte sik, het kortgeknipte haar en het smalle gezicht. Hij spande zich in om de fiets erin te krijgen en had hem al vaststaan nog voordat ik hem kon passeren.
Wie is die man toch? vroeg ik mij af. Ik kon het antwoord niet bedenken. Ik had hem nog maar zo kortgeleden ontmoet. Was het voor een interview van het één of ander? Of was ik hem gewoon ergens maar kort tegen gekomen bij het hardlopen of zo. Ik wist het echt niet meer.
Pas vele honderden meters verder daagde het in mijn geheugen. Het was mijn huisarts, een Vlaming waarbij ik een maand of twee geleden op bezoek was. Hij is nu zo'n twee jaar mijn huisarts en ik had hem nog nooit ontmoet. 't Was verder niet ernstig, wel een heikele kwestie. Maar ik vond het nogal een 'plezante' vraag, zo bij de eerste ontmoeting.
Hoe snel een huisarts buiten zijn gezondheidscentrum een normaal mens. Daar kan geen heikele kwestie tegenop.
Labels:
fietsstalling,
huisarts,
mensen,
station,
trein,
zorggroep almere
28 november 2009
Canto Ostinato in de Dom
De minimal music leent zich erg goed voor orgel. Het repetatieve element past goed bij het statige karakter van het instrument. Bovendien klinkt het geweldig in de grote (kerkelijke) ruimtes waar orgels vaak staan. Dat weten gelukkig veel organisten. In 1979 baarde Jan Welmers erg veel opzien met zijn orgelstuk Laudate Dominum.
Jan Welmers gebruikt de minimal music van Philip Glass en Steve Reich in zijn compositie. Het resultaat sloeg in de orgelwereld in als een bom. Bert Matter, aan wie Jan Welmers de compositie opdroeg, was zo diep onder de indruk en sprak van de mooiste compositie van de twintigste eeuw. Jan Welmers heeft de minimal music als inspiratiebron gebruikt, de spanningsopbouw voldoet namelijk niet aan het uitgangspunt van de minimal music. In de minimal music is het de bedoeling om vanuit stilstand in een beweging te komen en een hoogtepunt te bereiken, waarna het weer terugkeert in de stilstand. Bij Welmers eindigt het stuk juist in de climax die boordevol spanning zit en waar hij alleen uit kan komen in een volledige ontlading.
In hetzelfde jaar was de premiere van een pianostuk voor vier piano's: Canto Ostinato. Simon ten Holt schreef het stuk in 1976. Dit muziekstuk kan in lengte naar believen worden ingevuld, maar gemiddeld duurt het stuk in uitvoeringen ongeveer twee uur. Met het pianostuk zette Simon ten Holt zich internationaal op de kaart. De compositie wordt nog steeds heel vaak uitgevoerd. Het stuk keert regelmatig weer in de belangstelling terug, maar is weinig door organisten opgepikt.
Twee jaar geleden kwam er een einde aan met een bewerking van Aart Bergwerff voor orgel solo. Hij voert het stuk in ruim een uur uit op een cd waarin hij het orgel van de Lebuïnuskerk van Deventer bespeelt. Daarna speelde hij het ettelijke malen in concerten, soms zelfs met drie piano's erbij. Aart Bergwerff geldt als één van de minimal-organisten van Nederland. Zo heeft hij een prachtige uitvoering van Welmers' Laudate Dominum op het orgel van de Grote kerk in Zwolle opgenomen op cd.
Aart Bergwerff is een leerling van Bert Matter, net als Toon Hagen. Toon Hagen is organist van het Schnitger-orgel in de Grote kerk van Zwolle en improviseert en componeert regelmatig in de minimal music stijl. Vandaag speelde hij samen met Domorganist Jan Jansen in Utrecht een bewerking van Canto Ostinato op Domorgel. Deze bewerking was vierhandig op orgel.
Ook Toon Hagen decimeerde het stuk tot een uur. Hiervoor boette de uitvoering wel aan kracht in, maar het gaf de luisteraars een goede kans om kennis te maken met het werk van Simon ten Holt. Daarnaast overtuigde de uitvoering mij dat het werk zeer geschikt is voor orgel, zeker op zo'n groot instrument en in zo'n overweldigende ruimte.
Doordat het stuk zo snel werd uitgevoerd, mistte ik wel een deel van de betoverende werking die van het origineel uitgaat. Het stuk werd uitermate sterk geregiseerd en gaf daarmee ook een mooie demonstratie van de mogelijkheden van het Domorgel. Op sommige momenten werd ik getroffen door intieme fluiten, of de kracht van het plenum en het tutti. De bazuin van het pedaal schreeuwde dan door de ruimte. Dan viel mij op hoeveel stemmingen een orgel uit kan drukken binnen één muziekstuk.
Volgens mij behoort dat tot hét kenmerk van de minimal music.
Jan Welmers gebruikt de minimal music van Philip Glass en Steve Reich in zijn compositie. Het resultaat sloeg in de orgelwereld in als een bom. Bert Matter, aan wie Jan Welmers de compositie opdroeg, was zo diep onder de indruk en sprak van de mooiste compositie van de twintigste eeuw. Jan Welmers heeft de minimal music als inspiratiebron gebruikt, de spanningsopbouw voldoet namelijk niet aan het uitgangspunt van de minimal music. In de minimal music is het de bedoeling om vanuit stilstand in een beweging te komen en een hoogtepunt te bereiken, waarna het weer terugkeert in de stilstand. Bij Welmers eindigt het stuk juist in de climax die boordevol spanning zit en waar hij alleen uit kan komen in een volledige ontlading.
In hetzelfde jaar was de premiere van een pianostuk voor vier piano's: Canto Ostinato. Simon ten Holt schreef het stuk in 1976. Dit muziekstuk kan in lengte naar believen worden ingevuld, maar gemiddeld duurt het stuk in uitvoeringen ongeveer twee uur. Met het pianostuk zette Simon ten Holt zich internationaal op de kaart. De compositie wordt nog steeds heel vaak uitgevoerd. Het stuk keert regelmatig weer in de belangstelling terug, maar is weinig door organisten opgepikt.
Twee jaar geleden kwam er een einde aan met een bewerking van Aart Bergwerff voor orgel solo. Hij voert het stuk in ruim een uur uit op een cd waarin hij het orgel van de Lebuïnuskerk van Deventer bespeelt. Daarna speelde hij het ettelijke malen in concerten, soms zelfs met drie piano's erbij. Aart Bergwerff geldt als één van de minimal-organisten van Nederland. Zo heeft hij een prachtige uitvoering van Welmers' Laudate Dominum op het orgel van de Grote kerk in Zwolle opgenomen op cd.
Aart Bergwerff is een leerling van Bert Matter, net als Toon Hagen. Toon Hagen is organist van het Schnitger-orgel in de Grote kerk van Zwolle en improviseert en componeert regelmatig in de minimal music stijl. Vandaag speelde hij samen met Domorganist Jan Jansen in Utrecht een bewerking van Canto Ostinato op Domorgel. Deze bewerking was vierhandig op orgel.
Ook Toon Hagen decimeerde het stuk tot een uur. Hiervoor boette de uitvoering wel aan kracht in, maar het gaf de luisteraars een goede kans om kennis te maken met het werk van Simon ten Holt. Daarnaast overtuigde de uitvoering mij dat het werk zeer geschikt is voor orgel, zeker op zo'n groot instrument en in zo'n overweldigende ruimte.
Doordat het stuk zo snel werd uitgevoerd, mistte ik wel een deel van de betoverende werking die van het origineel uitgaat. Het stuk werd uitermate sterk geregiseerd en gaf daarmee ook een mooie demonstratie van de mogelijkheden van het Domorgel. Op sommige momenten werd ik getroffen door intieme fluiten, of de kracht van het plenum en het tutti. De bazuin van het pedaal schreeuwde dan door de ruimte. Dan viel mij op hoeveel stemmingen een orgel uit kan drukken binnen één muziekstuk.
Volgens mij behoort dat tot hét kenmerk van de minimal music.
Labels:
aart bergwerff,
canto ostinato,
domkerk,
jan jansen,
minimal music,
orgel,
simon ten holt,
toon hagen,
utrecht
Abonneren op:
Berichten (Atom)
