Posts tonen met het label driek van wissen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label driek van wissen. Alle posts tonen

16 april 2024

Eerste en laatste regel


De dichtbundel Zombie zoekt zielgeno(o)t van Jan Lauwereyns bevat aan het einde een gedichtencyclus van 15 gedichten. Ze heten 'Pijnboomheuvel, Een heuse zombiekrans'.

Met de gedichten is iets bijzonders aan de hand. Ze hebben een heel strakke structuur. Als je begint met lezen, valt het niet eens zo op. Ik zag bijvoorbeeld de rijmwoorden helemaal niet eens. Net als dat alle gedichten 14 regels tellen, met een rijmschema: a - a - b - c - c - b - e - e - f - g - g - f - h - h.

Eerste en laatste regel

Ik merkte bij het 3e gedicht dat de laatste regel van het vorige, de eerste is van de laatste. Terwijl ik zo doorlas, vroeg ik mij af of er niet een leuk gedicht van zou zijn te componeren. Alle regels die het lyrisch ik herhaalt, komen dan in een nieuw gedicht terecht.

Ik had het rijmschema nog niet ontdekt en bedacht dat het leuk zou zijn om dat gedicht te schrijven in een blog. Het zou dan zo worden:
Probeer een vluchtbeweging, ontsnap aan de leegte die neigt
In alles om niets, je Pinus van Thunberg knikt en zwijgt,

Je pijnboomgeest vertoont zich, voorgrondwezen van blijven,

Naar waarheid die achter prikkels en feiten een puntje zet,
Bij wijlen schijnt de tegenspraak een binnenpret,

Omwille van het vlieten zal het nu beklijven,

Omwille van het drijven zal het hier vergaan,
Met lef van doodsverachting ontdoe je wat nooit is gedaan,

Het mos beraamt, met bittere tranen voor zoete regen,

Een nachtvlinder fladdert zijn onherhaalbare vleugelslagen
Uit liefde voor boze en drang naar kwadere dondervlagen,

Van pissebedden kun je leren het rotten vegen,

Erg ver in elders of vroeger of later ben je niet,
Lees liever het hopen van stoffen in wat je voor je ziet.
Ik ben gek op structuren. Ze geven mijn creatieve maar zeer wild fladderende brein een beetje richting. Ik snap zeker dat veel hedendaagse dichters helemaal niet van structuren houden. En het zoveelste sonnet kan je als dichter snel de keel uit hangen. 

Rijmdwangmatig

Ik heb zelf daarom bijvoorbeeld weinig plezier aan de plezierdichter Driek van Wissen. Terwijl zijn vriend en mededichter Jean Pierre Rawie net zulke structuren gebruikt, maar veel minder (rijm)dwangmatig overkomt. 

Zelf schrijf ik vooral haiku's en heb een eigen vorm gevonden in gedichten die strakke vormen in lettergrepen krijgen. Het lettergrepen tellen dwingt mij om beter na te denken over de tekst. 

Het scherpt mij om zo min mogelijk woorden te gebruiken om precies dat te zeggen wat ik wil zeggen. De verrassing bij het sonnet in de zoektocht naar rijmwoorden ben ik meer en meer als hindernis gaan beschouwen.

Pijnboomheuvel

Tot mijn verbazing zie ik aan het einde van de cyclus precies dit gedicht staan met de titel: 'Pijnboomheuvel'. Bovendien houdt hij de strakke structuur van de andere gedichten hier ook aan, compleet met rijm. Net als dat het ook een bijzonder gedicht oplevert dat niks onderdoet aan de rest. 

Blijft bij mij de vraag of hij dit gedicht het eerst heeft geschreven of dat het al schrijvend is ontstaan, zoals ik het ervaren heb bij het lezen.

de structuur een huis
palen, muren, dak
ramen om uit te kijken


Jan Lauwereyns: Zombie zoekt zielgeno(o)t, Gedichten. Koppernik, 2023. 69 pagina's. 

10 maart 2009

Tachtig vlinderstrikken

Rumoer in de letteren is natuurlijk heerlijk. De literatuur drijft op de haat en nijd. Iemand met minderwaardigheidsgevoelens is altijd snel uit de tent te lokken. Het lijkt erop dat het literair landschap vol zit met minderwaardigheidsgevoel. Je zou denken dat ze van dat vervelende gevoel af waren door het schrijven, maar het lijkt wel of elk gedicht, elk verhaal en elke roman de gevoeligheden vergroten.

Zo volg ik opnieuw met interesse Driek van Wissen die zich uitlaat over de dingen die Komrij zegt in een interview in het tijdschrift van NRC Handelsblad van afgelopen zaterdag. 'Ik heb hem helemaal niet gebeld', krijst de tweede ex- Dichter des Vaderlandse tegen de eerste ex-. 'Ik heb zelfs zijn telefoonnummer niet. Bovendien krijg ik keurig 225,24 euro voor mijn gedichten op de voorpagina van het NRC.' En hij houdt het bonnetje keurig omhoog met de handtekening van de hoofdredacteur van NRC eronder.

Bij dat Dichter des Vaderlands gedoe vliegen de teleurstellingen over en weer. Huilt de één dat de ander geslagen heeft en laat de blauwe plek zien omdat een ander gekrabt heeft. Ik vraag mij af waarom er überhaupt een Dichter des Vaderlands is. Als ik kon dichten en het zou mij door de strot geduwd worden, zou ik er helemaal niet aan beginnen.

De eerste had het niet kunnen weten dat deze functie tot zoveel 'waardering' zou leiden, maar de rest wist het. En waarom vertelt Driek van Wissen niet gewoon dat hij nu een mooie collectie van tachtig vlinderstrikken erbij heeft (met bolletjes, sterretjes en in alle kleuren) en dat hij heerlijk elke week ergens in Nederland een rijmseltje opboerde.

De literatuur begint echt iets van een dierentuin te hebben. Het thema van volgend jaar wordt 'In de drek voel ik mij prettig'. Schrijvers zijn er knorrig genoeg voor.

27 januari 2009

De Dichter des Vaderlands re(a)geert

Vier gedichten per jaar en de poezie promoten. Wat maakt die Dichter des Vaderlands nu zo begerenswaardig dat al die dichter er zo voor vechten. Je verdient er niks mee, zoals Komrij beweert. Je doet het nooit goed, dicht te weinig, of teveel, of het gedicht deugt niet, of het zijn geen gedichten, maar rijmpjes.

Een reactie van de huidige DdV Driek van Wissen in NRC-Next op het artikel van Ilja Leonard Pfeijffer kon niet uitblijven. Deze stond er dan ook vanmorgen in. Dat Pfeijffer in zijn stuk een hoge mate van dichterlijke vrijheid hanteert, viel mij al vrijdag op. Zo heeft hij het gelegenheidsgedicht voor het overlijden van Koningin Juliana in de tijd dat Komrij bedankte voor de taak. Niet omdat NRC de rijmpjes van Driek van Wissen niet wilde. Van Wissen was toen nog volop bezig met zijn campagne, deelde pennen uit met een rijmpje erop.

Ach, iemand die boos en verdrietig tegelijk is, kan zich snel vergissen.

23 januari 2009

Dichtersruzie

Ruziezoekers, daar heb ik een hekel aan, maar ik ben gek op ruziemakers. Zeker als ik aan de zijlijn mag toekijken. Het kan een fascinerend schouwspel opleveren en soms wordt het zelfs theater. Als dichters ruzie maken, is het nog mooier. Want dan ineens zijn dichters gewone mensen.

Vanmorgen schreef Ilja Leonard Pfeiffer een boeiende geschiedenis van de Dichter des Vaderlands in NRC.Next. Een grap was het destijds, stelt hij. Alleen heeft de eerste dichter Gerrit Komrij het spel erg serieus gespeeld met een dichtclub en een ernstige gedichten als er een koningskind geboren werd. Met de komst van Driek van Wissen is de lol er helemaal af. De rijmelarij staat in geen enkele verhouding met de hogere dichtkunst die Van Wissen zou moeten vertegenwoordigen. Afschaffen die hap, concludeert Pfeiffer na drieduizend woorden historie.

Van Wissen rijmt op pissen, missen, gissen en vergissen. Dat laatste heeft de organisatie tot op heden vooral gedaan, vindt Pfeiffer. Eerst door op de stemformulieren een open veld met '...' aan te geven en daarna door de uitslag niet prijs te geven aan de openbaarheid. Later is er volgens Pfeiffer juist weer teveel openbaar geworden, de namen van de eerste honderd stemmers, waaronder Pfeiffer die op zichzelf stemt.

Een schertsvertoning is het geworden, vindt Pfeiffer, die graag ook nog speculeert waarom Komrij in 2004 ineens de handdoek in de ring gooide. Een ruzie met Poetry International, gokt de dichter uit Leiden. Dat terwijl Komrij in de zomer van 2005 nog optrad op het Rotterdamse dichtersfestival. Als je vermoord wordt of voor dood verklaard, sta je een halfjaar later niet weer op uit de dood voor een optreden.

Er liepen genoeg andere moordenaars rond om de eerste Dichter des Vaderlands uit te schakelen. Aan kritiek heeft het niet ontbroken. Hij zou zichzelf hebben verlaagd met deze functie en moest er volgens velen onmiddelijk mee stoppen. Nu lijken de kritikasters van toen met een grote hoeveelheid nostalgie te zijn beneveld. Alles beter dan Driek van Wissen, lijken ze te willen zeggen.

Komrij is van zijn kant ook niet stil. Hij schreef een paar weken geleden al een scherp en lang betoog over deze krankzinnige verkiezing. Verkiezingen als deze zijn spannend en zinderend, maar ze hebben met kiezen en democratie niks van doen. Het zijn peilingen die net als het tv-moment van het jaar of de beste reclame van het jaar door een handjevol mensen zijn ingevuld, maar helemaal niks zeggen over een meerderheid. In de minderheid van een vage internetpoll zit namelijk snel een meerderheid.

Genoeg over al die geruchten, Komrij opperde zelf al eens dat het hele literaire circuit uit roddelaars en zwijmelaars bestaat. Dit lijkt aardig te kloppen uit de gekleurde historie van Pfeiffer op te maken. Literatuur is oorlog, om een andere dooddoener de wereld in te schoppen. Of gewoon: het zijn net mensen.

Degene die zich heel stil houdt, is die rijmelaar uit Groningen, Driek van Wissen. In een debat, twee weken terug, heeft hij wel wat geroepen, maar waarschijnlijk zit hij woensdag glimlachend en knikkebollend de kijker een loer te draaien.

02 december 2007

Rijmen en dichten

Een gedicht van mama, meende mijn broer bij het horen van het sinterklaasgedicht. De rijmparen 'Dubai' met: 'Elke maand is er wel een ver klusje bai'. Het bracht mijn broer tot zijn overtuiging. Hij zat er dik naast. Ik had mijn zwager getrokken.
Voor het eerst kreeg een familielid geen poëzie, maar rijm. Daarom had mijn zwagerman ineens een 'heg', omdat dit zo mooi rijmt op 'weg'.
Dat zijn ze niet van mij gewend. Ik wilde het sinterklaasgedicht verheffen uit de zielige situatie van kromme rijm en woorden die erbij gehaald worden omdat dit nu eenmaal zo rijmt. In plaats daarvan presenteerde ik echte sonnetten die knipoogden naar de hoogstaande literatuur.
Het voorval gisteren heeft me veel plezier opgeleverd. Ik ben nu overtuigd: dit ga ik vaker doen. Niks is leuker dan een sinterklaasgedicht vol van kromme rijm en rare wendingen. Dat hoort gewoon bij dit feest. Al kon ik het stiekem niet laten het gedicht van binnen wat op te fleuren met binnenrijm en andere dichterlijke trucs. Gewoon even een extra sport voor mijzelf.
Over dichten en rijmen gesproken. Sommige dichters komen niet veel verder dan een goede sinterklaasrijmer. Onze Dichter de Vaderlands is zo iemand. Driek van Wissen presenteert zich meer als rijmelaar dan als een heuse dichter.