Posts tonen met het label dichter. Alle posts tonen
Posts tonen met het label dichter. Alle posts tonen

08 februari 2025

Lijfelijkheid - Dichter op Hofwijck 2025


Het buitenhuis van Huygens aan de Vliet in Voorburg ligt in het donker van de avond. Volgens de directeur van het museum dat in het huis gevestigd is, heet dat het deemster. Een woord dat volgens hem de neerlandici wel zullen herkennen. Er zijn veel neerlandici bij elkaar op deze avond. Het is de prijsuitreiking van de gedichtenwedstrijd Dichter op Hofwijck 2025.

Constantijn Huygens

Het thema is lijfelijkheid. De inspiratie voor de tuin rondom het buiten, is voor Constantijn Huygens het menselijk lichaam. Het huis is het hoofd. Verder is alles opgedeeld in lanen en vierkanten. Armen en benen. De boomgaard vormt de buik. Over alles is nagedacht. De lanen met bomen aan weerszijden zijn bedoeld om te wandelen en te filosoferen.

Christaan Huygens

Op de zolder heeft zoon Christiaan veel uitvindingen gedaan. De uitvinding van het slingeruurwerk krijgt in het huis aandacht. Er hangt een oude slinger. We kijken er in de Sael naar. Het is een relatief klein huis. Onder de rode balken zitten we en luisteren naar een lezing. Een spoken word artiest heeft haar ervaringen verwerkt. Ze zingt haar poëzie als een lied.

Beeldgedicht

Mijn inzending voor de wedstrijd is geïnspireerd op de tuin in de vorm van een menselijk lichaam. Het gedicht heb ik geschreven in de vorm van een menselijk lichaam. Een beelddicht waarin allerlei verwijzingen naar het menselijk lichaam verstopt zitten. Als het jurylid Ad Leerintveld vertelt dat er zelfs een 'beeldgedicht' bij de inzendingen zit, weet ik dat ik niet bij de prijswinnaars zit. Anders zou hij het namelijk niet hebben gezegd. 

Ook de publieksprijs gaat helaas aan mij voorbij. Voor iedereen die op mijn (beeld)gedicht 'Lichaam in woorden' gestemd heeft. Heel veel dank daarvoor.

Ouder worden

Zodoende loop ik de prachtige stapel boeken over Hofwijck mis. De 3 gedichten die winnen zijn allemaal ernstig. Gaan over ouder worden, dementie of juist over het kind zijn. Tegen deze mooie taal ben ik niet opgewassen. De winnares hoor ik later op het filmpje dat van de avond gemaakt is, heeft 12 jaar geleden ook de wedstrijd gewonnen. Ze is dus al Dichter op Hofwijck. Nu met een dubbele titel.

Al met al een heerlijke avond. Het is al een feest om op Hofwijck te gast te zijn in het huis van de familie Huygens. Wat een heerlijkheid.

hoofd hart en handen
hofwijck de binnenwereld
voor een buitenplaats

16 april 2024

Eerste en laatste regel


De dichtbundel Zombie zoekt zielgeno(o)t van Jan Lauwereyns bevat aan het einde een gedichtencyclus van 15 gedichten. Ze heten 'Pijnboomheuvel, Een heuse zombiekrans'.

Met de gedichten is iets bijzonders aan de hand. Ze hebben een heel strakke structuur. Als je begint met lezen, valt het niet eens zo op. Ik zag bijvoorbeeld de rijmwoorden helemaal niet eens. Net als dat alle gedichten 14 regels tellen, met een rijmschema: a - a - b - c - c - b - e - e - f - g - g - f - h - h.

Eerste en laatste regel

Ik merkte bij het 3e gedicht dat de laatste regel van het vorige, de eerste is van de laatste. Terwijl ik zo doorlas, vroeg ik mij af of er niet een leuk gedicht van zou zijn te componeren. Alle regels die het lyrisch ik herhaalt, komen dan in een nieuw gedicht terecht.

Ik had het rijmschema nog niet ontdekt en bedacht dat het leuk zou zijn om dat gedicht te schrijven in een blog. Het zou dan zo worden:
Probeer een vluchtbeweging, ontsnap aan de leegte die neigt
In alles om niets, je Pinus van Thunberg knikt en zwijgt,

Je pijnboomgeest vertoont zich, voorgrondwezen van blijven,

Naar waarheid die achter prikkels en feiten een puntje zet,
Bij wijlen schijnt de tegenspraak een binnenpret,

Omwille van het vlieten zal het nu beklijven,

Omwille van het drijven zal het hier vergaan,
Met lef van doodsverachting ontdoe je wat nooit is gedaan,

Het mos beraamt, met bittere tranen voor zoete regen,

Een nachtvlinder fladdert zijn onherhaalbare vleugelslagen
Uit liefde voor boze en drang naar kwadere dondervlagen,

Van pissebedden kun je leren het rotten vegen,

Erg ver in elders of vroeger of later ben je niet,
Lees liever het hopen van stoffen in wat je voor je ziet.
Ik ben gek op structuren. Ze geven mijn creatieve maar zeer wild fladderende brein een beetje richting. Ik snap zeker dat veel hedendaagse dichters helemaal niet van structuren houden. En het zoveelste sonnet kan je als dichter snel de keel uit hangen. 

Rijmdwangmatig

Ik heb zelf daarom bijvoorbeeld weinig plezier aan de plezierdichter Driek van Wissen. Terwijl zijn vriend en mededichter Jean Pierre Rawie net zulke structuren gebruikt, maar veel minder (rijm)dwangmatig overkomt. 

Zelf schrijf ik vooral haiku's en heb een eigen vorm gevonden in gedichten die strakke vormen in lettergrepen krijgen. Het lettergrepen tellen dwingt mij om beter na te denken over de tekst. 

Het scherpt mij om zo min mogelijk woorden te gebruiken om precies dat te zeggen wat ik wil zeggen. De verrassing bij het sonnet in de zoektocht naar rijmwoorden ben ik meer en meer als hindernis gaan beschouwen.

Pijnboomheuvel

Tot mijn verbazing zie ik aan het einde van de cyclus precies dit gedicht staan met de titel: 'Pijnboomheuvel'. Bovendien houdt hij de strakke structuur van de andere gedichten hier ook aan, compleet met rijm. Net als dat het ook een bijzonder gedicht oplevert dat niks onderdoet aan de rest. 

Blijft bij mij de vraag of hij dit gedicht het eerst heeft geschreven of dat het al schrijvend is ontstaan, zoals ik het ervaren heb bij het lezen.

de structuur een huis
palen, muren, dak
ramen om uit te kijken


Jan Lauwereyns: Zombie zoekt zielgeno(o)t, Gedichten. Koppernik, 2023. 69 pagina's. 

27 september 2010

Wat is een gedicht? (2)

Handtekening Eliot (bron: wikimedia.org)
Als eigenaar van deze blog staat het mij vrij om in een nieuwe blog te reageren op lezers en reageerders. Onderstaande tekst is een reactie op de reacties onder de eerdere blog van vandaag met de naam: Wat is een gedicht?

Ik voel mij zeer vereerd. Een prins en een koning der dichters onder mijn blogje te zien staan. Voor alle duidelijkheid: ik voel mij zeker niet gekwetst. Wat ik wel vind, is dat elke mening vergezeld moet gaan met argumenten. In de eerste reactie onder het gedicht stond niet direct een duidelijke reden waarom ik zou moeten stoppen met die gedichten onder een foto.

15 juli 2009

De geest van Vinkenoog

De geest van Vinkenoog
heeft mij te pakken

Hij dweept me al twee
dagen in een LSD-trip

Mijn lippen zeuren elk
kwartier om een joint

Hij zwaait zijn pen
vlekken op mijn boekenruggen

En beent door de kamer
op zoek naar mijn been

Ineens rijmt aap op
noot en mies op niets

Hij heeft mij te pakken
de geest van Vinkenoog

03 februari 2009

Zaterdagmorgen

Het draaiorgel zingt
van Afrika tot in Amerika
de muziek trekt traag
de lege straat in

Een trommel danst na
op de maat en roffelt mij
Toets uw pincode in
raffelen de flappen

Een man steekt een prei
uit de tas naast
sla en een pak
hagelslag met chocolaatjes erin

De bakker heeft geen
Zweeds wit meer, de jongen
aait de tijgerbroden traag
door zijn handen

de machine in en snijdt
in reepjes boterhammen
Het knapje meisje staat
achter hem en drukt haar

heupen tegen hem langs
voor een klant naast mij
Ze streelt vijf Surinaamse
bolletjes voor een euro vijftig

De ochtend jengelt verder
van Amerika tot Afrika
over een leeg plein neuriet
een fluit zes broden op een fiets

Als ik de rust speel
klinkt hij in een wind
door een boom met alleen
takken zonder bladeren

27 januari 2009

De Dichter des Vaderlands re(a)geert

Vier gedichten per jaar en de poezie promoten. Wat maakt die Dichter des Vaderlands nu zo begerenswaardig dat al die dichter er zo voor vechten. Je verdient er niks mee, zoals Komrij beweert. Je doet het nooit goed, dicht te weinig, of teveel, of het gedicht deugt niet, of het zijn geen gedichten, maar rijmpjes.

Een reactie van de huidige DdV Driek van Wissen in NRC-Next op het artikel van Ilja Leonard Pfeijffer kon niet uitblijven. Deze stond er dan ook vanmorgen in. Dat Pfeijffer in zijn stuk een hoge mate van dichterlijke vrijheid hanteert, viel mij al vrijdag op. Zo heeft hij het gelegenheidsgedicht voor het overlijden van Koningin Juliana in de tijd dat Komrij bedankte voor de taak. Niet omdat NRC de rijmpjes van Driek van Wissen niet wilde. Van Wissen was toen nog volop bezig met zijn campagne, deelde pennen uit met een rijmpje erop.

Ach, iemand die boos en verdrietig tegelijk is, kan zich snel vergissen.

20 januari 2009

Wakkere griep

Hoor de griep giert door de bomen
hier in huis huilt zelfs de griep

De koorts fiebert de nacht in
zweet druppels en tranen

De hoest slaat kuchend om zich heen
en verwenst de slaap een ander leven

Een pil, een slok en een puf
brengen de nachtrust even terug

Een snurk doet alsof het slaapt
maar eigenlijk zit de neus dicht

Als de dag insomnia roept
vallen de oogleden van de wakkere

Zou de beterschap wel komen
dan ademt mijn nachtrust rustig verder

26 november 2008

Nico Dijkshoorn (2)

Een, twee, drie, vier
Nico daar, Nico hier

Een, twee, drie, vier
Dijkshoorn dicht zwier

Was hij niet hier
dan verdween het plezier

Frits Spits - lach niet -
Of een gedichtje schiet

Door in de leegte
en de makkelijke woorden

Ik begrijp het niet
wat hij bedoelt en duw

De grap van mij af
en adem de leegte uit

01 oktober 2008

Dichter sta op

Frits Spits is boos, Bassie's vaderschap is een commercial en iemand die letters achter elkaar schrijft, noemt zich een dichter. Teleurstelling, verdriet en misschien ook een toefje vertier. We worden gewoon besodemieterd en noemen dat kunst.
Wat is een gedicht vroeg ik mij gisteren af bij De wereld draait door. De lolbroek Nico Dijkshoorn noemt zijn imitaties van Louis van Gaal een gedicht. Of de oproep om mee te doen met de buurtbarbecue, er zit voor Dijkshoorn allemaal poëzie in.
Het is soms best grappig wat hij uitkraamt, maar ik noem dat geen gedicht. Het is eerder een losse flodder die uitgeschreven is. Een item van Dit was het nieuws, alleen is hier geen actualiteit die de oorzaak is van de grap.
Het valt in het rijtje van de televisiepresentator die even een halfjaar werkeloos is en dan maar een boek schrijft, het fotomodel dat denkt dat een zooitje columns gebundeld een roman is en de zanger die denkt dat een lang liedje een verhaal is.
Ik pleit hier niet voor de dichter en de romancier die vanuit de ivoren toren zijn verhaal bedenkt. Ik roep op voor de fantasie en het verzonnen kunstwerk, dat ik in al die lege boeken mis. De lolbroeken mogen zeker boeken schrijven, maar plak daar niet het woord gedicht op. Dat toont een gebrek aan respect, voor schoonheid, liefde en leven.

24 april 2008

Mogelijk ga ik dat boek lezen

'Indien ik naar het gymnasium was gegaan zoals ik eigenlijk gewild had, inplaats van een H.B.S. 5j., dan zou ze 'deze man waarschijnlijk nooit ontmoet hebben tenzij dan veel, veel later. Mijn leven zou dan een heel ander verloop gehad hebben. En het zijne ook. Welk vreemde gedachte.'
Zo opent Clara Eggink haar memoires aan de dichter die met het kleine geluk beroemd is geworden: Jacques Bloem. Ik kocht het boek vandaag uit een lot met allerlei werken van en over Bloem, en wat delen Van Eyck. De veiling was op de eerste dag van mijn vakantie geweest en dit lot was de enige winst uit de veiling van De Eland uit Diemen. De boeken komen uit het bezit van wijlen Wim J. Simons van uitgeverij De Beuk.
De titel Leven met J.C. Bloem spreekt boekdelen. Zij was 19 en hij was 38 toen ze elkaar voor het eerst ontmoetten. Hij was gecommitteerde bij haar eindexamen. Een leuke man met humor, maar een crime om mee samen te leven. Dat is haar samenvatting van zijn leven.
Het boek bevat ook veel wetenswaardigheden die mij niet zo interesseren. Eggink bestudeert het vroege werk van Bloem uitvoerig en maakt allerlei opmerkingen over de ontwikkeling van zijn handschrift.
Details die mijn aandacht niet hebben.
Getroffen werd ik door de volgende passage over het 'proeven' van boeken: 'Er was in het dagelijks leven in wezen maar één ding waar hij aan verslaafd was niet alleen, maar waar hij alles aan opofferde. Dat waren boeken en het bezit daarvan.
Behalve een lezer was hij een proever van boeken. Het was voor hem soms voldoende letterlijk van een boek te proeven, het niet helemaal te lezen, om te weten was hij eraan had. Het resultaat van die houding ten opzichte van de letteren was natuurlijk dat hij veel te veel boeken verzamelde om in een mensenleven te lezen.' (48)
Het teken van de herkenning, alsof het over mij ging en mijn liefde voor boeken. Ik koop ook altijd boeken met de gedachte dat ik het ooit zou kunnen gaan lezen. Ik koop niet met een voornemen, maar met een mogelijkheid.
Misschien dezelfde houding is de aanleiding dat ik het boekje bezit: het leek me een goede mogelijkheid om later te lezen. Van Egginks boek over Bloem heb ik aardig geproefd.

12 februari 2008

Nog niet dood

Ik blader wat door de nieuwste dichtbundel van Leo Vroman Nee, nog niet dood. Vromans gedichten leveren vaak een chemische reactie op, zoals het gedicht 'Late liefde':

Om op een avond, gelokt door het wit
van een tafellaken een huis in te dringen
en die kamer in van vreemdelingen
waar nog niemand aan tafel zit,

en op hun lege etensborden
mijn vleselijke maar gare dingen
neer te vlijen en men komt eten

dat is minstens net zo goed
als echt gelezen worden
door wie ik nooit heb ontmoet.

Geloof maar dat ik het zal weten
als je wat regels uit een gedicht
van mij oudbakken bot gelicht
bij je naar binnen werkt

Geloof maar dat iets van mij dat merkt.
Dan ben je zoveel dichter bij.
Niet bij die dichter, maar bij mij.

Zo'n gedicht kan ik eindeloos lezen. Het slingert mij tussen metafoor, gedicht en de 'ik'. Van het tafellaken naar de dichter en dan terug naar de ik, die zich zo liefdevol in een gedicht verstopt. Ik laat me daar dan echt in meevoeren.

De naam van de bundel ademt de sfeer van een tweeennegentig-jarige dichter. Elke ochtend wakker te worden met de blijdschap dat je nog niet dood bent. De dagen gaan snel voorbij in het gedicht 'Een psalm voor vandaag en morgen':

waardoor lijkt mijn vandaag zo kort
dat morgen er gisteren wordt?
Heb ik iets overgeslagen.

De dood kwam in Finkers' voorstelling van zaterdag ook heel dichtbij. Soms voelde ik hem echt om mij heen, maar de dreiging voelde niet beangstigend. Zeker ook door de humor die Finkers erbij haalde. In veel opzichten sluit de bundel van Vroman hier bij aan. Dezelfde gelatenheid en openheid, en ook prachtige kwinkslagen. Een bundel om lief te hebben.

Nee, nog niet dood laat zien dat Vroman een dichter van formaat is, net zoals zijn vorige bundel Tweede verschiet uit 2003. Het klimmen der jaren vormt hierbij geen beletsel, maar zelfs een inspiratiebron.

31 januari 2008

Gedichtendag

In Schoorl, Schiedam en Maassluis
dichten rijmelaars en poëten
prullaria halfbakken en binnensmonds.

Alsof gedichten dichten en voordragen
alleen vandaag mag. Morgen klappen
de bundels weer dicht voor een jaar.

Dag gedichten dag

23 januari 2008

Mening

Ik durf het niet te zeggen
terwijl ik eigenlijk vind
dat ze onverstandig is
en eigenlijk naar mijn
raad zou moeten luisteren

Maar als ik het niet zeg
dan kan ze ook niet
luisteren terwijl goede
raad zo verschrikkelijk duur is
en ik het gewoon gratis geef

Toch houd ik wijselijk
mijn tanden op elkaar
bijt door de zure appel
van verzwijgen terwijl de
stilte het geheim mompelt

02 december 2007

Rijmen en dichten

Een gedicht van mama, meende mijn broer bij het horen van het sinterklaasgedicht. De rijmparen 'Dubai' met: 'Elke maand is er wel een ver klusje bai'. Het bracht mijn broer tot zijn overtuiging. Hij zat er dik naast. Ik had mijn zwager getrokken.
Voor het eerst kreeg een familielid geen poëzie, maar rijm. Daarom had mijn zwagerman ineens een 'heg', omdat dit zo mooi rijmt op 'weg'.
Dat zijn ze niet van mij gewend. Ik wilde het sinterklaasgedicht verheffen uit de zielige situatie van kromme rijm en woorden die erbij gehaald worden omdat dit nu eenmaal zo rijmt. In plaats daarvan presenteerde ik echte sonnetten die knipoogden naar de hoogstaande literatuur.
Het voorval gisteren heeft me veel plezier opgeleverd. Ik ben nu overtuigd: dit ga ik vaker doen. Niks is leuker dan een sinterklaasgedicht vol van kromme rijm en rare wendingen. Dat hoort gewoon bij dit feest. Al kon ik het stiekem niet laten het gedicht van binnen wat op te fleuren met binnenrijm en andere dichterlijke trucs. Gewoon even een extra sport voor mijzelf.
Over dichten en rijmen gesproken. Sommige dichters komen niet veel verder dan een goede sinterklaasrijmer. Onze Dichter de Vaderlands is zo iemand. Driek van Wissen presenteert zich meer als rijmelaar dan als een heuse dichter.