25 november 2018

Bakje poep - Sientje (45)

Onze dochter Doris voelde zich al vroeg verantwoordelijk voor Sientje. Als de hond eraan kwam stormen terwijl ze aan het eten was, riep ze ons er meteen bij. Net als dat ze de oplossing vond hoe Sientje haar drinken niet kon omgooien.

Drinken omgooien

Onze teckel had de vervelende gewoonte ontwikkeld om het drinken van Doris om te gooien als het in een open beker stond. De roosvicee vond ze heerlijk om op te drinken. Ze mikte de beker op het kleed en likte daarna de inhoud op. Ze vond het lekker om te doen. Het behoorde tot de heimelijke genoegens van onze teckel. Wij werden er simpel van.

Het kleed is door dit gedrag veranderd in een tapijt vol met vlekken. De donkere vlekken markeren de plekken waar Sientje zich tegoed deed aan de limonade. Het zoete drinken, de melk en de yokidrink hebben deze onuitwisbare sporen achtergelaten. Sientje wist met haar tong wel het drinken tot de laatste vezel uit het kleed te trekken. Er blijft altijd iets achter en dat zien we nog elke dag dat we naar het kleed kijken.

Drinken afschermen

Doris bedacht dat ze natuurlijk het drinken kon afschermen. Daarom zette er een omgekeerde plastic kan over haar beker heen. Zo bleef het drinken beschermd van deze plunderaar. Het bleek een effectief middel, tot Sientje in de gaten kreeg dat ze met iets harder duwen de omgekeerde plastic kan met de beker tegelijk omviel. Het gaf evenveel te drinken, al lag de plas misschien iets meer verspreid.

Bij het uitlaten van de hond scheppen we altijd keurig de uitgepoepte drollen op. Doris zag ongetwijfeld hoe wij de stoep, het gras en het park schoon houden van vieze hondenpoep. Als Sientje per ongeluk in de tuin haar behoefte deed, schepten we het eveneens keurig op. Het bespaarde ons vieze schoenen vol hondenpoep die hun afdrukken overal in huis achterlieten.

Dat andere hondeneigenaren hier minder kieskeurig in zijn, ondervinden we nog altijd regelmatig. Ik ben een vervend hondenpoeptrapper. Het lijkt of mijn schoenzolen hondenpoepmagneten zijn, want waar ook een drol ligt, ik trap erin. En het gebeurt altijd met regenachtig weer als je geen hand voor ogen ziet en nauwelijks een weg kunt bijna over de natte wegen. Dan trap ik erin.

Gevuld plastic bakje

Bij het vullen van de vaatwasmachine zagen we een plastic bakje uit Doris’ stapeltoren. Het kleinste bakje lag daar en er zat een vieze substantie in. Doris had het op het aanrecht gezet. Het was een donker goedje en het vroeg om de nodige bestudering wat het precies was.

Inge keek nog eens goed, rook eraan en merkte toen dat het poep van Sientje was. Blijkbaar had de hond in de buurt van onze dochter gepoept, waarna Doris het keurig in het plastic torendeel stopte. Na de inzamelingsactie bracht ze de vieze substantie keurig naar de keuken. Met afgrijzen dachten we eraan terug dat ze de poep in het bakje drukte. Wat hebben die handjes daarna allemaal gedaan? We konden het ons alleen maar afvragen. Het antwoord daar dachten we liever niet over na.

Lees het vervolg: Voor de gezelligheid »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

[mc4wp_form id=”20905″]

18 november 2018

Teckel en peuter, een maatschap - Sientje (44)

Een klein kind en de hond leven op hetzelfde niveau: de vloer. We merkten het bij Sientje en Doris. Ze verbleven allebei op de grond. Doris kroop rond en voor Sientje was de vloer al haar domein. Ze zwierf er rond op zoek naar iets eetbaars. Haar mand bevond zich op deze hoogte, net als de bench. Van Doris stond de wipper op de grond en daarnaast is zo’n kleine peuter erg op ontdekkingsreis op deze hoogte in huis.

Sientje bekeek het allemaal met bovenmatige interesse. Ze zag wat voor een eten en drinken de peuter kreeg. Dat was voor haar een welkome aanvulling was op het karige dieet dat ze van ons kreeg. Waar Doris was, viel vaak wat te halen. Vaak verdwenen de koekjes die we haar gaven helemaal of gedeeltelijk in de bek van Sientje. Net als dat Doris zich weleens waagde aan een half afgekloven bot van Sientje. Al was zij veel minder gretig dan de hongerige teckel die altijd tekort kwam.

Op elkaar aangewezen

In het nieuwe huis hadden we niet altijd evenveel aandacht voor de 2. De vele klusjes in huis zorgden voor veel afleiding. Daarom waren de 2 steeds meer op elkaar aangewezen. Sientje was altijd wel in haar nabijheid en vormde bijna een 2e moeder. Of op zijn minst een medestander. Ze wisten elkaar te vinden. Het waren heuse partners in crime die elkaar niet corrigeerden bij overtredingen. En Doris was met recht de verstandigste van de 2.

Op een dag vertelde Inge dat ze Doris haar eerste woordje had horen zeggen. ‘Volgens mij zei ze “Sientje” en keek ze naar Sientje.’ Ik geloofde het niet. Inge was er ook nog niet helemaal zeker van. Maar een dag later was het haar helemaal duidelijk. Doris lag op het voedkussen uit de borst te drinken, liet los en wees naar Sientje. Ze zei heel duidelijk ‘Ientje.’ Het overduidelijk bewijs dat het niet een toevallige samenstelling van klanken was, maar een woord met betekenis. Ze wees met haar arm in de richting van Sientje die op de grond zat.

Eerste woordje

Ik was niet bij dit intieme moment en hoorde het verhaal van Doris’ eerste woordje met een beetje jaloezie aan. Gaat bij veel jonge ouders de competitie om de woordjes ‘papa’ of ‘mama’ bij ons ging Sientje er met de eer vandoor. En terecht. Sientje was heel belangrijk in het leven de jonge peuter. Overal waar ze was, zag ze Sientje in haar gezichtsveld. Daar zorgde de teckel wel voor.

Ook hoorde Doris ons deze naam ettelijke malen per dag uitspreken. Om de hond een beetje uit de buurt van ons kind te houden en te corrigeren als ze weer toehapte op iets te eten of te drinken dat Doris bij zich had. Ze hoorde vaker ‘Sientje’ dan ‘papa’ of ‘mama’. Bij het corrigeren van de hond klonk ook vaak de hoge stem van Doris. Ze riep met ons mee. Niet dat het wat hielp; het was vooral heel schattig.

Kind en teckel, een maatschap

Schattig als al het andere wat ze met Sientje deed. Ze was heel lief voor onze teckel en andersom was onze teckel heel lief voor haar. Ze kreeg namelijk flink wat te verduren van die kleine peuter. Er werd vaak aan de oren getrokken of ze kroop bij haar in het mandje. Ook kon ze best hardhandig aan de hond trekken als ze iets wilde of niet wilde.

Sientje pikte het allemaal. Waarschijnlijk onderging ze de mishandeling met het idee dat er dadelijk wel iets lekkers tegenover zou staan. Een redenering die niet helemaal verkeerd was. Het gebeurde vaak dat er na dit soort liefdevolle momenten een onbewaakt ogenblik viel waarop Sientje kon toehappen.

Lees het vervolg: Bakje poep »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

[mc4wp_form id=”20905″]

13 november 2018

Het gebedenboek van Maria van Gelre

Bij de tentoonstelling Ik, Maria van Gelre in Museum het Valkhof in Nijmegen staat een bijzonder gebedenboek centraal. De tentoonstelling laat het monumentale gebedenboek zien dat van deze Gelderse hertogin Marie d’Harcourt (1380 – na 1428) bewaard is gebleven. Een aantal jaar geleden is het gerestaureerd en daarmee geschikt gemaakt voor expositie. Normaal ligt het boek in Berlijn, maar is eigenlijk nauwelijks te bewonderen.

De tentoonstelling in Nijmegen laat een deel van het boek zien; 20 pagina’s die op de helft van de expositie worden vervangen door 20 andere. Maar daarnaast geeft het ook een inkijk in het leven van de hertogin die uit Frankrijk komt. Ze is afkomstig van het Franse hof. Het huwelijk met Reinoud IV, de hertog van Gelre, is geënsceneerd om de banden tussen Gelre en het Franse hof verder aan te wakkeren.

Enorme bruidsschat

De enorme bruidsschat van omgerekend 70 miljoen euro moet worden terugbetaald als het huwelijk kinderloos blijft. Dat is de uitkomst van 10 maanden onderhandelen over het huwelijk. Een indrukwekkend verhaal dat je ziet op de tentoonstelling. Net als dat je een beeld krijgt van het leven aan het hof met jurken en papegaaien, maar ook krijg je een inkijkje in het geloofsleven in de late middeleeuwen.

Hoogtepunt van de tentoonstelling is het gebedenboek dat Maria 10 jaar na haar trouwdag, rond 1415, laat maken. Het boek telt 1200 pagina’s en is daarmee een omvangrijk document uit deze periode. Het is verlucht met 106 miniaturen, 171 sierinitialen en 129 figuren. Zonder twijfel is dit boek een hoogtepunt uit deze periode. Er zijn weinig handschriften die met dit prachtige boek kunnen meten.

Adembenemende schoonheid

De bladzijden die je kunt bekijken zijn werkelijk van een adembenemende schoonheid. In het halfduister, met net genoeg licht om handschrift te sparen en goed te kunnen kijken, buig je over de losse pagina’s. Schuifelend in een rij omdat iedereen wil kijken.

Het is kunst op de vierkante millimeter. Wat een schoonheid. Vergrootglazen liggen erbij. Ik heb voornamelijk met mijn eigen ogen gekeken. Wat ben ik onder de indruk van de kleuren en fijne schilderingen van de miniaturen. Het openingsbeeld met een afbeelding van Maria die het gebedenboek vasthoudt, omringd door 2 engelen. Het grijpt je vast en laat je niet meer los.

Kostbare operatie

Het moet een waanzinnig kostbare operatie zijn geweest. De monnik Helmich die Lewe, broeder in het Arnhemse klooster Mariënborn heeft de tekst gekopieerd. De inhoud is een mengelmoes aan teksten, waarschijnlijk speciaal voor dit gebedenboek geschreven en vertaald. De afbeeldingen zijn ongekend waarmee het boek verlucht is. Niet alleen de miniaturen zijn indrukwekkend, ook de verluchte initialen en indrukwekkende figuurtjes die in de marge en randen staan.

Het zijn de details die dit boek zo bijzonder maken. De minuscule afbeeldingen van gezichten in de initialen. Je kunt ze soms met het blote oog amper zien. Het zijn gezichten die soms naar Jezus refereren of op een andere manier een relatie leggen met wat er staat. Soms is het ook gewoon een fantastisch figuurtje in de kantlijn.

Ruiters en fabeldieren

Ze passeren je: ruiters, muzikanten en fabeldieren. Neem bijvoorbeeld het draakje dat meer is dan zomaar een afbeelding. Ze gedragen zich zoals veel figuren uit de middeleeuwen, half bezwerend, half vermakelijk. Als de figuren die je als decoratie ziet op Gotische kathedralen. Ze vertellen een verhaal, compleet met grimas.

Vergeet daarbij niet dat de inhoud van het boek met de restauratie ook beter onderzocht is. Niet alle informatie is voor handen, zo is er nog geen wetenschappelijke editie van dit middeleeuwse boek voor handen. De gebedenboeken hebben altijd op minder aandacht van de wetenschap moeten rekenen. Niet helemaal terecht.

Gebeden in volkstaal

De inhoud van het boek verraadt dat de gebeden allemaal in volkstaal zijn opgesteld. Een taal die Maria zich in de 10 jaar dat ze getrouwd is met de hertog, helemaal heeft eigengemaakt. Zo buigend over de teksten, merk ik dat ik teksten kan lezen. Zoals het gebed voor Reinoud, dat is geschreven na het overlijden van de hertog van Gelre en Gulik in 1423.

Dit les alle daighe.
Reyner van gulich ind
van gelre sich huden op
hevet . Negen engelen ich yn hu-
den bevele . Drie in sijne[n] weghe .
ind drie in sijnre steghe . ind drie
an allen eynde[n] .
(SBB-PK mgq42 f.391r)

Het geeft een glimp van de middeleeuwen, het gordijn valt even open. Omringd door allerlei voorwerpen uit deze tijd. Het Mariabeeld uit Renkum, maar ook de imposante gietijzeren kaarsenkroon uit de Walburgiskerk in Zutphen.

Een mensenleven van meer dan 600 jaar geleden lijk je even aan te kunnen raken. Heel bijzonder. Een bezoek aan Het Valkhof is dit meer dan waard, want het is alweer 3 weken geleden dat ik was, maar ik geniet nog elke dag na.

Meer lezen

11 november 2018

Kopjes geven - Sientje (43)

Sientje had niet veel belangstelling voor andere dieren. Wat hier de oorzaak van was, wisten we niet. Heel soms gebeurde het. Zoals bij een vriendin in Leiden. Ze werd helemaal wild van haar konijntje. Ze kreeg geen genoeg van de bak waarin het diertje zat. Het konijn lag te rillen in haar hok.

Sientje vond het konijntje erg interessant. Wat zou ze doen als we het konijn los lieten? Daar hadden we geen idee van. We hebben het maar niet getest. Voor hetzelfde geld kreeg ze ineens last van haar jachtinstinct.

Griep

Nog zo’n gebeurtenis waar we versteld van stonden. Misschien was het een koortsdroom. We hadden haar nog niet zo heel lang. Ik was naar Almelo gegaan met een flinke griep. Thuis in Leiden hield ik het niet uit, daarom was ik maar naar Inge gegaan. Vrijwel op hetzelfde moment kwam Inge thuis met dezelfde griep. Zo lagen we naast elkaar in bed met een flinke koorts. De koorts liep hoog op bij ons allebei. We hielden een wedstrijdje. Degene met de hoogste koorts mocht blijven liggen, de ander moest met Sientje lopen.

Zo liep Inge met Sientje, want de thermometer wees bij haar een halve graad lager aan dan bij mij. Ze liep het bermuda-rondje, want ze voelde zich heel beroerd. Zo kwam ze langs het grasveldje voor de oude Ambachtsschool en ging meteen weer terug. Op het grind voor de school zat poeslief een poes. Inge passeerde met Sientje. Sientje kwispelde en liep op de kat af. Inge vreesde het ergste. Maar de poes was blijkbaar honden gewend en gaf Sientje zelfs kopjes.

Kopjes geven

Het was een schattig gezicht en Sientje genoot van de aandacht. We waren dit helemaal niet van haar gewend. Zeker ook omdat ze zo gelaten de poes kopjes liet geven en zelf heel rustig bleef. Geen opwinding of onrust, maar een ontmoeting zoals katten onder elkaar doen. Het bevestigde onze stelling dat Sientje een halve kat was. Gek op de zon en kalm als ze een kat zag.

Inge vertelde het verhaal toen ze rillend van de koorts weer naast me in bed kroop. Ik was stiekem jaloers dat ik niet met Sientje was gaan lopen. De dagen erna zochten we tevergeefs bij het lopen naar de kat. Hij zat er niet meer en hij heeft er nooit meer gezeten. Het bleef bij deze eenmalige belevenis.

Helaas. Ik had het graag gezien hoe innig een hond en een kat kunnen zijn. Zeker ook omdat Sientje zo weinig om andere dieren gaf. Het zou niet alleen haar zelfvertrouwen een duwtje in de rug geven, maar ook ons vertrouwen in haar.

Lees het vervolg: Teckel en peuter, een maatschap »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

[mc4wp_form id=”20905″]

04 november 2018

Opruimer - Sientje (42)

De verminderde aandacht was niet zo erg voor Sientje. Ze genoot van het nieuwe huis en vond snel haar plekje. In de winter scheen de zon een heerlijk eind de woonkamer in. Dat er nog witte plavuizen lagen waarop je bijna uitgleed, deerde Sientje evenmin. Zij genoot van het zonlicht en legde zich uitgespreid te ruste. De ruimte was verder heerlijk. Het park was om de hoek en daar kon ze heerlijk rennen.

Tegelplein

In de tuin vond ze wat minder van haar gading. Achter het huis verrees een tegelplein waar een helikopter een mooie landingsplaats zou vinden. Het bestond alleen maar tegels waar een stukje groen niet te vinden was. Wij wilden het allemaal opknappen, maar er lagen nog teveel andere klussen in huis.

Pas bij het aanleggen van de schutting ruim 2 jaar later, zouden we de achtertuin aanpakken en er zelfs een kikkerpoeltje leggen. Niet dat dit Siens interesse trok. Elk dier, van vogel tot kat, liet haar onberoerd. Ze negeerde deze dieren, schonk er weinig aandacht aan. Ze wilde er hooguit op afstappen uit nieuwsgierigheid, maar dat stelden weer veel katten en vogels niet op prijs.

Maatje Doris

In huis was er wel een maatje: Doris. Het kleine meisje was best interessant en er viel altijd wel wat bij te halen. Als Doris aan het eten was, zorgde Sientje dat ze in de buurt was. Er was wel een onbewaakt ogenblik waarop ze kon inspelen.

Tijdens al die verbouwingen kropen de 2 vaak bij elkaar. Dan lag Sientje heerlijk in de nabijheid van onze dochter. Ook wisselden ze graag van stoel. Dan lag Doris in Sientjes mand, noodgedwongen, want Sientje had een plek gevonden op Doris’ wippertje. Of Doris vond er een genoegen in om in de bench van onze teckel te kruipen. Een gezellig holletje. Dat het er sterk naar hond rook, haalde haar eerder naar binnen dan dat het haar verjoeg.

Elke nieuwe kwast verf die over de muren en deuren ging, maakte het huis meer van ons. De geur van vorige bewoners en de leegstand van een halfjaar, verdween geleidelijk uit het huis. Zeker ook na de echte verhuizing en al onze spulletjes in het nieuwe huis stonden. En – last but not least – werd Doris steeds groter.

Junk af

Ze begon ineens zelf uit de borst te drinken en zo kickte de junk van de moedermelk af. Het was niet meer overal te vinden. Hooguit in een spuugdoekje, die ze dan meteen half verslond. Sientje vond wel weer nieuwe gelegenheden om eten te vinden. Daar hoefden we ons geen zorgen over te maken. Doris kreeg steeds meer vast voedsel en liet dan genoeg vallen om op te likken. Een kaakje was altijd een feest, want de stoel van Doris kreeg meer eten binnen dan Doris. Sientje verzorgde na afloop altijd dat de troep keurig werd opgeruimd.

Lees het vervolg: Kopjes geven »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

[mc4wp_form id=”20905″]

28 oktober 2018

Minder aandacht - Sientje (41)

Best lastig om met een kind genoeg aandacht aan je teckel te geven. Of je leeft met of zonder een kind in huis, er is een groot verschil hoe je omgaat met je hond. Bovendien brak bij mij na de geboorte van Doris een tijd van onzekerheid aan. Ik raakte mijn baan bij de krant kwijt. Na twee jaar werkervaringsplek en een interne opleiding tot journalist was er geen plek voor mij bij het krantenbedrijf. Uiteindelijk vond ik een baan in Amersfoort bij een instelling waarbij het mij erg lang onduidelijk was, wat ze precies deden.

Het werk dat ik gevonden had, stelde wel als eis dat ik in de nabijheid van Amersfoort zou gaan wonen. Op zich had ik daar weinig bezwaren tegen. Zeker ook omdat we een paar dagen voor ik hoorde dat ik aangenomen was, een ernstige bedreiging van de buurvrouw hadden gehad. De buurvrouw die Sientje zo liefdevol had opgevangen toen Coby zichzelf en Sientje buitengesloten had, was verhuisd. Nu woonde er een buurvrouw die zich elk weekend meerdere gaten in de kraag dronk. Ze leefde op ruziënde voet met haar puberende zoon. Zeker in de nachten dat ze dronken thuiskwam leidde dit tot kabaaltaferelen.

Dit zorgde er ook voor dat we hier niet te lang wilden blijven wonen. We kregen de mogelijkheid om te verhuizen. Dat moesten we met beide handen aangrijpen en dat deden we ook. Nog geen 3 maanden nadat ik in Amersfoort begonnen was, verhuisden we naar Almere. De lange ritten van ruim anderhalf uur naar mijn werk in Amersfoort braken ook aardig op.

Ik was blij iets dichterbij een leuk huis te hebben gevonden. Al ontdekte ik snel dat het iets dichterbij toch een aardig eindje uit de buurt lag. Ik deed er alsnog meer dan een uur over om na het dichttrekken van de voordeur, achter mijn bureau te kunnen schuiven.

Sientje onderging de hele verhuizing, het bezichtigen van het huis en de uiteindelijke koop gedwee. Op de dag dat we het huis kochten, gingen we gelijk naar het nieuwe huis, braken het nep-haardje uit de woonkamer en deden nog wat kleinigheden, waarna we terugreden naar Almelo. We hadden Sientje daargelaten. Het zou vooral hinder zijn om haar mee te nemen en je laat je hond niet meer dan een uur achter in een parkeergarage bij strenge vorst. Want het vroor hard op die dag in februari dat de overdracht was.

De wandelingen met Sientje waren in het nieuwe huis ook niet veel verder dan in het oude huis. We vonden een vergelijkbaar rondje. De bermuda-driehoek in Almelo liep ik ’s avonds ook alleen, want het kleine kindje lieten we niet graag alleen in huis. Voor hetzelfde geld gebeurde er iets in die vijf minuten dat we met Sientje liepen. We voelden ons erg verantwoordelijk. Met Doris was er een nieuwe zorg bijgekomen en we namen dat erg serieus.

De periode die daarna aanbrak was een tijd van heel hard werken. Maanden werkten we aan het huis. Onderwijl de boel inpakkend in Almelo. Vanaf de dag dat we voornamen om te gaan verhuizen, verzamelde ik al bananendozen en pakte ik al de boeken in die door het hele huis verspreid stonden. Zo werkten we een beetje in het vooruit. Ook omdat aan het nieuwe huis erg veel moest gebeuren.

Het huis was aardig uitgeleefd en vroeg om iets meer dan een likje verf. Daarbij waren we druk in de weer met het uitzoeken van een nieuwe keuken. Het was erg veel werk dat moest worden verricht. Sientje kreeg minimale aandacht. Doris, het nieuwe werk en het huis schrokten alle aandacht op.

Lees het vervolg: Opruimer »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

[mc4wp_form id=”20905″]

26 oktober 2018

Redmond O'Hanlon, Almere en de groene stad

De 3e stadsschrijver in Almere, Redmond O’Hanlon, heeft 3 jaar in Almere doorgebracht. Na Stephan Sanders en Renate Dorrestein, is ook het resultaat van zijn verblijf een boek: De groene stad. Na zijn beroemde tochten door Borneo, Zuid-Amerika en Congo, was Almere aan de beurt. Dat schept hoge verwachtingen.

De stad en het groen

Het boek is vorige maand gepresenteerd; ik was bij de presentatie. Hier veel aandacht voor de bijzondere kant van de stad, het groen en de archeologie. Blijft bij mij wel de vraag steken wat hij echt van Almere vindt. Het schippert een beetje tussen walging en respect. Het is natuurlijk ook een beetje wiens brood ik eet, wiens woord ik spreek.

Buiten dit valt mij het resultaat De groene stad tegen. Het boek blijft heel getrouw aan de gesprekken die de Britse natuurschrijver heeft gehad met Almeerders. Het blijft bij deze droge opsomming en weergave van de gebeurtenissen. Zeker O’Hanlon doet enkele pogingen om geleerd over te komen. Zo citeert hij meermaals zijn landgenoot Ebenezer Howard (1850 – 1928) die aan de basis staat van Almere met zijn visie op stedenbouw.

Satellietstadjes

Howard is een voorstander van een stad met eromheen kleinere, grotendeels onafhankelijke satellietstadjes. Precies hoe Almere is opgebouwd in zijn verschillende stadsdelen, Almere Stad, Almere Poort, Almere Buiten, Almere Haven en Almere Hout. Het aantal keer dat O’Hanlon hem aanhaalt, is tot vervelens toe. Zo belangrijk is Howard ook weer niet voor Almere. Het lijkt meer te wijzen op Britse trots van de schrijver.

Boven alles mis ik het verhaal. Zijn de reisverhalen van Redmond O’Hanlon echte verhalen, in dit boek blijft het tot een droge opsomming van informatie. Ze krijgt niet de transitie die je wel vindt in de oude verhalen. Het brengt mij bij het schokkende feit dat O’Hanlon bij zijn reis op de Beagle al verklapte: hij kan niet meer schrijven.

Dat vind je ook terug in De groene stad. Een mooi promotieverhaal voor Almere, maar je mist het verhaal dat O’Hanlon ervan maakt. Hij maakt er geen verhaal van en laat het over je overkomen als een stortvloed van VVV-weetjes. Geen origineel idee en helemaal geen verhaal.

Beginnen bij het begin

Want waar zou je de speurtocht naar de Almeerder beter kunnen beginnen dan bij het begin? De oorsprong waarvan de laatste jaren – en ook in de periode dat Redmond in Almere woonde – veel nieuwe informatie is bijgekomen. Het is vrijwel zeker bijvoorbeeld dat hier neanderthalers geleefd hebben.

De vondst van vuursteentjes en verbrande hazelnootjes wijst op mogelijk verblijf van neanderthalers. Of de vondst van het visfuik in Almere Poort wat duidt op menselijke activiteit ver voordat in Engeland Stonehenge werd opgericht. Ingrediënten voor een verhaal waarbij je fantasie op hol slaat, maar bij Redmond O’Hanlon blijft het heel stil.

Grote verwachtingen

Zeker, het zijn de verwachtingen die je misschien hebt van een schrijver, zeker bij een begenadigd schrijver als O’Hanlon. Maar De groene stad laat zich op geen enkele manier vergelijken met deze werken. Heel jammer, maar buiten het feit dat je kunt twijfelen of O’Hanlon hier nog toe in staat is, heeft hij mogelijk minder affiniteit met Almere dan hij zou willen.

Iemand die de ene keer Almere de verschrikkelijkste plaats op aarde noemt en de andere keer dat afdoet met een journalist die hem verkeerd geciteerd heeft. Buiten het feit dat dit verhaal mogelijk nog veel interessanter zou zijn, is het jammer dat O’Hanlon zich er zo makkelijk van afgemaakt heeft.

Redmond O’Hanlon: De groene stad. Vertaald en bewerkt door Rudi Rotthier. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas Contact, 2018. ISBN: 978 90 450 3080 7. 160 pagina’s. Prijs: € 18,99. Bestel

21 oktober 2018

Moedermelkjunk - Sientje (40)

Sien had niet alleen last van de komst van de mensenpup in huis. Voornamelijk profiteerde ze er vooral van. Zo ontdekte ze snel dat mensenmelk erg lekker is. Soms wist ze een beetje afgekolfde melk te pakken te krijgen. Het werd vol overgave opgelikt. Het liefst likte ze het voorwerp waar het in of op lag mee op. Doris had moeite met het drinken uit de borst, waardoor Inge veel moest kolven. Zo zwierven in huis snel allerlei potjes en flesjes met verse moedermelk.

Sientje was gek op al die melk en likte het met liefde op. Net als de voorwerpen in de nabijheid van de melkgevende borsten. De opvangdoekjes die op de tepel de kleren voor plotselinge reflexen moesten behoeden, verdwenen regelmatig in Sientjes bek. Ze likte ze uit, maar verschalkte dikwijls ook grote delen van de kleedjes zelf.

Het vele kolven vroeg om een stevig kolfapparaat. We schaften een groot, zwaar apparaat aan. Dat in een speciale rugzak was ingebouwd. Aan de voorkant zat een grote plastic beschermplaat waarin de buisjes verdwenen om de melk ritmisch aan te zuigen en in het flesje te laten druppelen. Elke borst eentje. Het apparaat maakte een flinke herrie tijdens het pompen en meerdere keren per dag zat Inge aan het kolfapparaat.

Op een dag lieten we het apparaat onbeheerd op een bereikbare plaats staan. Dat hebben we geweten. Bij thuiskomst zagen we meteen dat moedermelkjunk Sientje druk in de weer was geweest met het kolfapparaat. Ze had vakkundig de beschermplaat aan de voorzijde eraf gekregen en helemaal aan gort gekauwd. Het apparaat was onbruikbaar en vakkundig onklaar gemaakt. Vergetend dat daarmee de melk ook niet meer beschikbaar zou zijn.

Natuurlijk gebeuren zulke dingen midden in een verhuizing en we waren net in Almere. Snel nam Inge contact op met een lactatiekundige in de buurt. Zij had gelukkig precies die kolfmachine liggen als demonstratiemodel. Ze schroefde de beschermplaat los en wij konden weer de moedermelk vrijpompen.

Sientje liet zich niet ontmoedigen door alle reparaties en bijbehorende vermaningen. Zij sloopte rustig door. Er zijn flink wat flesjes en zelfs dure spenen gesneuveld. Zodra ze de kans kreeg, taste ze toe en dat ging niet op een lichtzinnige manier. Ze gedroeg zich zoals elke verslaafde die het moeilijk krijgt als hij drank of drugs in zijn nabijheid heeft, maar er niet aan mag komen. Dan gaat het met geweld.

Lees het vervolg: Minder aandacht »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

[mc4wp_form id=”20905″]

14 oktober 2018

Mensenpup - Sientje (39)

Thuis bevallen leek ons wel heel bijzonder. Om zo in je vertrouwde omgeving, met Sientje erbij, het nieuwe leven te begroeten. Want hoe laat je je hond kennismaken met het nieuwe lid van de roedel, de mensenpup. Aangezien we thuis zouden zijn, zou Sientje het ook allemaal meemaken. Een betere introductie kon je je niet wensen.

Vanwege het ontbreken van stromend water boven, moest er beneden een bed komen te staan. We haalden het ziekenhuisbed weer op bij Inges moeder. Het kwam uit onze logeerkamer, maar onze logees moesten het sinds de inrichting van het babykamertje volstaan met een opklapbed in de studeerkamer. Het ziekenhuisbed was naar Inges moeder gegaan. Inge deed in de laatste weken al haar middagdutje op dit bed dat we op de hoge stand hadden gezet. Verder vond Sientje het erg lekker om daar te liggen. Alles was klaar om de baby ter wereld te laten komen.

Na een paar dagen weeën stak de verloskundige de vliezen door. Zo ontdekten we dat de baby in het vruchtwater had gepoept, waardoor we halsoverkop naar het ziekenhuis moesten. Ik vroeg snel aan de buurvrouw of zij Sientje ’s avonds wilde uitlaten. ‘We moeten naar het ziekenhuis voor de bevalling’, zei ik snel. Ze begreep het. Het huis dat we achterlieten was een puinhoop. Drie dagen rondlopen met weeën en het vruchtwater op het kraambed midden in de kamer.

Het zag er allemaal niet schoon uit. Maar we moesten onmiddellijk weg. We konden niet eerst de boel opruimen, daarvoor was de situatie te urgent. We waren allang blij dat ze niet met een ambulance hoefde te worden afgevoerd en we met onze eigen auto konden gaan. Achter de verloskundige aan reden we die Bevrijdingsdag naar het ziekenhuis.

We waren wel een beetje teleurgesteld. Want we hadden ons erg verheugd op de geboorte van ons kind thuis. In onze eigen vertrouwde omgeving met Sientje erbij. Dan kon Sientje meemaken hoe het gezin een nieuw lid erbij kreeg. Het mocht niet zo zijn. Wij moesten halsoverkop naar het ziekenhuis. En de gezondheid van de baby ging voor alles.

De bevalling duurde nog lang, maar ver na middernacht werd het kind geboren. Een meisje, Doris. We waren helemaal gelukkig en na nog enkele flinke complicaties mocht Inge uren later eindelijk naar bed. Ik kreeg als kersverse vader te horen dat ik nu naar huis mocht gaan. Midden in de nacht en ik kon gaan. De auto stond nog op de noodplek. Ik haalde het plastic weg aan de kant van de bijrijder. Daar had Inge gezeten en reed naar huis.

De zon kwam al op toen ik ons straatje binnenreed. Ik kwam binnen zag de troep en een enthousiaste Sien. Ik liep even snel een rondje met haar. De bermuda-driehoek zoals wij dat noemden, naar het eind van de straat. Daar kon je om een stukje gras lopen en keerde je zo weer terug naar huis. Het rondje behelsde niet veel meer dan een meter of tweehonderd. Voor Sientje was dat ruimschoots voldoende voor een plas en een poep. Dan keerde ze vol enthousiame om. Zeker met regen, want met regen wilde ze snel terugzijn. De late thuiskomst zorgde ervoor dat Sientje ook nu snel werd uitgelaten. Daarna probeerde ik snel nog wat te slapen.

Dat ging slecht en een paar uur later belde ik de familieleden om te vertellen dat we een dochter gekregen hadden en dat ze Doris heette. Het duurde lang voordat de klok half negen liet zien, het tijdstip dat ik weer naar het ziekenhuis mocht. Ik liet Sientje snel uit en verdween weer in de richting van het ziekenhuis. Alleen het kraambed had ik snel ontdaan van de natte opvangdoeken. Ik wilde zo snel mogelijk weer terug zijn bij mijn lief en het nieuwe leven dat die nacht was geboren.

Het was nog even heel spannend of ze naar huis mochten, maar uiteindelijk mochten ze toch met mij mee. Helemaal blij en gelukkig stapten we in de auto. Onwennig reed ik met het kindje voorin en mijn lief achterin. Dat hadden we toch mooi voor elkaar gekregen. We waren weer bijna thuis. Zo stak ik de sleutel in het slot, de Maxicosi in mijn hand. Sientje begroette ons en keek nieuwsgierig naar mijn bagage.

Ik zette de mensenpup in de Maxicosi op de grond neer, vlak voor haar. Ze ging ervoor zitten. Ik bleef rustig, maar wel binnen bereik om in te grijpen als het mis zou gaan. Een spannend moment. Sientje keek aandachtig naar het kleine wezentje. Ze zag de vingertjes bewegen. Ze gromde zachtjes, geen raad met deze situatie wetend. Maar ik pakte een voetje van Doris en liet Sientje ruiken. Voorzichtig schoof het neusje in de richting en rook. Ze rook de geur van het nest en begon zachtjes te kwispelen. Het was goed.

Daarna lieten we haar overal bij. Ze mocht ruiken, soms even likken en ook mocht ze bij ons op de bank kruipen. We merkten zelf wel dat onze aandacht voor Sientje verminderde. De aandacht van zo’n klein baby’tje vraagt genoeg energie van je. Sientje moest er wel aan wennen, maar we betrokken haar bij alles, om zo de aandacht te geven en te voorkomen dat ze jaloers werd. Alles was anders geworden. Ook voor Sientje.

De komst van het nieuw roedellid, zorgde er voor haar voor dat ze veel waakser werd dan voorheen. Vreemden mochten niet te snel te dicht in de buurt van onze pup komen. Dan vloog ze blaffend en grommend op hen af. Het zorgde soms voor een beet in de knie. Dan stond ze blaffend voor iemand en hapte ze tijdens het blaffen in de knie. Of het nu door het blaffen kwam of bewust was, durf ik niet te zeggen. Maar de roedel werd beter bewaakt dan ooit. Dat stond als een paal boven water.

Lees het vervolg: Moedermelkjunk »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

[mc4wp_form id=”20905″]

07 oktober 2018

Veluwe - Sientje (38)

Er zit een breekpunt in het verhaal van Sientje. Het leven dat voor ons sinds die datum voor altijd veranderd is. We hadden Sientje 4 jaar toen Inge zwanger werd. Dat betekende een grote verandering in ons leven. Het begon al met de huwelijksreis in Barcelona, waar Inge net zwanger ’s ochtends misselijk op de bus wachtte.

Het lopen viel haar steeds zwaarder, waardoor het vertrouwde ommetje dat we ’s avonds altijd maakten, een wandeling voor mij alleen werd. Ook liepen we niet meer de wandelingen in de omgeving bij Delden of de molen van Bels. Ik was begonnen met hardlopen en liep zo langzaam aan steeds minder ver met Sientje. Niet dat ze dat erg vond. Ze vond luieren op de bank veel plezieriger. De rollen veranderden.

We voelden dat alles anders zou worden. Daarom trakteerde ik Inge in februari nog op een weekendje op de Veluwe. Gewoon als cadeautje en om voor de laatste keer te genieten dat we nog met zijn tweeën waren. We werden ouders en straks zou alles anders zijn. Daarom gingen we een paar dagen naar de Veluwe. We namen onze intrek in het hotel waar het Nederlands elftal ook vaak trainde, bij Hoensbroek.

Ik had bij de reservering gevraagd om een kamer beneden omdat Inge veel last had van de bekkeninstabiliteit. Ook zou het makkelijker zijn met de hond. We waren heel blij dat we er met een hond in mochten. Het avontuur in het hondenhotel wilden we Sientje niet zo snel weer aandoen. Daarom namen we haar mee. De kamer die we kregen toegewezen was uiteraard niet beneden. We moesten een stalen wenteltrap op omhoog. Inge had er veel moeite mee, niet alleen haar bekkeninstabiliteit speelde hierbij parten. Ook haar hoogtevrees maakte het niet makkelijker.

Ik vond al snel een plekje om lekker te kunnen hardlopen en lopen met Sientje. Het zwembad viel erg tegen. Het was klein en vooral ijskoud. Iedere bezoeker leek het daarmee eens te zijn. De weinige mensen die ik de eerste avond een duik zag nemen, kwamen er nog sneller uit dan ik. Maar de bij de prijs inbegrepen maaltijden waren heerlijk en we wisten ons heel aardig te vermaken.

Omdat het hotel midden in de Veluwe lag, maakten we ook een uitstapje naar het Kröller-Möller. Niet alleen kijken naar de herten, maar ook genieten van de kunst. Onderweg keken we uit naar de burlende herten. We zagen een groepje edelherten op één van de uitzichtpunten. Het vroor dat het kraakte, maar er lag geen sneeuw. Voorzichtig reden we over de wegen in het natuurgebied. Het was best druk in de voorjaarsvakantie.

We parkeerden de auto een eindje van het museum af en moesten een aardig stukje lopen. Sientje lieten we in de koude auto achter. Een dekentje bij de hand. Ze keek ons na door het achterraampje. Een hond kon je in de winter wel achterlaten, zelfs als de voorjaarszon flauwtjes op de auto brandde.

In de hotelkamer genoot ze van de mogelijkheid om op bed te springen. Als we er niet in lagen, lag zij er wel op. We maakten niet meer de grote wandelingen van weleer. Ik liet haar bij Inge achter als ik ging hardlopen. In het bos hoefde het van haar allemaal niet zo ver. Zo luierde ze meer en meer. Ze begon een oud hondje te worden. Op bed sliep ze alsof ze nooit anders had gedaan. En wij genoten van deze laatste vakantie samen.

Lees het vervolg: Mensenpup »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

[mc4wp_form id=”20905″]