Posts tonen met het label autobahn. Alle posts tonen
Posts tonen met het label autobahn. Alle posts tonen

26 april 2008

Heenreis

Eindigen met de heenreis. We rijden op tijd weg van huis, plannen een pauze een uur na het middaguur. Dan zijn we Nederland wel uit, denken we.
De wegen denken daar anders over. Geen files maar veel langzaam rijdend verkeer. Geen opstoppingen, maar openliggende wegen. De weg naar Luik blijft ons verrassen. Ook mijn idee van de stoplichten midden op de snelweg, bij Eindhoven. Ze zijn er, inderdaad, alleen veel later dan ik in mijn gedachten heb.
Machines graven bulten en gaten rond de weg. Het verkeer sluipt er tussen. Ze zoekt de smalle strook asfalt die er nog ligt. Boren drillen de vullingen uit het gebit en kiepauto's komen met zand aan en rijden met zwarte aarde weg. Geel zand, dat is nodig om deze weg te redden.
Als we dan vlak na Eindhoven bij Weert een bordje patat met een kroketje eten, dan verbazen wij ons over het trage tempo. Dat gaan we terug dus niet doen, hebben we in het hoofd. Nu mag ik achter het stuur.
De Belgische wegen hobbelen de auto. Er liggen meer gaten in de weg dan stukjes asfalt rond de gaten. Ik sla me door het knooppunt bij Luik en heb moeite de nieuwe regels te snappen en toe te passen. Eindelijk begrijp ik het, een klaverblad is hier anders en je voegt van rechts in.
We rijden plankgas en de auto kruipt steeds langzamer. De teller daalt van 100 naar 90 en zakt verder naar beneden. De oren vallen steeds dicht en ik begrijp niet wat er nu gebeurt. Een versnelling lager, helpt niet, maar in de achteruitkijkspiegel zie ik geen rookpluimen. Ik denk dat de auto het begeeft, maar de benzinemeter is halfvol en de andere meter zegt ook niks raars. Geen lampjes branden en de rare luchtjes blijven eveneens weg.
Dan is het antwoord er: een hele diepe afgrond is voor ons. De snelweg zakt plotseling naar beneden. Als het water dat over het hoogste punt van de waterval glijdt en naar beneden stort. Zo versnelt zich het verkeer met ons naar beneden.
Als de Duitse Autobahn weer andere regels vertelt, wat verderop, en de sneeuw om ons heen dwarrelt, bedenk ik dat het onzin is dat ieder land zijn eigen verkeersregels heeft. Waarom regelen we dat niet centraal? Waarom moet het allemaal anders, terwijl alle verkeer op elkaar lijkt.
We voelen ons blij als het huisje in zicht komt. Lekker een kopje koffie met een broodje. Een echt Kaizerbrödchen. Daarvoor zijn we hier.

24 april 2008

Bernkastel-Kues

Kronkelweggetjes waarbij we achter een vrachtwagen de heuvels op en af gaan. De vrachtwagen achter ons sandwicht ons bijna tegen de vrachtwagen voor ons, die gedwongen door zijn voorgangers ook niet veel harder dan veertig rijdt.
De tocht naar het Moezelstadje Bernkastel-Kues vraagt geduld en veel ootmoed als je dezelfde toeristenroute neemt als wij. Gelukkig is de weg die het sterkst afdaalde, de weg waar vrachtwagens niet geduld worden.
Getroffen word ik vooral door het ziekenhuis, het Krankenhospital in Kues dat heel mooi vanaf Bernkastel te zien is. Het koor met het witte pleisterwerk en de rood geverfde stenen rond de gotische ramen is een adembenemende combinatie. Zeker ook het idee dat deze kapel de Middeleeuwse bibliotheek van de theoloog Nicolaus Cusanus herbergt. Het behoort tot een van de best bewaarde privé-bibliotheken uit deze tijd.
Wij lopen hier echter aan voorbij, een peuter van bijna drie kun je niet echt blijmaken met een museum. Wij kiezen voor een gebakje in een van de vele koffiehuizen rond een van de vele pleintjes van Bernkastel. We laten ons verrassen door de vakwerkhuizen en duiken tenslotte zelfs een wijnwinkel in. Uit eigen wijngaard, zegt de verkoopster erbij. Ze drukt me een folder in handen over Bernkastel-Kues die ik allang heb, maar haar vriendelijkheid zorgt ervoor dat ik hem even hartelijk aanneem als de vorige bij de VVV.
Het doosje met wijn moet de regen trotseren die ons behoorlijk toetakelt als wij de brug oversteken. Langs het Krankenhospital lopen we naar de auto die in de parkeergarage in het oude treinstation staat geparkeerd.
De regen slaat ook tegen de autoruit en we kiezen voor de minder toeristische route naar huis: de Duitse Autobahn.

19 april 2008

De band lek

Ik heb de band lek. Een docent bij mijn studie Nederlands had van deze zinsconstructie zijn levenswerk gemaakt. Dankzij hem gebruik ik deze constructie altijd als ik een lekke band heb.
Het hebben van een lekke band is wat minder. We reden op de Duitse Autobahn op de terugweg van een rit naar het Luxemburgse Echternach en Vianden. Ik moest een ongebruikelijke uitwijkmanoeuvre maken. De hoge snelheid waarmee sommige Duitsers over hun snelwegen razen verbaasde mij op vakantie meer dan eens en vroeg veel anticipatie.
We reden voorbij het Dreieck Moseltal toen ik een vreemd geluid rechts achter hoorde. Een voorbijrijdende auto gebaarde dat ik van de weg af moest. De eerstvolgende afslag verliet ik de snelweg en parkeerde ik de auto in het dorpje Schweich bij het Hotel Zum Moselbrücke. Een lekke band loerde met loenzende blik naar mij. De ANWB-alarmcentrale gebeld en gedineerd tijdens het wachten, het was al rond zessen in de middag.
De medewerker van de ADAC wees ons op de versleten achterbanden. Een vreemde gewaarwording omdat wij enkele weken voor vertrek de auto aan de jaarlijkse APK hadden onderworpen. Blijkbaar waren de achterbanden aan het oog van de keuringsmeester ontsnapt. Dat ik de band lek had zo kort na de keuring, zal hem zeker niet ontgaan...