10 november 2014

Bommenwerper

image

Een oud-collega van de krant benaderde mij een tijdje terug om een bijdrage te leveren aan een boek over de Tweede Wereldoorlog in Delden. In het laatste halfjaar bij de Tubantia schreef ik over een bijzondere operatie: de berging van een Britse bommenwerper.

In een weiland bij Bentelo was de Britse bommenwerper van het type Short Shirling MK 1. Het toestel was in de nacht van 27 op 28 augustus 1942 op weg naar het Duitse Kassel. Naast de 7 bemanningsleden waren ook 4 grote bommen aan boord, zogeheten 1900 ponders.

Voor het boek schrijf ik over het voorval zelf en de nasleep, waaronder de berging van het vliegtuig en de begrafenis van de bemanningsleden. Meer dan 60 jaar na de gebeurtenis is het toestel geborgen. Het leverde veel gesprekken op in het dorp en bij ons op de krantenredactie.

Een deel van de gebeurtenissen mocht ik vastleggen voor de krant. Het leverde mooie verhalen op, 60 jaar na de bevrijding. Volgend jaar is het alweer 70 jaar geleden dat Nederland bevrijd werd. Daarom verschijnt er weer een boek over een oorlog die eindeloos te boek gesteld is.

Het schrijven van mijn bijdrage voor het boek roept de herinnering van de berging weer op. Dat ik daar in het drassige veld bij de burgemeester stond te luisteren naar de vondsten. Of de momenten dat mensen uit de buurt mochten kijken en hun verhalen vertelden. Ik luisterde en schreef.

Ik zal nooit vergeten hoe ik ooggetuigen sprak. Zij vertelden over het ongeluk alsof het een dag eerder was gebeurd. Wat een prachtige kans dat ik het weer mag opschrijven.

09 november 2014

Muur

image

Het is vandaag 25 jaar geleden dat de muur viel. Ik heb een speciale band met de muur. Voordat de muur viel hadden mijn ouders contact met mensen uit Oost-Duitsland. Ik schreef brieven met hun dochter en later mocht ik zelfs een paar keer mee.

We reden met andere mensen van onze kerkelijke gemeente de 850 kilometer van Veenendaal naar Lohmen in de DDR. Ik zal de reizen nooit vergeten. Vooral de aanblik van die hoge wachttorens en het lange wachten bij de grens.

Later gingen we met de trein. De douanebeambten hielden ervan om gretig misbruik te maken van hun macht. Zo verdween een medewerker met het paspoort van mijn moeder om het vlak voor het vertrek van de trein terug te geven. De trein bleef al die tijd staan bij de grens. Ik zie de Oost-Duitse vlag nog dapper wapperen. Een paar maanden later verdween de grens.

Nu kwamen de Oost-Duitsers bij ons. Hun dochter – het meisje waarmee ik schreef – heeft zelfs nog een weekje bij ons gelogeerd. De grens was open en ze genoot met volle teugen van haar vrijheid. Ze keek haar ogen uit. Net als de anderen die kwamen. Aardbeien midden in de winter en volle supermarkten. Dat kenden ze niet. De herinnering aan de lange wachtrijen voor de winkels was nog sterk.

Nog weer later, ik studeerde en zocht de herinnering aan het oosten weer op. Ik ging met kerst, wilde dat weleens meemaken: kerst in Duitsland. Het meisje bood me aan mee te gaan naar Berlijn waar zij woonde en studeerde. Ik zou pas later gaan nadat we weer brieven schreven.

Het werden andere brieven en we kregen iets. Het oosten en het westen begonnen iets met elkaar. Ook nu spraken we over de oude DDR-tijd. De wereld was veranderd en ze dacht met weemoed terug aan de vervlogen tijden. De volle supermarkt eiste ook andere dingen. Het zorgde ook voor veel verwarring. Een paar maanden en vakantie naar Italië later ontdekten we dat onze relatie niet werkte.

Bij het zien van de beelden van de val van de muur, denk ik terug aan die tijd. De beelden van Lenin en Marx waren in 1998 nog niet overal geveld. Het verschil tussen oost en west kon je nog goed zien aan de gebouwen. De nieuwe hoofdstad van Duitsland was één grote bouwput. De muur stond nergens meer, maar hij was overal. Hij was afgebroken, bijna geen plekje was meer hetzelfde als voor de val van de muur, maar hij leefde nog in de levens van de mensen.

Misschien is het nu anders. Ik weet het niet, want ondanks alle voornemens kom ik er niet toe er weer heen te gaan. Iets weerhoudt mij. De weemoed naar iets dat er niet eens was. Het idee dat het Berlijn van mij niet het Berlijn van nu is.

08 november 2014

Draken

20141019_102845Hongkong ligt op het schierland Kowloon wat negen draken betekent. In Paul Theroux’ De laatste dagen van Hongkong wordt een aantal keer naar de draken verwezen. Zo zou oprichter Chuck de textielfabriek in ‘de Buik van de Draak’ hebben gebouwd. Een speciale wichelaar wijst deze plek aan om de fabriek te bouwen.

De grond lag aan de rand van de oude tong waar de Negen Draken zich, zo zei hij, in een legendarische eeuw voorover hadden gebogen om te drinken. (23/24)

De verteller verwijst graag naar dit aspect en de draken keren vaak terug in de roman. De koper Hung nodigt Bunt uit in de Golden Dragon. De verteller weet mooi tussen haakjes te melden dat de naam van dit restaurant hem bekend voorkomt.

Later trakteert Hung op thee en noemt het de drakenbron. De vijver waar de draken uit dronken, de plek waar de fabriek staat en die weer terug moet naar de Chinezen.

De draken geven het verhaal iets geheimzinnigs. Het spel met de draken maken deze roman van Paul Theroux tot een heerlijke belevenis.

Paul Theroux: De laatste dagen van Hongkong Oorspronkelijke titel: Kowloon Tong, The Last Days of Hongkong. Amsterdam, Antwerpen: Uitgeverij Atlas, 1997. ISBN 90 254 2102 4. 238 pagina’s.

07 november 2014

Geen heilig boontje

20141019_102827Hoofdpersoon Bunt in De laatste dagen van Hongkong is zeker geen heilig boontje. Hij is niet getrouwd, maar weet wel waar hij de liefde haalt. Zijn favoriet is zijn werkneemster Meiping en daarnaast bezoekt hij tussen de middag geregeld een club om aan zijn grieven te komen. Of zoals de verteller het zegt:

[H]et kwam hem voor alsof hij met zijn lunchbezoekjes aan The Pussy Cat, Happy Bar en Kack’s Place misschien wel een familietraditie voortzette. (31)

De meisjes uit de clubs en het bedrijven van de liefde met een medewerkster, zijn Bunts geheim. Niemand weet het. Zelfs zijn moeder niet, terwijl zij alles van hem weet.

Het maakt hem chantabel want als de Chinees Hung de geheimen op het spoor komt, zet hij het goed in om Bunt tot verkoop van zijn textielfabriek te dwingen. Het maakt Bunt tot een hopeloos figuur. De lezer heeft het zelf al op de eerste bladzijde in de gaten. Terwijl de hele wereld zich tegen hem spant, lijkt Bunt de laatste te zijn die de val ziet.

Paul Theroux: De laatste dagen van Hongkong Oorspronkelijke titel: Kowloon Tong, The Last Days of Hongkong. Amsterdam, Antwerpen: Uitgeverij Atlas, 1997. ISBN 90 254 2102 4. 238 pagina’s.

06 november 2014

Duikelen - #WoT

20141102_212647duikelen (onoverg.; duikelde, h. en is geduikeld), 1 (veroud. gew.) onder water duiken; 2 over het hoofd buitelen: achterover, voorover duikelen; 3 (inform.) (draaiend) vallen: hij is uit zijn bed geduikeld; 4 (fig.) (van waardepapier) dalen; 5 (fig.) failliet gaan; 6 (fig.) zakken voor een examen.

Af en toe komen woorden je tegemoet zonder dat je er iets voor hoeft te doen. Zoals het woord waarover vandaag kunnen bloggen: duikelen. Het kwam voorbij in de tweetchat #blogpraat van vorige week. Raymond haalde het aan. De trouwe #WoT-deelnemer Martha vond het een mooi woord voor de #WoT.

Duikelen leg ik vooral in verband met het woord ‘kopje duikelen’ of zoals ik het vroeger – en onbewust nog steeds – noemde: koppeltje duikelen. Het was de onmogelijkheid met gym. Dan stond ik voor die mat en moest voorover een koprol maken. Het lukte nooit.

Ik was ook een stijve hark die onmogelijk het lichaam in een gewenste vorm kreeg. Ik steunde op mijn hoofd, maar kreeg het niet voor elkaar mij te laten vallen. In het gunstigste geval draaide ik half om en lag op mijn zij naast de mat. Hoe vaak ik het ook probeerde, ik kreeg het trucje niet in de gaten.

Pas toen ik 18 was, kreeg ik het voor elkaar. Ik zat op juijitsu, liet mij de koprol een keer voordoen en deed hem meteen na. Dat was het dus. Al waag ik mij nooit aan de oude koprol zoals ik die bij gym leerde. Veel te gevaarlijk.

Waar denk jij aan bij duikelen? Buitel jij in de rondte of laat jij je rechtop vallen? Ik ben heel benieuwd.

#WoT

Bij de #WoT schrijven bloggers over een woord of een foto. Elke donderdag verschijnt een nieuw woord waarover je kunt bloggen. Deelname is geheel vrijblijvend. Plaats een reactie onder dit bericht waarin je het linkje plaatst naar je blog.

De #WoT is opgezet door @metkcom en daarna door @pixelprinces overgenomen. Vanaf september 2014 hou ik het stokje in mijn hand. Schrijf vandaag mee over het woord: buitelen.

05 november 2014

Schildpadei

20141019_102815Gegrepen door de onrusten in Hongkong pak ik Paul Theroux’ roman De laatste dagen van Hongkong erbij. De paraplu’s van nu hebben een oorsprong. Ik denk dat deze ligt bij de overdracht van de Engelse kroonkolonie aan China in 1997.

Ik herinner mij het item op het journaal. De stad werd feestelijk overgedragen aan de Chinezen. Er waren allerlei afspraken gemaakt met de communistische Chinezen. Zo kreeg de stad een andere bestuursvorm dan de rest van het land.

Of de stad onder het bewind van de Engelsen zo democratisch was, kun je je afvragen. De zorgen om de democratie waren niet echt gegrond.

Opiumhandel

De stad Hongkong dankt haar bestaan aan de opiumhandel. Het vormde een legitieme vrijhaven om de rest van Azië onder controle te krijgen door middel van de opium. De stad is altijd de brug tussen China en het westen gebleven. Ook na de overdracht van de Engelsen aan de Chinezen.

De roman van Paul Theroux gaat op een mooie manier in op de onrust bij de overdracht van de stad. Hoofdpersoon Bunt noemt het steevast ‘de Chinese afhaalmanoeuvre’. De persoon Hung staat voor het nieuwe Chinese bewind. Nog voor de overdracht willen zij de stad van alle Engelse invloed hebben ontdaan.

Alles speelruimte

Bunt vertrouwt de man niet, maar hij geeft hem alle speelruimte. Het blijft beperkt tot waarschuwingen in de richting van de andere betrokkenen, zoals zijn moeder Betty en zijn advocaat Monty. Hung gaat ver om Bunt tot verkoop van zijn bedrijf te dwingen.

Een aantal Chinezen zijn op de hand van de Engelsen, zoals de huisbediende Wang, zijn medewerkster Meiping en de conciërge meneer Wu.

Sinds 1984 had Wu de vlag juist angstvallig punctueel opgehesen, alsof hij daarmee stelling nam tegen de Overname. Wu was degene die weigerde de naam van de dictator van China uit te spreken – Bunt wist niet eens hoe die heette, dus dat maakte weinig uit. Wu had een bijnaam voor de man, en iedereen die hoorde dat Wu het over ‘het schildpadei’ had, moest erom giechelen. (119)

Het verwondert niet dat hij opeens is verdwenen. Net als anderen die zich kritisch uitlaten over ‘het schildpadei’. In zekere zin geldt dat ook voor de overleden meneer Chuck, de compagnon van Bunt. Van Chuck heeft Wu de bijnaam van Mao overgenomen. Daarom is het niet zo vreemd dat hij er niet meer is.

Paul Theroux: De laatste dagen van Hongkong Oorspronkelijke titel: Kowloon Tong, The Last Days of Hongkong. Amsterdam, Antwerpen: Uitgeverij Atlas, 1997. ISBN 90 254 2102 4. 238 pagina’s.

04 november 2014

De laatste dagen van Hongkong

20141019_102836Het oproer in Hongkong gooide de roman van Paul Theroux over deze stad in mijn schoot. Het enthousiasme over zijn andere Aziatische roman Saint Jack zorgde voor hooggespannen verwachtingen. Zeker ook omdat het onderwerp van De laatste dagen van Hongkong goed aansluit bij de roman die in Singapore speelt.

Verval is een centraal thema in het oeuvre van Paul Theroux. Hij bezoekt graag plekken die niet zo hoopvol stemmen bij zijn reizen, maakt graag gebruik van vervoersvormen die hun glorietijd achter de rug hebben en weet op een treffende manier in aanraking te komen met hoertjes en mensen in de goot.

Dat deze personages in zijn romans net zo goed voorkomen als in zijn reisboeken, zal niet bevreemden. Al zoekt hij in zijn romans het liefst de grenzen op. Een personage dat rijk en machtig is valt harder dan een personage dat straatarm is en niks te vertellen heeft. Het contrast van de westerling in den vreemde, doet de rest. Het verhaal vertelt zichzelf.

Dat proces zie je ook in De laatste dagen van Hongkong gebeuren. De roman opent met de dood van meneer Chuck. De Chinese zakenrelatie runt met de hoofdpersoon Neville George Mullard (kortweg Bunt) een grote textielfabriek in de Engelse kroonkolonie. Eigenlijk was Chuck samen met Bunts vader de fabriek begonnen. De oude Mullard overlijdt als Bunt 11 jaar oud is. Daarom neemt hij na het behalen van zijn middelbare-schooldiploma het werk van zijn vader over.

Tot zijn verbazing erft Bunt de hele onderneming van de Chinese zakenman. Nu heeft hij de hele fabriek in zijn bezit.

Bunt vond het een vreemde gewaarwording dat Imperial Stitching nu helemaal van hem was en hij voelde de drukkende aanwezigheid van anderen om hem heen in de onderneming: wijlen zijn broertje en naamgenoot, wijlen zijn vader en nu meneer Chuck. Ze gaven hem aanwijzingen, ze achtervolgden hem en vroegen om aandacht. (39)

Vooral zijn moeder Betty is veeleisend. Ze behandelt de 43-jarige Bunt alsof hij haar man is. Het lijkt wel of zij via hem wraak wil nemen op haar overleden echtgenoot die haar allerminst trouw was.

Betty moet ook niets van Chinezen en Chinees eten hebben. Moeder noemt de Chinezen steevast ‘spleetogen’. Ze is afkerig van de liefde van haar zoon, de Chinese werkneemster Meiping. Moeder Betty ziet haar het liefste verdwijnen.

Paul Theroux: De laatste dagen van Hongkong Oorspronkelijke titel: Kowloon Tong, The Last Days of Hongkong. Amsterdam, Antwerpen: Uitgeverij Atlas, 1997. ISBN 90 254 2102 4. 238 pagina’s.

03 november 2014

Intertekstualiteit

20141102_115036Tijdens mijn studie literatuurwetenschap ben ik een tijdje superenthousiast geweest over de Russische literatuurwetenschapper Bachtin. Hij introduceerde in de jaren ’20 en ’30 veel nieuwe begrippen in de literatuurwetenschap. Waaronder heteroglossie, polyfonie, carnivalesque en intertekstualiteit. Vooral het onderwerp veelstemmigheid (polyfonie) trok mijn aandacht.

Ik schreef een scriptie over het gebruik van polyfonie in Multatuli’s Max Havelaar. Het vormde een reactie en aanvulling op de opvatting van E.M. Beekman hierover. Een andere docent vroeg een afschrift van deze scriptie en stuurde deze naar het Multatuli-museum. Daar moet het altijd nog ergens liggen.

Intertekstualiteit

Het begrip intertekstualiteit vond ik wat minder interessant. Nog altijd heeft het wat minder mijn aandacht. Het boek De evolutie van een huwelijk van Rebekka W.R. Bremmer is vergeven van de intertekstualiteit. Het begint al met de namen van de personages. De kinderen van Masha heten naar personages van belangrijke schrijvers: Molly Bloem komt uit Joyce’ Ulysses, Anna K(aren) heet na de titelheldin van Tolstoy’s Anna Karenina.

Allemaal een beetje vergezocht. Ik probeer mij door zulke bevindingen ook niet teveel te laten afleiden. Intertekstualiteit – zeker moedwillig ingebracht – verstoort vaker het verhaal dan dat het een aanvulling oplevert. Zeker gebeurt dit in de roman van Rebekka W.R. Bremmer. Want wat meer wil het zeggen dan dat de schrijfster van het verhaal wil laten zien wat ze zelf aan kennis en leesbagage heeft?

Overal boeken

Hetzelfde gebeurt met de vele boeken die in het verhaal van Rebekka W.R. Bremmer worden opgevoerd. Ze liggen overal. Opengeslagen, met verkreukelde bladzijden of terwijl ze gelezen worden. Het geeft het verhaal veel gewicht, maar of het ook echt kracht geeft aan het verhaal? Wat wil de verteller zeggen in deze passage?

Terwijl Masha met haar ogen langs de boeken raasde, lichtten er een aantal titels op, Alan Hollinghursts The Stranger’s Child, Hella Haasses De wegen der verbeelding, Zoya Pirzads The Space Between Us, maar haar blik blee haken aan de titel The Sence of an Ending van Julian Barnes. Een dun boekje – daar zou ze binen een uur een heel ein mee komen. Ze nestelde zich op de bank. (50)

Wat zou het aan extra waarde leveren als je als lezer deze boeken gelezen hebt, of op zijn minst kent? Ik weet het niet. Zou het verhaal daarmee aan kracht winnen? De hedendaagse maatschappij is zo versnipperd dat veel lezers hun eigen canon hebben. Zeker het boekje van Julian Barnes speelt een rol in het verhaal. Ik ken het boekje verder niet en weet niet of het zou uitmaken als ik het wel zou kennen.

Ik denk het niet, maar misschien veeg ik nu alleen maar mijn eigen straatje schoon.

Rebekka W.R. Bremmer: De evolutie van een huwelijk Amsterdam, Antwerpen: Querido, 2014. ISBN 987 90 214 5710 9. Prijs: € 18,99. 270 pagina’s.

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is mijn derde bijdrage over Rebekka W.R. Bremmers roman De evolutie van een huwelijk. We lazen dit boek op 30 oktober bij Een perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nl. Lees de bijdragen van anderen in de reacties.

02 november 2014

Readersblock - #50books

20141102_115054De 44e vraag van #50books: Heb je weleens last van een readersblock? Meer dan mij lief is. Dan koop of leen ik een boek, wil het helemaal gaan lezen, maar als ik dan probeer te beginnen lukt het niet. Pas als de dwang groot genoeg is, kan ik zo’n boek lezen. Anders verdwijnt het uit mijn gezichtsveld en zal ik het niet meer lezen.

Gelukkig weet ik het de laatste jaren vooral bij bibliotheekboeken te houden die ik leen en dan na drie verlengingen ongelezen terug breng. In vervlogen tijden heeft het de bibliotheek opgeleverd die ik nu heb. Vooral klassiekers moeten het ontgelden. Veel van die dikke pillen staan in de kast en zullen er waarschijnlijk ongelezen blijven staan.

Moet ik mij ervoor schamen? Ik vind het niet. Ik lees genoeg en ik lees ook boeken waarvan ik na het lezen weet dat ik ze nooit meer zal lezen. Soms dringt een boek zich aan mij op. Dan vind ik er iets over of zie het ineens staan en begin het te lezen. Dan weet ik weer waarom ik het destijds heb aangeschaft. Dat zijn mooie ervaringen.

#NaNoWriMo

Naast #NaNoWriMo is november in Nederland ook een leesmaand. De bibliotheken organiseren jaarlijks deze maand. De actie heet Nederland Leest. Het idee is dat veel mensen gelijktijdig hetzelfde boek lezen. Ik doe nu al een paar jaar mee en las zo Remco Camperts Het leven is verrukkulluk en Bomans‘ Erik of het klein insectenboek.

Dit jaar staat Maarten ’t Harts Een vlucht regenwulpen centraal. Ik heb het boek in mijn jonge jaren gelezen, was later best enthousiast over de film. Het verschilt totaal van het boek, maar misschien moet dat ook met zo’n onverfilmbaar boek. Allebei liggen ver achter mij, dus het kan geen kwaad dat boek weer eens open te slaan. Ik heb het boek in elk geval gisteren bij de bibliotheek opgehaald.

#50books

Dit is het antwoord op vraag 44 van het blogproject #50books. #50books is een initiatief vanPeter Pellenaars. Martha Pelkman heeft in 2014 het stokje overgenomen. Bekijk mijn andere bijdrages voor dit bijzondere boekenblogproject.

01 november 2014

Bruggetje

20141101_165046Een man en een vrouw staan op het bruggetje. Zijn arm ligt om haar schouder. Ze turen in de richting van het water. De zon schijnt voorzichtig langs de wolken in hun richting.

Ik loop langs ze heen. Ze kijken niet op of om, maar kijken in de richting van de zon die nog maar net over de bomen heen schijnt. De brug en de verlichte wolken doen de rest. Hij neemt een trekje van de sigaret en geeft het rokertje aan haar. Zij zuigt. Ik ruik de lucht van een brandende joint.

Als ik voorbij ben, nadat ik de bomen heb gefotografeerd met mijn telefoon, zie ik dat hij over zijn schouder in mijn richting kijkt. Misschien voelt hij zich betrapt. Ik voel mij betrapt omdat ik een kort moment tussen ze in stond en genoot van de najaarszon.

De bomen kleuren helemaal herfst, de bladeren zijn al minder intens groen, kleuren voorzichtig in de richting van bruin, een enkel geel blad ertussen. Het maakt weemoedig. Net als het stelletje op het bruggetje. Te jong voor een pensioen, maar te oud voor een joint.