Posts tonen met het label goethe. Alle posts tonen
Posts tonen met het label goethe. Alle posts tonen

02 november 2010

Gele ginkgo in de herfst

De Ginkgo-bladeren kleuren nu innig geel
Hoe snel de Ginkgo Biloba in de achtertuin geel kleurt. Een week geleden schreef ik over de kleurschakeringen van mijn Goetheboompje. Nu is de schakering vervallen en kleurt de hele boom diepgeel. Het is een prachtig gezicht hoe zo'n boom binnen twee weken transformeert van groen naar geel. Ik ken weinig bomen die zo geel kleuren.


Wat kan de herfst toch schitterend zijn.

25 oktober 2010

Ginkgo in herfsttinten

De Ginkgo Biloba in de achtertuin in herfsttinten
De Ginkgo in de achtertuin is in de herfst op zijn best. Zeker op dit moment als de bladeren kleuren van diepgroen naar heldergeel. De laatste kleur is werkelijk prachtig en de bladeren vallen in alle verschillende stadia van de boom. Het geeft een mooi gezicht. De blaadjes die volgens Goethe schizofreen zijn en waar ik bij het planten van de boom al over schreef.

Ik ben gek op herfstbladeren. Niet iedereen houdt ervan. Zo zag ik vanmorgen vroeg mijn overbuurman al druk in de weer met een professionele bladblazer om zijn tuin van de herfst te ontdoen. Dat is voor mij de ontkenning dat de dood bij het leven hoort. Alsof elke dag de zon moet schijnen en het nooit mag regenen of koud mag zijn.

07 november 2009

Pierre Cuypers

Hoe heerlijk is het de literatuur even los te laten en je te storten op de negentiende eeuwse bouwkunst. Gisteren kocht ik het boekje Schoonheid als hartstocht, Pierre Cuypers (1827-1921) van Ileen Montijn. Het boek geeft een inkijk in de grootste kerkenbouwer van ons land. Naar eigen zeggen zou hij zo'n 100 godshuizen hebben neergezet, de schrijfster van het boek houdt het op zeker 80.

Ik leer ook gelijk wat dingen. Zo wist ik niet dat Goethe ook aan de oorsprong van de neogotiek staat. Montijn verwijst naar Goethes bewondering voor de majestueuze dom van Straatsburg. Hij werd getrofffen door de eenvoud, lichtheid en harmonie van de laat-middeleeuwse bouwwerken. De tijd waarin de wereld zuiver was geweest.

Cuypers' eerste eigen ontworpen woonhuis treft mij dan weer. Tegenwoordig zit in het gebouw het Stedelijk Museum Roermond. Het woonhuis is een architectonisch hoogstandje en combineert werken met wonen. Achter het huis was Cuypers atelier gevestigd. Hier werden vooral heiligenbeelden en andere voorwerpen voor in kerken gemaakt. De kruisgang doet bijna Middeleeuws aan. Je zou vermoeden dat ook de werkstructuur daar volgens de wetten van de leerling en de meester golden.

Het hoofdstuk over restauraties geeft een inkijkje in de geschiedenis van de restauratiewoede vanaf de negentiende eeuw tot heden. De Munsterkerk in Roermond is hier een goed bewijs voor. De restauratie van Cuypers was niet onomstreden, zo haalde hij een belangrijk deel van de achttiende eeuwse veranderingen weg en wist de kerk aan te vullen met vier vierkante torens. In de jaren '60, zeventig jaar na de veranderingen van Cuypers, wisten de restaurateurs het beter en veranderden het complete interieur naar hun vermeende inzichten. Montijn schrijft hierover, met een licht verdriet in de pen voor wat zij vervolgens verwoestten:


Negentiende-eeuwse beelden, ook al waren ze precies zo gemaakt als de middeleeuwse, werden zonder pardon weggegooid, altaren verwijderd. Schilderingen werden rigoureus van de muren gekrabd, en waar nog versleten resten van oorspronkelijk schilderwerk te vinden was, klonk gejuich: kijk! daar werden de middeleeuwen blootgelegd! Zo werd de kerk ingrijpend en onherstelbaar gezuiverd van de meeste neogotische smetten. Niemand kon in 1964 vermoeden dat twee generaties later een zorgvuldig gemaakt en gaaf bewaard neogotisch kerkinterieur van Cuypers veel grotere zeldzaamheidswaarde zou hebben, en misschien zelfs domweg mooier zou zijn gevonden, dan een mengelmoes van oude restjes en hulpeloos leeg gelaten plekken. Elke periode heeft nu eenmaal haar eigen vooroordelen, en dat geldt zeker voor haar omgang met vroegere tijden. (39)

De kleurenfoto's die zijn opgenomen van abdij en grootseminarie Rolduc in Kerkrade tonen een kerkinterieur die zeker mooi is. Dat is verdwenen in Roermond. Net zoals de vele kerken van Cuypers waar vooral in de jaren '60 en '70 genadeloos de slopershamer in geslagen heeft, zoals alleen al in Amsterdam de Sint Willibrordus buiten de Veste en de Maria Magdalenakerk. De Vondelkerk bleef bewaard, na een reddingsactie. Anders had Amsterdam dit religieuze erfgoed van de bouwer van het Rijksmuseum en het Centraal Station moeten missen.

De enige treurnis die over dit mooie portret van deze bouwmeester valt is zijn strenge katholicisme. De neogotiek is een beetje het symbool voor dit rijke roomse leven geworden en dat is erg jammer, omdat zeker het werk van Cuypers zeer veel variatie, creativiteit en energie laat zien. Gelukkig vind ik hoop in het afgebeelde raam uit de Sint Urbanus in Bovenkerk. Daar is Cuypers afgebeeld geknield, de hand op het hart en de andere hand op een passer. Met een beetje moeite zie je er dan een vrijmetselaar in.

02 mei 2008

Overslaande stem

Iedere keer als je zingt en je stem slaat over, dan is dat een aanslag op je stem. Jan Smit is te gast bij De wereld draait door en krijgt zangadviezen van de grote Herman van Veen. Niet je stem laten overslaan en zingen vanuit je kont. Dat is het advies van de oude rot en vooral vakman Herman van Veen.
Als iemand weet hoe je moet zingen, dan is Herman van Veen dat wel. Prachtige nummers van hem galmen dikwijls door mijn cd-speler in de auto. De beste songwriters schreven voor hem, Willem Wilmink bijvoorbeeld met 'Hilversum III'. De bouwvakkers die zelf zongen in plaats meelalden op de transistorradio. Al is dit liedje ook bijna achterhaald met zenders als Radio 538
Of Goethe met Erlkönig, op de muziek van Schubert. Dit lied staat op een prachtige cd. Deze cd laat horen hoe sterk de stem van Herman van Veen is. Hoe ontroerd de tekst ook is, geen seconde slaat de stem over. Vandaag onthulde de zanger, cabaretier en toonkunstenaar dat je helemaal niet zingt met je stem, maar met je kont.

09 januari 2008

Rood

De muren krijgen niet alleen thuis een sausje. Op mijn werk ruikt het de hele week al naar verse kalk. Het is een frisse geur, die vaak ook iets als opruimen en schoonmaken betekent. Een lucht die goed past bij deze tijd van het jaar.
We mogen kiezen uit vier kleurtjes: geel, blauw, groen en bruin. De vloerbedekking wordt ook vernieuwd. Binnenkort ligt overal groen gevlekt marmoleum op de grond. Het geluid de rollende bureaustoelwieltjes zou hierop heel hinderlijk klinken, zo ving ik in de wandelgangen op.
Tijdens de koffie het onderwerp maar eens aangesneden. 'We moeten dat bruin doen', vond ik. Ons hoofd wil eigenlijk dat de hele afdeling dezelfde kleur op de muren laat kalken. 'Dat geel is te licht en het blauw en groen staan niet', vervolgde ik stellig.
Zoals een goed hoofd betaamt, liet ze zich niet direct overtuigen. Ze ging even later kijken in de verschillende kamers die het nieuwe kleurenpalet toonden. Ze kwam heel stellig terug. Inderdaad, het moet bruin worden.
Ik vertelde bij het koffie drinken over de kleurenleer van de schrijver Goethe. Elke kleur vertegenwoordigt een bepaalde gemoedstoestand. Voor elke gemoedstoestand had Goethe een eigen kamer, die de kleur van die gemoedstoestand bevatte.
Het riep een herinnering op bij één van de aanwezigen. 'Ja, ik had een keer een rood colbertje aan bij een sollicitatiegesprek.' 'Een ben je het geworden?' vroeg ik, terwijl ik het antwoord al wist. 'Nee, maar ik las pas later dat je nooit iets roods moet aantrekken als je een sollicitatiegesprek hebt.'
Ik ben benieuwd wat een bruine kamer met je doet. In de loop van februari zijn onze kamers aan de beurt. Tot die tijd kunnen we speculeren.

10 november 2007

Onherstelbare hersteld

Hier brandt ons cultureel verleden, wisten de toeschouwers toen de Hertogin Anna Amalia Bibliotheek in 2004 verbrandde. Ongetwijfeld overtrof hen dezelfde machteloosheid als het publiek ruim twee weken terug bij de brand van het Armando-museum in Amersfoort.
Het zag er ook verschrikkelijk uit, de meters hoge vlammen die uit het monument kwamen. Bovendien verbrandde daar zo'n 50.000 boeken uit de zeventiende en achttiende eeuw. Weliswaar was het veel drukwerk, waarvan meerdere exemplaren waren. Helaas vielen handschriften van Goethe en Schiller ook ten prooi aan de vlammen. Veel is gedocumenteerd, maar het verlies van een origineel is een heel groot drama. Bij de brand zwierf het geschreven woord in asdeeltjes door de stad.
Wat een vreugde toen ik vanmorgen in NRC de bibliotheek weer hersteld is. De Rococozaal is in oude luister hersteld, maar het voelt niet echt oud. De ruimte is kil, 'het is een jas die nog niet lekker zit', schrijft de correspondent.
Een gebouw kun je herstellen, boeken en handschriften niet. De duizenden boeken en handschriften die beschadigd zijn, zullen nog jarenlang onbereikbaar zijn, misschien komen ze wel nooit meer terug. De Lutherbijbel uit 1534 is uit de vlammen gered. Dat is dan weer goed nieuws tussen de rampspoed.
Die branden van musea, kerken, monumentale gebouwen en bibliotheken zijn meestal geen branden die mensenlevens kosten, maar het zijn branden die verschrikkelijk pijn doen.