05 juni 2017

Mariaplaats - Op zoek naar Maria (1)

We lopen van het station Utrecht Centraal naar het Catrijneconvent. Onderweg stoppen we bij de Mariaplaats, de halve kloosteromgang bij de voormalige Mariakerk. Het is nog altijd jammer dat deze kerk gesloopt is.

De kerk staat er al 200 jaar niet meer en toch mis je iets. Alsof hier een fundament uit de stad geslagen is op deze plek ten Westen van de Dom, onderaan het Middeleeuwse kruis van kerken.

Nu is de Mariaplaats het plekje voor zwervers en toeristen. Toeristen lopen in grote wolken van mensen door het rustieke plekje. De vele kruiden en bloemen die hier groeien, geven de mystiek een extra dimensie.

Een zwerver rolt een joint. Naast hem op het bankje staat een blikje bier. Wij gaan een niveau lager zitten, naar het Mariabankje waar bij de kloostermoppen rozen groeien. Ze vormen een heel eigen rozenkrans.

Wij nestelen ons op een bankje, halen de meegenomen broodjes met chocoladepasta en jam uit de tas. Heerlijk peuzelen we de broodjes op en drinken het water uit het meegenomen flesje.

Uit het conservatorium klinken pianoklanken. Een aspirant pianist oefent zijn vingers op een ingewikkeld stuk van Liszt. Ik kan echt genieten van zo’n moment. Niet gestoord door een openbare eetgelegenheid, maar gewoon op een plek waar je kunt genieten en een moment voor jezelf hebt.

Een groepsleider vertelt hier over de Mariakerk en het gat dat hier in de stad is achtergebleven. Ze geeft Napoleon de schuld, hij brak de kerk af om geld te werven voor zijn veldtochten naar onder andere Rusland.

Natuurlijk is het niet helemaal waar. De kerk werd toen niet helemaal afgebroken, het laatste gedeelte zou bijna een halfjaar later volgen om plaats te maken voor het huidige kanariegele gebouw waarin sinds jaar en dag het conservatorium gevestigd is.

Als je de Mariaplaats uitloopt, kijk je recht in het straatje naar de Domtoren. Het geeft iets mee van de gedachte aan het Middeleeuwse kerkenkruis. Al betwijfelen sommige onderzoekers of dit kruis ooit zo bedacht is en niet meer toeval is geweest.

Op zoek naar Maria

Dit is de 1e blog uit een serie van 8 blogs over het bezoek aan de Mariatentoonstelling in het Museum Catharijneconvent te Utrecht. Lees: (2) Catharijneconvent

03 juni 2017

Braziliaanse brieven

Het boek over de Bijlmer brengt me ook weer bij een beroemde Bijmerbewoner: de vertaler en brievenschrijver August Willemsen. Las ik eerder zijn boek De val, zijn boek Braziliaanse brieven moest ik nog altijd ter hand nemen.

Het citaat uit het boek over de Bijlmer, trekt een mooie vergelijking van Amsterdam Zuidoost met de imposante flats in bijvoorbeeld Brazilië. Het trekt mij in zijn beroemdste boek, dat veel opnieuw is uitgegeven: Braziliaanse brieven.

Zo lees ik de verhalen over de kennismaking met Brazilië. Het vele werk dat August Willemsen doet, zijn speurtocht naar de dichters die hij voor ons bereikbaar heeft gemaakt met zijn fantastische vertalingen: Fernando Pessoa, Drummond de Andrade en João Guimarães Rosa. Stuk voor stuk Portugese en Braziliaanse schrijvers die hij beroemd heeft gemaakt in Nederland.

In zijn Brazilaanse brieven deelt hij zijn persoonlijke ontdekkingstocht naar de literaire juweeltjes die deze schrijvers hebben geschreven. Daarnaast maakt hij soms persoonlijk kennis met deze schrijvers en zoekt naar de bronnen in allerlei archieven. Hij reist hier heel Brazilië door.

Vooral mooi om te lezen zijn de ontdekkingen die hij doet als student in São Paulo:

Er komt nog bij dat ik juist een boek had gelezen van een Braziliaanse schrijver uit de vorige eeuw, Machado de Assis, die meteen een geweldige indruk op me maakte. In dat boek zoiets als Posthume herinneringen van Brás Cubas, komt een meisje voor wier huwelijkskansen te niet worden gedaan doordat ze hinkt, ofschoon ze zeer mooi is. En de schrijver vraagt zich af: ‘Waarom mank, indien mooi? Waarom mooi, indien mank?’ Dit lijkt cynisch, maar ik zie het als een geniale formulering van een tragisch en ironisch lot. (34)

Dat is genieten en je leest zijn liefde voor deze Braziliaanse schrijver. Hij speurt de gangen van deze meester in latere reizen na. Bovendien heeft August Willemsen ons het mooiste gegeven wat hij kon geven: een vertaling van de meesterwerken van Machado de Assis!

August Willemsen: Braziliaanse brieven. Amsterdam: Uitgeverij De Arbeiderspers, [1985]. Mijn exemplaar is een Singel pocket uit 2000 (10e druk). ISBN 90 413 30666 6. 350 pagina’s. Meer informatie

02 juni 2017

Russisch huis - #fietsvakantie

hdr

We nemen even pauze als we Vriezenveen inrijden. Bij het winkelcentrum stoppen we voor de supermarkt. We kopen de lunch met een lekker klein plastic bakje huzarensalade. Het is hetzelfde supermarktketen als waar we aan het begin van de week onze inkopen in Rijssen deden. De vraag: wel of geen extra zak met bolletjes. Er is genoeg, schat ik snel.

We zullen verderop de verworvenheden gaan oppeuzelen. Eerst maar even doorfietsen. Het vermeende fietspad komt toch uit in de lange straat die Vriezenveen uiteindelijk is. We rijden langs de smalle dwarsstraten die soms tot 3 huizen diep zijn. De boerderijen zijn over lange, smalle repen land verdeeld. Lastig bereikbaar, met veel slootjes. Alleen de hoofdweg is een kilometers kaarsrechte straat. Het verkeer raast links en rechts voorbij.

In een flits zie ik de trots van Vriezenveen: het knalgele Russische huis. Het Harmsenhuis. Ik probeer Doris er nog op te wijzen, maar ze is al te ver vooruit. Als je het huis zo snel voorbij rijdend ziet, is het misschien zelfs imponerender dan wanneer je ervoor zou stoppen en lange tijd zou toekijken.

Ik voer eens achter dirigent Nico aan naar zijn huis in Vriezenveen. Een oude, opgeknapte boerderij. Hij was er waanzinnig trots op. We sloegen allerlei weggetjes in en vanaf de hoofdstraat doken we een smal straatje en voeren over allerlei erven naar zijn huis. Het viel mij een beetje tegen. Al was er van het grote achterhuis niets gelogen. Er paste zo een tafeltennistafel in en dan was er nog meer dan genoeg ruimte voor andere troep.

Ik speur waar het huis zou kunnen staan, maar ik vind het niet meer. We steken bij het grote kruispunt met de stoplichten over en even later bij de spoorwegovergang verlaten we het dorp weer. Nog even doorrijden, dan houden we straks pauze op een mooie, rustige plek.

Fietsvakantie

In augustus maakten Doris en ik een mooie fietstocht door Nederland met als bestemming: Twente. Elke week op vrijdag schrijf ik een stukje over deze bijzondere fietsrit.

29 mei 2017

Curaçao

In Ralf Mohrens debuutroman Tonic zit een passage waaraan ik moest denken bij het lezen van zijn nieuwe, 2e roman De hemel is zwart vandaag. Het gaat om een bijna terloopse scène die de ik-verteller Arthur Poolman – dezelfde verteller als in de 2e roman – meemaakt. Hij raakt op de Wallen in gesprek met een grote donkere man.

Ik vuurde zelfs een paar zinnetjes in het Papiaments op hem af, toen ik begreep dat hij afkomstig was van Curaçao. Ik voelde me een man van de wereld. Ik was net terug van Curaçao. Als dat geen toeval was! Ik geloof dat hij dat ook vond. (171)

Het is terloops, maar past helemaal in de lijn van Ralf Mohren. De roman De hemel is zwart vandaag geeft een inkijkje in deze wereld. De hoofdpersoon Arthur Poolman bezoekt het eiland eind jaren negentig. Net als in Tonic is hij leraar Nederlands en gaat naar het eiland in de zuidelijke Caraïbische Zee om les te geven.

Hij komt vrij makkelijk aan de bak en vertrekt. De roman is een eerbetoon aan de Caraïbische literatuur met meesters als Cola Debrot, Tip Marugg en Frank Martinus Arion. In zijn roman overgiet Ralf Mohren deze romans met een flinke laag alcohol.

Het werkt enigszins verdovend, maar past helemaal in het verhaal van deze Eindhovense schrijver. Al werkt het verwarrend ten opzichte van de debuutroman. Hij was toch van de drank af? Maar het verhaal speelt eerder en daarmee krijgt de drank grip op het verhaal. Het lijkt een beetje op het droog drinken waarover de verteller in Tonic spreekt.

Het wekt bij de suggestie op dat de lezer beter afgeweest was als eerst De hemel is zwart vandaag zou zijn verschenen en daarna Tonic. Maar de lezer die vandaag pas kennismaakt met deze bijzondere schrijver en zijn meeslepende verteltrant, kan die volgorde nog altijd hanteren.

Ralf Mohren: De hemel is zwart vandaag. Roman. Amsterdam: Meulenhoff, 2017. ISBN: 978 90 290 8965 4. Prijs: € 18,99. 256 pagina’s.Bestel

28 mei 2017

De hemel is zwart vandaag

Een leraar Nederlands die vertrekt Curaçao. Deels uit ideaal, deels om zijn grote literaire helden Tip Marugg en Frank Martinus Arion te volgen. De nieuwe roman van Ralf Mohren De hemel is zwart vandaag vertelt een prachtig verhaal over een geheimzinnig eiland.

Curaçao is in deze roman helemaal niet het mooie, zonnige eiland met de hagelwitte stranden waar het altijd feest is. De verteller Arthur Poolman probeert diep door te dringen in de aard van de bewoners van Curaçao. Een bijna onmogelijke opdracht voor een blanke Hollander uit Limburg. Beide zijn katholiek en vieren carnaval, maar het verschil tussen een Limburger en iemand op Curaçao is bijna niet groter. Dat benadrukt de verteller wel.

Hij komt aan en probeert zijn weg te vinden op het eiland. Hij zoekt een auto – iedereen rijdt hier auto – en een huis. Hij komt terecht in een buurtje waarbij zijn buurman Ralph Veerman, een Nederlander die al meer dan 20 jaar op het eiland woont. Ralph Veerman laat hem de andere kant van Curaçao zien. Een kant die iets minder zonnig is, die van de hoeren en gokkers.

Deze duistere kant van Curaçao trekt Arthur Poolman wel aan. Hij gaat mee naar de hoeren en flirt met ze op het strand de hele nacht. Dat hij hiermee de grens van het betamelijke voor een blanke Hollander overschrijdt, lijkt hij voor lief te nemen. Of zoals zijn collega Marlou Ramakers hem aan de telefoon vertelt nadat ze na 6 weken van heimwee is teruggekeerd naar Nederland:

‘Het eiland had me opgevreten als ik was gebleven, maar weet je, soms mis ik het ook enorm. [..]. Er is iets met me gebeurd en ik ben er maar, wat is het, zes weken geweest. Ik ben ervan overtuigd dat er iets met je gebeurt als je ontvankelijk voor bent. En dat ben jij Arthur. Door het eiland kijk ik anders naar Nederland. Ik dacht dat ik alleen maar opgelucht zou zijn toen ik terugkwam, maar dat was niet zo. Ik vond ineens alle vanzelfsprekendheden totale onzin. En dat na zes weken!’ (158)

Arthur Poolman gaat over deze grens. Het eiland vreet hem op. Sterker nog: hij wordt verzwolgen. Worden de Nederlanders hierheen gehaald vanwege hun mentaliteit, de verteller wil deze mentaliteit overnemen. Ook hier zakt hij helemaal weg in zijn literaire voorbeelden. Net als in Tonic – waar het August Willemsen is – zoekt hij het in De hemel is zwart vandaag in Tip Marugg.

In brieven aan de Curaçaose schrijver zoekt de verteller naar de antwoorden op zijn vragen. Het antwoord ligt niet verscholen in een verhaal, maar in het zijn. Hij faalt en de reis naar het eiland is niet meer dan een vlucht. Een vlucht voor iets anders, waar je in de debuutroman Tonic van Ralf Mohren een antwoord op krijgt.

Ralf Mohren: De hemel is zwart vandaag. Roman. Amsterdam: Meulenhoff, 2017. ISBN: 978 90 290 8965 4. Prijs: € 18,99. 256 pagina’s.Bestel

27 mei 2017

In het spoor van Don Quichotte

Ben ik zo’n liefhebber van Paul Theroux, wereldreiziger, hebben we in Nederland onze eigen globetrotter. Het is de Floortje Dessing van de literatuur: Cees Nooteboom. Een reisschrijver van formaat, dat bewijst zijn laatste boek wel. In het spoor van Don Quichotte is een prachtige bloemlezing met mooie reisverhalen.

Het titelverhaal vertelt over de zoektocht naar de sporen van Don Quichotte. Cees Nooteboom vindt meer sporen van het boek dan van de schrijver Cervantes. De molens zijn echt reuzen geweest in de verbeelding van de schrijver, stelt hij. Het geeft een mooie kijk op literatuur.

Cees Nooteboom reist schrijvers en hun verhalen achterna. Hij heeft de drang om alles vast te leggen! Het notitieboekje is daarbij een onmisbaar instrument. Hij verzucht in het essay ‘Gantheaume Point. Notities als labyrinth’ hoe hij voor de ontmanteling de bibliotheek van Borges bezoekt.

Alle boektitels die hij ziet, probeert hij nog vast te leggen in zijn notitieboekje:

[P]agina na pagina vulde ik met de merkwaardigste, stoffigste, nu onachterhaalbaar geworden titels, ik had het gevoel dat ik tegen de tijd schreef; een dag later zouden al die kasten leeg zijn en ik besefte dat ik dan wel de laatste geweest zou zijn die de bibliotheek van Borges gezien had. (56/57)

Nooteboom is zo druk met noteren dat hij vergeet te kijken! De schok is dan ook groot als hij het notitieboekje verliest. Het exterieure geheugen verdwijnt ergens in een overvolle stadsbus van Buenos Aires.

Je proeft als lezer hoe hij nog altijd van deze verdwijning, meer dan 30 jaar geleden, last heeft. Het verdriet om de teloorgang van iets dat hij probeerde vast te leggen wat op haar beurt ook verdwenen is. Zou iemand die dit boekje vindt, begrijpen wat erin staat? Cees Nooteboom beseft maar al te goed dat de krabbels nauwelijks te ontcijferen zijn en helemaal niet te begrijpen.

Cees Nooteboom: In de sporen van Don Quichotte. Amsterdam, Antwerpen: De Bezige Bij, 2016. ISBN: 978 90 234 4832 7. Prijs: € 15,00. 128 pagina’s.Bestel

26 mei 2017

Geïsoleerd - #fietsvakantie

We zullen Twente verlaten vanuit de Noordkant. Hier liggen plaatsen als Westerhaar-Vriezenveensewijk en Vriezenveen. Het zijn strenggelovige plaatsen, net zoiets als het Rijssen waardoor wij Twente zijn binnengereden een klein weekje eerder.

Hier zijn de moerassen, de natte graslanden, in gekaderd in de kanalen om al het veen over af te kunnen voeren. Zo is een heel gebied ontgonnen. De veengebieden in dit deel van Twente zijn lange tijd onbereikbaar geweest.

Grote delen van het jaar was de weg naar Vriezenveen onbegaanbaar. De Fries afkomst van deze bewoners in combinatie met deze isolatie, zorgt ervoor dat het Vriezenveens een heel eigen dialect is binnen Twente.

Zowel Westerhaar-Vriezenveensewijk als Vriezenveen liggen langgerekt aan een kanaal. De dorpen zijn verder vrijwel uitgestorven op deze warme zomerdag. Veel mensen zijn op vakantie en de rest kijkt argwanend naar de paar toeristische fietsers die hier langsrijden.

Verder is alles uitgestorven. Bij de visboer wacht een handjevol kopers op een visje. De Chinees met de veelzeggende naam ‘Ni Hao’ is uitgestorven. En ook de rest van de weg naar Vriezenveen zijn het alleen de auto’s die passeren.

Fietsvakantie

In augustus maakten Doris en ik een mooie fietstocht door Nederland met als bestemming: Twente. Elke week op vrijdag schrijf ik een stukje over deze bijzondere fietsrit.

23 mei 2017

Niet de wolken

De roman Een charimatisch defect van Eva Kelder opent met de wolken. Onrustige wolken:

Het was een nacht waarin de wolken troost zochten. Dicht tegen elkaar aan geschurkt bewogen ze traag langs de nachtelijke hemel, als een laatste front tussen boven en beneden. (11)

Zoals in een klassieke roman hoort, verraden de wolken alles. De wolken die samenpakken en het licht niet meer doorlaten. De wolken die langsrazen. Maar tegelijkertijd spot de verteller met deze voorbodes. Zeker, ze drijven over, die donkere wolken, maar ze benadrukken vooral de duisternis in de mensen zelf.

Stilletjes liep ze naar buiten, stak het erf over en legde haar hoofd in haar stijfgetrokken nek. Rolde haar hoofd van links naar rechts en gluurde naar de lucht. Grauwe wolken trokken de hemel dicht, geen plek voor licht. (177)

De hemel buiten als vertaler van de wereld binnen, in de hoofdpersoon. Hoe het verhaal je laat zien dat het niet de wolken zijn, maar de mensen die het verhaal vormen.

Eva Kelder: Een charismatisch defect. Roman. Amsterdam: Meulenhoff, 2017. ISBN: 978 90 290 9114 5. Prijs: € 18,99. 256 pagina’s.Bestel

22 mei 2017

Een charismatisch defect

Zijn de idealisten uit de jaren ’60 inderdaad mensen die verdraagzaamheid nastreefden en voor vrede en gelijkheid streden? Dat is de vraag die in je opborrelt na het lezen van de roman Een charismatisch defect van Eva Kelder.

Ze schreef haar 2e roman in een specifiek tijdvak: de tijd van de idealisten in de jaren ’60. De roman vertelt het verhaal van Anneke. Ze ontsnapt net van school uit de greep van het ouderlijk huis. Haar autoritaire vader ruilt ze in voor een commune onder leiding van de donkere Amerikaan Blake.

Hij noemt haar April, de maand waarin hij haar voor het eerst ontmoet en zij op hem een onuitwisbare indruk maakt. Ze wordt zijn liefje, maar moet zijn aandacht met de commune delen. Ze maakt deel uit van een commune met mensen die allemaal een betere wereld nastreven. Gedweep met Nietzsche, zonder zijn naam te noemen. Maar zit het kwaad wel in de directeur van een fabriek die wapens maakt of een regent die partij kiest voor de vijand?

Het kwaad zat niet in de hemel, in de tijd, de mensen, het land, de stad, het kwaad zat in haar. En misschien ook wel in hem. (70)

Niemand heeft aandacht voor de duistere kant van Blake en zijn beweging. Ze krijgt een zoon met hem, Fedja, maar ze deelt een veel ongrijpbaarder geheim met hem en hun vriend Curacao Dick. In het 2e deel van de roman probeert ze het enorme schuldgevoel dat hieruit voortkomt grijpbaar te maken. Maar het lukt niet. Haar zoon staat verder van haar af dan ooit en ze verliest de net opnieuw gevonden Curacao Dick.

Met de roman laat Eva Kelder zien dat idealisme ook een keerzijde heeft. Als het misgaat, gedragen idealisten zich net als de mensen tegen wie ze zich keren. Die keerzijde laat de verteller in de roman vooral zien als het gaat om de relatie tussen April en haar zoon Fedja. Ze krijgt geen vat op hem en hun relatie lijkt hetzelfde lot beschoren als haar relatie met haar vader. Het kwaad zit niet in het systeem, het zit in jezelf.

Idealisme is mooi, maar als dat ten koste gaat van iemand anders vrijheid of zelfs zijn leven, dan drukt dat op een mensenleven. Eva Kelder laat dit zien in haar indringende roman. Voor de een drukt de schuld te zwaar op zijn gemoed, de ander zoekt het in een nieuw leven op het platteland. Anneke vindt het in de gedichten en uiteindelijk ook in de keuze voor wie ze kiezen moet: haar zoon.

Zo blijf je als lezer achter en hoopt dat ze hierin slaagt.

Eva Kelder: Een charismatisch defect. Roman. Amsterdam: Meulenhoff, 2017. ISBN: 978 90 290 9114 5. Prijs: € 18,99. 256 pagina’s.Bestel

21 mei 2017

Themapark - Naar de hunebedden (5)

We lopen daarna door het themapark om te zien in welke huizen de hunebedbouwers leefden. Huizen die al veel laten zien van de bouw als het Los Hoes. Een eenvoudige kapconstructie zoals nog duizenden jaren gebouwd is. Zelfs onze huizen zijn hier nog op geïnspireerd met de schuine, aflopende daken.

Op het dak ligt riet, soms heel stengels. Boven het vuur hangen grote stukken dierenvel, van koeien onder meer. Het houdt de vonken tegen van het vuur. Dat verkleint de kans op brand. De rook zoekt een weg door de kieren en gaten. Bovenin de nok van het dak, aan de voorkant van het huis, zit een groot gat voor de ventilatie.

De bankjes die er staan zijn typisch iets voor de moderne mens. Wij brengen een heel groot deel van de dag zittend door. Iets wat de hunebedbouwers veel minder deden. Zeker, ze zullen gezeten hebben, maar meer op de vlakke bodem of op een boomstam of iets anders. Niet op een krukje of een bankje zoals die hier staan.

Ook hier leer je weer vuur te maken. Er zijn meerdere technieken vertellen de vrijwilligers van het park. Ze dragen de kleding van de hunebedbouwers. Lange gewaden om het lichaam gedrapeerd. Het is lekker warm bij het vuur, terwijl het buiten ondanks de zon helemaal nog niet zo heet is.

De huizen uit de bronstijd en de steentijd lijken op elkaar. Anders is het met de hutten van de jagers en verzamelaars. Hier zijn het vooral tijdelijk bouwsels. Voor een korte periode om als er geen voedsel meer te vinden is, verder te trekken.

Er staat een tent gemaakt van takken en dierenvellen. Het houdt veel kou tegen, het vuurtje zou voor de tent moeten worden gemaakt. De ronde hut die naast de tent staat, is gebouwd van wilgentenen en riet is heel mooi. Hier is het zelfs mogelijk om een vuurtje in aan te leggen.

Inspirerend en mooi om te zien hoe onze verre voorouders leefden in het ruige moerasland dat Nederland toen was. Daarnaast is er een heus blote voetenpad te vinden in het themapark. De schoenen uit en dan met de blote voeten over houtsnippers, kleine steentjes, zand, verbrande houtskool, schelpen en modder.

Een belevenis voor de voeten. Hier liepen de hunebedbouwers gewoon de hele dag doorheen met de blote voeten. De dikke eeltlaag die zij bezaten, hebben wij niet meer, merk ik als ik zo loop. Het is wel een belevenis en ik neem mij voor om vaker op blote voeten straks in de tuin te lopen.

Na het ijsje gaan we terug naar het hunebed. Die belevenis willen we nog een keer meemaken. Het is altijd mooi om met zoiets af te sluiten. Nog even langs de stenen en het verleden beleven. Daar kan geen museum tegenop. Dichterbij kun je niet komen. Dat ervaar ik hier weer. Het is genieten als we een momentje helemaal alleen zijn bij de stenen. Kijken, kijken, maar vooral beleven. Wat is dit mooi!

Zo rijden we even later genoegzaam weer naar huis. Het is een eind rijden zo vanuit Noord-Drenthe naar de Flevopolder. Als lijkt de terugreis veel sneller te gaan. Geen Hans Sibbel over forensende automobilisten, maar nu draaien we muziek van Spinvis. Een gezellig dagje weg, een betere verjaardag kun je je niet wensen. En inderdaad, ze is er heel content mee.

Dit is het 5e en laatste deel van de serie Naar de hunebedden.