10 oktober 2014

Taal en verhaal

20141004_190529Het Afrikaans sijpelt overal in de vertaling van Klimtol door. In prachtige bewoordingen weet Etienne van Heerden zijn lezer te pakken. Het Nederlands in de vertaling van Karina van Santen en Martine Vosmaer buitelt over zichzelf en laat het Afrikaans duidelijk doorklinken.

Zoals in de beschrijving van de Australische boemeranggooier die Ludo Loeloeraai in het hotel tegenkomt vlak voordat hij zijn act geeft. De boemerang verdringt meer en meer de jojo van Ludo.

Ludo had op zijn beurt de hoelahoep vervangen. De hoelahoepspeelster zit achter de lobby en geeft de hoepel aan Ludo. Hij geeft hem op zijn beurt door aan de Australische boemerangartiest. De verteller bedient zich nu van de volgende beeldspraak:

De stem van de boemerangkoning vult de lobby. Zijn stem is een wild ding, een hoppende kangoeroe die de ruimte vult mt wilde, buitenlandse energie. De Australiër draait met zijn heupen en laat ze binnen de hoepel wervelen tot vermaak van iedereen. Het lukt hem de plastic ring te laten draaien en Ludo heeft zijn jojo in zijn kontzak gestopt, waar hij nu wacht als een opgerold egeltje. (87)

Uit dit fragment spreekt een taal die vervuld is van het Afrikaans en zich van beelden en vergelijkingen dient die in het Nederlands niet kunnen of te ver gaan. Etienne van Heerden weet beelden op te roepen die geheimzinnig en mooi tegelijk zijn. De hoepel die rond de heupen van de Australiër cirkelt en de jojo als opgerold egeltje in de kontzak. Het zijn beelden die het verhaal versterken en richting geven.

Daar is Klimtol van vervuld. Overal spreekt de tekst in een taal die dicht bij het Afrikaans blijft. Het lijkt daarmee te spreken wat Etienne van Heerden bij zijn interview in Amsterdam naar verwees. ‘Het moeizame proces van de vertaling.’ Misschien omdat de talen dicht bij elkaar liggen. Misschien omdat ze in de details zo sterk van elkaar verschillen.

Het maakt Klimtol daarmee ook een verhaal van Zuid-Afrika dat zich niet makkelijk laat invullen voor een algemeen verhaal. Uit elke bladzijde spreken de taal en het verhaal van Zuid-Afrika.

Daarmee onderscheidt Klimtol zich van verhalen die veel algemener en universeler zijn. Die spelen in steden die inwisselbaar zijn of waarin personages lopen die overal kunnen rondlopen. Dat is bij Etienne van Heerden geenszins het geval. Hij weet een prachtig Zuid-Afrika op te roepen in taal en verhaal.

Etienne van Heerden: Klimtol. Oorspronkelijke titel: Klimtol. Nederlandse vertaling Karina van Santen en Martine Vosmaer. Amsterdam: Uitgeverij Podium, 2014. ISBN 987 90 5759 693 3. Prijs: € 22,50. 400 pagina’s.

09 oktober 2014

Vereenvoudigen - #WoT

20141008_184303Vereenvoudigen (overg.; vereenvoudigde, h. vereenvoudigd), eenvoudiger, minder ingewikkeld, gemakkelijker maken: dat vereenvoudigt de zaak; de vereenvoudigde spelling; het bestuur, een berekening vereenvoudigen; een breuk vereenvoudigen, teller en noemer door hun grootste gemene deler delen.

Vorige week lanceerde het Nederlands Bijbelgenootschap een nieuwe bijbelvertaling: een bijbel in heldere en eenvoudige taal. De vertalers putten uit een woordenschat van ongeveer 4.000 woorden, hanteren korte zinnen en proberen ingewikkelde metaforen te vereenvoudigen.

Veel vaststaande bijbelse begrippen verdwenen. Gelijkenissen zijn voorbeelden geworden, de ark is veranderd in een heilige kist, net als de tabernakel die de naam heilige tent kreeg. Allemaal wijzigingen die het verhaal duidelijker en helderder op de lezer over moeten brengen.

Een bijbel voor laaggeletterden, las ik op facebook. De conclusie is in mijn ogen te snel getrokken. Waarom zouden alleen laaggeletterden baat hebben bij een eenvoudiger bijbel. Bovendien schat ik in dat de gemiddelde laaggeletterde buitengewoon veel moeite zal hebben met deze bijbelvertaling. De bijbel is in de nieuwe vertaling vooral toegankelijk geworden voor een bredere groep mensen.

Het brengt mij tot vraag of als je iets vereenvoudigt, het ook simpeler maakt. De bijbel in de nieuwe vertaling is toegankelijker voor jongeren, mensen die niet met de bijbel zijn opgegroeid en mensen die wat meer moeite hebben met lezen.

Als journalist bij de krant schreef ik voor de gemiddelde lezer. We hanteerden de norm dat de lezer een opleiding had op het niveau van de derde klas Mavo. In die stijl schrijf je zinnen niet langer dan 15 woorden en probeer je complexe zinnen met veel bijzinnen te vermijden.

In mijn beleving betekent vereenvoudigen juist een enorme verbetering. Juist het minimalisme zoals bijvoorbeeld Steve Jobs predikte, biedt ongekende mogelijkheden. Less is more. Zou dat voor taal ook niet gelden? Of kunst?

Mijn eerste indruk van de nieuwe bijbelvertaling is juist dat minder, meer is. Het lijkt of de bijbel schoongepoetst van moeilijke woorden, ingewikkelde zinnen en complexe vergelijkingen veel duidelijker is.

Wat is jouw ervaring met vereenvoudigen? Helpt het om een tekst in te korten, te ontdoen van woorden? Hoe doe je dat met je blog, herschrijf je je tekst of kom je daar pas later aan toe? Of maakt juist het langer maken van je tekst, aanvullen van zinnen om de tekst beter op lezer te laten overkomen?

#WoT

Bij de #WoT schrijven bloggers over een woord. Elke donderdag verschijnt een nieuw woord waarover je kunt bloggen. Deelname is geheel vrijblijvend. Plaats een reactie onder dit bericht waarin je het linkje plaatst naar je blog. De #WoT is opgezet door @metkcom en daarna door @webpixelqueen overgenomen. Vanaf september 2014 hou ik het stokje in mijn hand. Schrijf vandaag mee over het woord ‘vereenvoudigen’.

08 oktober 2014

Avercamp, Voerman en Claassen

hendrick-avercamp-ijspretHet schilderij van Hendrick Avercamp viel Doris een beetje tegen. Ze had meer schilderijen van deze kunstenaar in het Stedelijk Museum Kampen verwacht. Een zaal vol met wintertaferelen. Al speurend op internet vond ik dat dit alleen in 2010 in het Rijksmuseum is geweest, waarbij een kleine 20 schilderijen van Avercamp bij elkaar verenigd waren. Dat moet een bijzondere tentoonstelling zijn geweest.

Voor de liefhebber van het vorstenhuis is er in het Stedelijk Museum Kampen een complete collectie schilderijen waarop alle vorsten van Oranje staan afgebeeld. Ook op het gebied van religie is veel te vinden. Ik was zelf best getroffen door het zwaard waarmee in vroeger tijden vonnissen werden uitgevoerd. Niet alleen het afhakken van ledematen, maar ook onthoofdingen werden met dit mes gepleegd. Het stond er roestig en dreigend.

20141005_145828

Tom Claassen

Van de tijdelijke tentoonstelling van Tom Claassen heb ik vooral onthouden dat hij de maker is van de vijf olifanten bij knooppunt Almere, de T-splitsing van A6 en A27. Er stond zelfs een klein exemplaar in het Kamper museum. De rest van het werk sprak minder tot mijn verbeelding. Met uitzondering van de drie dames en de danseres. Wat de schaal met knikkers en schelpen er deed, weet ik niet.

jan-voerman-koe-op-stal

Jan Voerman

Ook kwamen we een oude bekende tegen: Jan Voerman sr. Hij is in Kampen geboren in 1857. Een medewerkster van het museum wist mij haarfijn te vertellen waar hij geboren is. Van hem stond een schilderij van een koe op stal. Een vrij zeldzaam binnentafereel van een schilder die vooral buiten schilderde, met uitzondering van de stillevens van bloemen in de mosterdpot. Van dit laatste lag ook een klein schilderijtje.

Overigens vertelde het schilderij met de koe het bijzondere verhaal van de stadsboerderijen die Kampen telde. Aan het begin van de 20e eeuw moeten er zo’n 75 hebben bestaan. De koeien liepen zo midden in de stad en werden via de voordeur het huis binnenhaald. Op een gemeenschappelijke weide konden de dieren in de zomer grazen. Een verhaal dat voor veel Zuiderzeestadjes gold, maar dat bij mijn weten niet meer in gebruik is. In Kampen verdween de laatste stadboer in de jaren 1980.

Zo had de Stomme van Kampen ons verleid naar Kampen te komen. Een leuk uitje voor de zondagmiddag. Zeker ook omdat in Kampen zo’n heerlijke zondagsrust heerst waar het heerlijk tegen zondigen is door het zelf te negeren.

20141005_145717

Kijk voor meer informatie over Hendrick Avercamp op de website van het Rijksmuseum.

07 oktober 2014

Stedelijk Museum Kampen

oude-raadhuis-kampenHet boek De stomme van Kampen van Thea Beckman dat Doris op dit moment leest, lokte ons naar de IJsselstad. Niets leuker dan in de plaats van deze bijzondere schilder Hendrick Avercamp (1584-1634) naar zijn werk te kijken. Wie weet konden we onderweg gelijk even het Observatorium bekijken. Ik ben gek op landschapskunst.

Observatorium

Om met het laatste het eerste te beginnen, als je erlangs rijdt over de N307 zie je een geluidsscherm waar in dikke letters Observatorium staat geschreven. Het glas houdt het verdere zicht op de groene heuvels weg en het is onmogelijk om er te komen. Je schijnt een hele omweg te moeten maken via Swifterband en andere b-wegen om er een kijkje te kunnen nemen.

De weg naar Kampen kenden we al van het hondjes kijken twee jaar geleden. Nu zouden we de binnenstad zelf gaan verkennen. En het is zeker een aanrader om Kampen op zo’n dag in oktober te bezoeken. Alle winkels zitten dicht, er is geen hond op straat en er is weinig te beleven. Perfect voor een bezoek aan het museum.

bijzonder-gemetselde-schoorsteen-stadhuis-kampen

Stedelijk Museum Kampen

Het Stedelijk Museum Kampen is gevestigd in het oude raadhuis. De Schepenzaal uit 1545 is het pronkstuk in dit gebouw. De wanden waarboven een lange rij speren staat uitgestald, de prachtige schouw en de plek waar de Schout en schepenen zaten. Het zijn allemaal indrukwekkende bouwwerken. Bovenop de schouw kijkt Karel V toe. Het gewelf in deze ruimte sluit alles heel mooi af.

Daarnaast bekeken we op de bovenste etage de twee werken van Hendrick Avercamp, de Stomme van Campen. Het is een schilderij in bruikleen van het Rijksmuseum met een ijstafereel erop. Het is een klein schilderijtje op een houten paneel. Direct viel de verfijnde verwerking van Avercamp op. De rietkragen, zelfs de glinstering van de schaatsen en de fijne uitwerkingen van de ijspret was buitengewoon fijngevoelig vastgelegd.

hendrick-avercamp-ijspret

Wordt vervolgd…

06 oktober 2014

Almere en de Centrumpartij

20141005_092345Het boek Van gevaarlijke binnenzee tot Almere van Ben D. te Raa vertelt ook iets over het ontstaan van de gemeente Almere. In dit boek wordt iets aangehaald dat Frits Huis niet noemt in zijn boek. Het vertelt van het roerige begin van de gemeente, dat veel aandacht trekt van de nationale pers:

Bij tussentijdse verkiezingen voor de instelling van de eerste Almeerse gemeenteraad op 21 september 1983 wordt de feestvreugde ruw verstoord doordat maar liefst tien procent van de stemmen naar de Centrumpartij gaat. Voor het eerst doet de Centrumpartij haar intrede in de gemeentelijke politiek en dan nog wel in een nieuwe gemeente. Heel Nederland buigt zich over Almere. (25)

In die tijd waren en nauwelijks etnische minderheden in Almere. Te Raa haalt een onderzoek van het ministerie van Binnenlandse Zaken aan om te vertellen waar de keuze voor deze extreemrechtse partij vandaan kwam: angst voor verlies van baan, woning of uitkering.

Bang vooral dat de Turken en Marokkanen hen achterna zullen reizen naar hun nieuwe woonplaats. (25/26)

Bij de installatie van de gemeenteraad op 16 januari 1984 breekt een rel uit in de raadszaal.

Antifascisten gooien tafels omver, smijten met zakken witte verf en lege bierflessen. De politie ontruimt de raadszaal. Als de rust is weergekeerd worden beide raadsleden Vreeswijk en Fresco alsnog geïnstalleerd. (26)

De onrust blijft niet beperkt tot dit incident. Na de installatie wordt nog lange strijd gevoerd over de woonplaats van beide raadsleden van de CentrumPartij. Ze zouden niet in Almere wonen en daarmee geen recht hebben op een plek in de gemeenteraad. De strijd wordt binnen en buiten de raad gevoerd. Zo boycot Adèle Bloemendaal een optreden in theater De Roestbak. Almere is besmet gebied, volgens haar.

De toestand vertoont grote gelijkenis met de komst van de PVV in de Almeerse gemeenteraad in 2010. Toen was Almere opnieuw even helemaal in de belangstelling van de nationale media. Naast Almeerders konden alleen mensen uit Den Haag ook deze partij kiezen voor hun gemeenteraad.

De onrust in die tijd, laat veel overeenkomsten met de eerste gemeenteraad in Almere zien. Al ligt het aantal kiezers voor de PVV meer dan het dubbele hoger dan de keuze op de CentrumPartij in 1984.

Ik kan mij niet herinneren dat media een vergelijking trokken met die eerste verkiezingen. Het geheugen van journalisten reikt niet ver. En in het boek van Frits Huis wordt ook dat politieke element verzwegen. Blijkbaar wil niemand graag hieraan denken.

Via het onuitputtelijke archief youtube vond ik een filmpje van Omroep Flevoland over het oproer in de eerste Almeerse gemeenteraad:

05 oktober 2014

Columns - #50books

20141005_113903Columns, ik ben er gek op. Ik denk dat voor mij de literatuur met columns begon. De columns op de kerkpagina van Trouw door A.J. Klei bijvoorbeeld. Ik verslond de verhalen over dominee’s en anekdotes die daar langskwamen. Of de stukjes van Carmiggelt, Bomans of Kees van Kooten. Allemaal prachtig, luchtig en grappig tegelijk.

Maar dat was allemaal voordat ik kennismaakte met Martin Bril. Voor mij staat hij symbool voor de mooie column. Hij schrijft prachtig over zijn omzwervingen door het land. De details en de korte, krachtige stijl. Ze zijn niet te evenaren. Telkens als ik een columnboekje van hem lees, ben ik weer getroffen door die stijl.

Niet dat elke column even sterk is, maar over het geheel genomen is het heerlijk een boekje van hem op te slaan. Je komt altijd weer een bijzondere zin tegen die het hele verhaal vat. De kwinkslag of het detail die je weer op een andere manier naar het verhaal laat kijken.

Daar kan niemand aan tippen, al probeer ik heel vaak een andere auteur een kans te geven. Ik lees nu bijvoorbeeld de bundel korte verhalen van Sanneke van Hasselt Hier blijf ik voor de Perfecte dag voor literatuur van 15 oktober. Het zijn ook prachtige schetsen, ze weten de stad heel mooi tot leven te wekken en ook hier komt soms zo’n krachtige zin voorbij die alles zegt.

Maar het is geen Martin Bril. Zijn columns zijn niet te evenaren. En voor de rest van al die columnisten: het meeste wat in de kranten en tijdschriften staat is het lezen niet waard. Het zijn die kleine pareltjes die het verschil maken.

#50books

Dit is het antwoord op vraag 40 van het blogproject #50books. #50books is een initiatief vanPeter PellenaarsMartha Pelkman heeft in 2014 het stokje overgenomen. Bekijk mijn andere bijdrages voor dit bijzondere boekenblogproject.

04 oktober 2014

Klimtol

20141004_190546Met de naam van zijn nieuwste roman schenkt Etienne van Heerden gelijk het Afrikaanse woord voor jojo aan het Nederlands: Klimtol. Een woord dat in het Nederlands even mooi klinkt als in het Afrikaans. Wat mij betreft mag de klimtol gelijk de jojo overnemen.

De hoofdpersoon in Van Heerdens roman is Ludo Loerloeraai. Hij is een begenadigd jojospeler. Het spel met de klimtol geeft hem de mogelijkheid zich even te bevrijden van zijn schuldgevoel.

Zo weet Etienne van Heerden het schuldgevoel van de blanke Zuid-Afrikaan prachtig te verwoorden. Het schuldgevoel waaronder zijn generatie romanschrijvers gebukt gaat. Het schuldgevoel van de apartheid. Het is steeds de apartheid in de verhalen en gebeurtenissen die de kop opsteekt in zijn romans.

De uitwerking van het verdriet en verleden is steeds weer nieuw. Het levert mooie inzichten op en vooral een mooi verhaal. Dat lees ik ook nu weer in de roman van Etienne van Heerden: het zijn de verhalen met magie en beroering die de personages van hun schuldgevoel bevrijden.

Met prachtige zinnen, poëtische zinnen. Ze grijpen je bij de kladden en helpen het verhaal nog geheimzinniger te maken:

Hij heeft gedachten die de gewoonte hebben ononderbroken als meeuwen op de wind te zweven. (190)

De rol van de ander, krijgt bij Van Heerden prachtige invulling in deze roman. Hier is het Snaartje Windvogel, een personage dat in zijn roman In de plaats van liefde al voorkomt en hier een mooi vervolg krijgt. De jintoe (hoer) sluipt door het verhaal en schiet door de duisternis. Ze weet zelfs het verhaal van de hoofdrolspeler Ludo te verdringen.

Bij Snaartje Windvogel is het niet het spel. Bij haar is het verleden en het verzwijgen dat haar tot een krachtig personage maakt. Haar geheimzinnigheid en toverkracht geven veel spanning en lijkt de jojo in handen van de schrijver. Dat het verhaal hier onverwachte wendingen maakt, lijkt hier alleen maar onderdeel van te zijn.

Zo demonstreert Etienne van Heerden weer in zijn roman Klimtol dat het verhaal van Zuid-Afrika nog lang niet is uitverteld. De geheimzinnigheid van het land in combinatie met de krachtige beeldrijke taal maken Klimtol tot een prachtig werk. De Karoo komt meer dan ooit tot leven, samen met de geheimzinnigheid van de Noordelijke Kaap.

Etienne van Heerden: Klimtol. Oorspronkelijke titel: Klimtol. Nederlandse vertaling Karina van Santen en Martine Vosmaer. Amsterdam: Uitgeverij Podium, 2014. ISBN 987 90 5759 693 3. Prijs: € 22,50. 400 pagina’s.

Lees de vervolgbespreking Aantrekken en afstoten over de metafoor van de jojo.

03 oktober 2014

Het huis als omhulsel

20140928_215333In de roman Hollands Siberië schiet de huishoudster een mooie gedachte te binnen. Ze ligt samen met de pastoor in bed en ze praten over het krijgen van kinderen. Dan opeens vertelt ze hem waar ze aan denkt:

‘Het frappeert me in deze pastorie dat wij hier maar tijdelijke bewoners zijn. De vorige bewoners waren hier ook tijdelijk. Dit huis is een omhulsel voor verschillende levens in verschillende tijdperken. Telkens komen er nieuwe leven op, verzwakken en verdwijnen. De vorige pastoor en zijn huishoudster zijn als het ware transparant geworden, nu zijn wij degenen die gekleurd en materieel zijn. Straks vervagen we en leven er hier weer anderen in hetzelfde omhulsel. Ze koken in dezelfde keuken, het huis blijft even vochtig, en ook de dimensies van de kamers veranderen niet. Op zolder blijft het precies zo naar hout ruiken.’ (172)

Een mooie gedachte over het overgaan van de ene generatie in de volgende. De gedachte sluit naadloos aan op het krijgen van kinderen, of in hun geval het ontbreken van kinderen. De generatie is er wel en gaat over in de volgende.

Dat gevoel van het huis dat niet van jou is, had ik sterk toen ik in mijn huidige woning trok. Ik voelde de energie van de vorige bewoners. We trokken de muren kaal van het paarse behang. Haalden het beschot van zolder en sloopten de plastic schrootjeswand in een slaapkamer. Langzaam verdween alles van de vorige bewoners. Het huis werd stukje bij beetje meer van ons.

Nu voelt het meer en meer als ons huis. We bewonen het en leven erin. Het krijgt onze energie. Als we hier weggaan en de volgende bewoners komen erin, zal die energie verdwijnen.

Misschien dat daarom mensen hun nieuwe huis zo snel voorzien van een nieuwe keuken en badkamer. Ze denken dat de energie van de oude bewoners verdwijnt als je deze voorwerpen verwijdert. Maar ik geloof dat daar niet veel van klopt. Het kost gewoon tijd om een huis jouw energie te geven. Daar helpt een nieuwe badkamer echt niet aan mee.

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is mijn tweede bijdrage over Mariët Meesters roman Hollands Siberië. We lezen dit boek vandaag bij Een perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nl. Lees de bijdragen van anderen in de reacties.

Mariët Meester Hollands Siberië Amsterdam: Uitgeverij Arbeiderspers, 2014. 272 pagina’s. ISBN: 978 90 295 8958 1 Prijs: € 19,95

02 oktober 2014

Bolleboos - #WoT

20140928_211658bolleboos (m.;bollebozen) [dezelfde etymologie als bollebof], 1 iem. die zeer begaafd is, bijzonder in iets uitmunt; 2 (Barg.) baas, burgemeester.

De ‘Dikke Van Dale’ bestaat dit jaar 150 jaar. Sinds de eerste uitgave van het woordenboek door I.M. Calisch en N.S. Calisch in 1864 is er veel veranderd. Behalve dat het de naam Van Dale kreeg bij de tweede druk in 1872. De hoofdonderwijzer en stadsarchivaris uit Sluis stierf tijdens de enorme klus aan het woordenboek. Manhave maakte aan de hand van kopij het woordenboek gereed.

Bij elke nieuwe uitgave komen er nieuwe woorden bij en verdwijnen woorden die niet of nauwelijks meer gebruikt worden. Iedereen heeft wel een lievelingswoord in dit immense boek dat herdruk na herdruk beleefde in de afgelopen 150 jaar. Ik heb naast een herdruk van de 2e druk uit 1872, een 12e druk uit 1992 en ben daar heel tevreden mee. Misschien wordt niet meer elk woord zo gespeld, voor mij voldoet dit woordenboek in alle opzichten.

Bij een verkiezing op internet mochten liefhebbers zich uitspreken over hun lievelingswoord. Er deden zo’n 12.000 mensen mee en ze kozen voor het woord ‘bolleboos’. Het woord deed zijn intrede in de derde druk, verzorgd door Manhave in 1884. Het stamt uit het Hebreeuws, zoals mijn druk uit 1992 ook nog vertelt.

Een woord dat mij niet zoveel zegt en dat ik eigenlijk nooit gebruik. Hoogstens spreek ik over hotemetoten of bobo’s (afko voor bondsbons). Een bolleboos valt ook in deze categorie. Zeker met de eigenlijke afleiding van het woord uit het Hebreeuws/Jiddisch: baal habojes, wat zoiets betekent als: baas van het huis.

En zoals vaker gaat met verkiezingen op internet: ik vraag mij af wat mensen nu zo aanspreekt in een woord dat afgeleid is uit een andere taal en dat zo weinig mensen gebruiken…

Zou mevrouw Van der Laan, de gelukkige winnares van de hoofdprijs (een overnachting in het Hotel Dikke Van Dale in Sluis) elke dag haar bolleboos toespreken, of lekker tegen hem aankruipen en in zijn borsthaar kroelen?

#WoT

Bij de #WoT schrijven bloggers over een woord. Elke donderdag verschijnt een nieuw woord waarover je kunt bloggen. Deelname is geheel vrijblijvend. Plaats een reactie onder dit bericht waarin je het linkje plaatst naar je blog. De #WoT is opgezet door @metkcom en daarna door @webpixelqueen overgenomen. Vanaf september 2014 hou ik het stokje in mijn hand. Schrijf vandaag mee over het woord ‘bolleboos’.

01 oktober 2014

Paradijs zonder kasteel

20140928_211756Het boek Almere 30 jaar in verbinding met haar inwoners van Frits Huis vertelt het bekende verhaal over Almere en legt hierbij vooral de nadruk op het gemeentelijk aspect. Al komen ook hier de vertrouwde verhalen van de eerste bewoners van Almere, Henk en Lia de Clerk, compleet met de bekende foto’s naar voren.

Daarna behandelt Frits Huis de gemeente aan de hand van de thema’s waarmee Almere zich graag profileert: een groene stad met veel natuur en een stad die onderwijs, cultuur en sport hoog in het vaandel heeft staan. Tussendoor druppelen ook nog verhalen over zorg en economie naar binnen. Vergeet de stille revolutie van de busbaan niet. Die komt in elk boek over Almere voor en mag in dit jubileumboek zeker niet gemist worden.

Het boek dat in opdracht van de Gemeente Almere is geschreven, laat zo weinig negatieve geluiden doorklinken. Het is een lofzang op een gemeente die 30 jaar bestaat en dat een klein paradijsje op aarde is. De wanklank die de rest van het land over Almere uitspreekt, weerlegt Frits Huis met opmerkingen van bewoners die zeggen dat ze hier nooit meer weg willen.

Het verhaal van het Almeerse kasteel kan hij niet laten liggen. Het is de enige ‘kritische’ episode die hij in het boek heeft opgenomen. Frits Huis merkt erover op dat er in een stad met zo’n explosieve groei weleens wat misgaat. Hij spreekt de hoop uit dat het kasteel ooit eens wordt afgebouwd.

Dat terwijl dé kans er iets van te maken pagina’s eerder aan de orde komt: de Floriade 2022. Maar het antwoord geeft Frits Huis zelf al: het kasteel is geen eigendom van de gemeente en waarschijnlijk is zo’n initiatief duurder dan de erg positief begrote ideeën die er nu liggen.

Maar dat is een ander verhaal. Het is feest en die feeststemming mag niet vergald worden door kritische geluiden. En dat lijkt ieder boek over Almere te willen vertellen. Zou het een gevolg zijn van de pioniersgedachte? Er moet gewerkt worden en als je even stopt om na te denken of kritiek te spuien, schiet het werk niet op.

Misschien biedt het volgende jubileum daar gelegenheid toe. Over twee jaar bestaat Almere – niet de gemeente, maar de plaats – 40 jaar! Dat zal de Almeerse jubileum-traditie kennende zeker niet onopgemerkt aan ons voorbij gaan…

Gistermiddag werd ik verrast met een tweetje van de gemeente Almere. Er lag een exemplaar van dit jubileumboek op mij te wachten. Heel veel dank hiervoor.