14 november 2017

Gevaarlijke spionne? - Mata Hari (4)

De bewonderaars van Mata Hari krijgen een bijzonder plekje. Een bureau met veel rozen en wat aantekeningen van bewonderaars. Ze worden verbeeld met de leren jassen, als heuse spionnen en rechercheurs. De oorlog treedt het verhaal binnen. Je ziet een paar paspoppen met leren jassen waarop de beelden van marcherende Duitse en Franse legers.

Het is het verhaal van de oorlog waarin Mata Hari van aanbeden vrouw verandert in een soort heks. Een spionne, een niet te vertrouwen vrouw. Hier wordt haar eerdere opportunistische houding haar fataal. Ze is een bedreiging geworden en krijgt van de Fransen de beschuldiging dat ze voor de Duitsers werkt.

Ze is gedurende de hele Eerste Wereldoorlog verdacht. En dat is ook wel te begrijpen als je ziet hoe ze in de oorlogsjaren nog rondreist door Europa. Ze is zich er niet bewust van hoe verdacht ze zich maakt. Haar liefde voor mannen in uniform versterkt deze verdenkingen alleen maar.

Mata Hari wordt gedreven door haar zucht naar luxe. Dezelfde hebzucht die haar vader in een faillissement stortte. Ze wil op grote voet leven en dat leven ook in de moeilijke oorlogsjaren doorzetten. Is ze echt een spionne geweest. Ik weet het niet. Als spionne heeft ze geen heldendaden verricht. Het is haar zelfs fataal geworden.

Het mondt uiteindelijk in de executie waarmee de tentoonstelling in Leeuwarden begint. Een leven dat bijzonder tragisch eindigt. Zelfs voor het vuurpeleton staat ze met de rechte rug. Ze schijnt haar executeurs zelfs een handkus te hebben toegeworpen. Ze stond er in dezelfde bontjas, als waarin ze gearresteerd werd.

Die dood heeft er mede voor gezorgd dat ze nog altijd niet vergeten is. Een grote expositie is aan haar gewijd. Ze krijgt nog altijd die aandacht. Sterker nog: ze is de bron voor een heuse mythevorming. Margaretha Zelle, een bijzondere vrouw met een leven dat tot de verbeelding spreekt en dat als inspiratie voor velen dient.

Mata Hari, De mythe en het meisje is tot en met 2 april 2018 te zien in het Fries Museum te Leeuwarden.

13 november 2017

Lieve Nonnie - Mata Hari (3)

Op de banken waar je kunt zitten, liggen reproducties van haar plakboeken, boordevol met foto’s en krantenberichten over haar verschijning. De hele wereld was bevangen door deze vrouw. Ze verovert de aandacht van heel veel mensen, vooral mannen.

Precies op die plek ligt een brief aan haar dochter. Het klinkt vol verdriet. Een moeder mist haar kind:

Lieve Nonnie,

Ik verlang erg je eens te zien. Ik heb er altijd zoveel moeite voor gedaan. Maar het is nooit gelukt.

Op de andere kant staat:

Ik weet niet wat je van me denkt, maar — dit kan ik je zeggen, ik heb het recht je dit te vragen.

Je moeder

Eronder staat in dik blauw potlood:

zoo ’n smeerlap he. UK

Dat geeft een ander inkijkje in het leven van Margaretha Zelle. Ze is ook een moeder waarover de wereld een oordeel heeft. Ze heeft haar dochter niet op kunnen voeden en probeert vergeefs grip op haar te krijgen. Vergeefs, de brieven zijn zonder effect. Ze heeft veel oproepen naar haar ex-man MacLeod gestuurd, maar hij stuurde ze uiteindelijk ongeopend retour.

Mata Hari, De mythe en het meisje is tot en met 2 april 2018 te zien in het Fries Museum te Leeuwarden.

12 november 2017

Terug in de tijd - Mata Hari (2)

Na de opening van de gebeurtenissen 100 jaar geleden, spring je terug in de tijd, bij het begin. De biografie van Mata Hari, begint bij Margretha Zelle in Leeuwarden. Ze is de dochter van de plaatselijke schoenenverkoper. Ze leven op grote voet. Zo rijdt ze bijvoorbeeld in een speelgoedrijtuig met 2 bokken ervoor door de Friese hoofdstad. De mensen kijken haar met een lichte verwondering na. Ze hebben kapsones.

Je ziet enkele poesie-albums liggen en komt dan bij het rampzalige faillissement uit. Vader Zelle leefde op te grote voet en gaat failliet. Hij verdwijnt en laat de familie berooid achter. Margretha’s ouders scheiden en nog geen jaar na de scheiding overlijdt haar moeder. Margretha komt op een kostschool in Leiden terecht. Het loopt uit op een affaire met de schooldirecteur.

Ze ontsnapt uit haar ellendige bestaan door te trouwen met de officier MacLeod. Een oproepje in de krant brengt haar met hem in contact. Ze trouwt korte tijd later en vertrekt met hem naar Nederlands-Indie. Het stel krijgt 2 kinderen. Echt lekker gaat het niet met het huwelijk.

De jongen overlijdt. Hij zou vergiftigd zijn, maar de informatie in het museum geeft aan dat MacLeod waarschijnlijk aan een geslachtsziekte leed, die hij overdroeg aan zijn kinderen. Bij de behandeling met kwik moet het waarschijnlijk zijn foutgegaan.

Het huwelijk is al snel niet meer te redden. Ze gaan scheiden en een moeilijke periode breekt voor Margaretha Zelle aan. Ze staat voor de beslissing: of ze gaat haar kind opvoeden of ze gaat haar geluk in Parijs beproeven. Ze mag van haar ex-man niet haar kind opvoeden, hij houdt haar bij haar weg en ze vertrekt. Mislukt het eerste bezoek, het tweede is erg succesvol.

In Nederlands-Indië heeft ze goed gekeken naar de Oosterse dans en het Wajongspel. Ze weet de aandacht te trekken met een eerste optreden in Musee Guinet. Het zit daar bomvol met invloedrijke mannen die helemaal bevangen door haar raken. Ze schiet als een komeet omhoog, zo snel spreekt iedereen over haar. Veel vrouwen spraken schande van haar, maar de meeste mannen schudden misschien nee, maar ze waren erg getroffen door haar verschijning.

Mata Hari is al snel de bestbetaalde artiest in Parijs. Op de tentoonstelling is dit in de grootste zaal heel mooi vormgegeven. Er hangen witte gordijnen met projecties van een dansende vrouw. Er klinkt Oosterse muziek en aan de wanden zie je projecties van de bekende danseres Mata Hari met de juwelen en kroontjes met hoorntjes eraan.

Op ooghoogte zie je een beeld van Shri Shiva, het beeld waar Mata Hari aan het eind van haar eerste dansvoorstelling in het museum voor Aziatische kunst zich op de grond liet vallen. Ook zie je de wajangpoppen en andere attributen bij haar optredens.

Mata Hari, De mythe en het meisje is tot en met 2 april 2018 te zien in het Fries Museum te Leeuwarden.

11 november 2017

Mata Hari, de tentoonstelling (1)

Mata Hari. Ik weet niet meer wanneer ik als kind al gegrepen werd door de vergeelde zwartwit foto’s. De vrouw in een met juwelen behangen topje en veel doorschijnende sluiers. Heel veel sluiers. De geheimzinnigheid en het mystieke in haar verschijning grepen mij toen al.

Later werd ik gevoed door het verhaal van Maarten ’t Hart over de neef van Mata Hari. De neef van Mata Hari, dominee Zelle, die er ondanks zijn plek op de preekstoel, bijna net zo’n losse levensstijl op nahoudt als zijn nicht. Een prachtig verhaal waar een dominee Zelle nog een proces begonnen is tegen Maarten ’t Hart. Hij voelde zich aangesproken.

De tentoonstelling in het Fries museum in Leeuwarden moest daarom bezocht worden. Ik kon het combineren met een paar andere activiteiten, cd’s die ik nog wilde halen en een bezoek aan de herinneringsbijeenkomst in het nabijgelegen Goutum. Daarom ging ik er zaterdag heen.

De drukke kermis voor het museum met allemaal tollende en draaiende attracties wordt gedurende het bezoek steeds kleurrijker. Dat komt omdat het buiten steeds donkerder wordt. Wij klimmen omhoog naar de 2e verdieping waar de expositie is gehuisvest.

Je mag geen foto’s maken. Ik zie het logootje maar ik registreer het niet. Meteen bij binnenkomst raak ik namelijk al bevangen van deze dame. De prachtige witte gordijnen die er hangen. Ze zijn als doorzichtige sluiers en haar beeltenis erop. Het is dezelfde indrukwekkende verschijning als waar zoveel andere mannen door gegrepen worden. Ze trekt de aandacht.

Want is ze eigenlijk mooi? De knokige neus geeft haar gezicht een bijzondere vorm. Maar het haalt niks van de geheimzinnigheid weg. Misschien versterkt het deze alleen maar. Kijk je bijvoorbeeld naar de arrestatiefoto. Niet een reguliere foto waarop iemand getekend is. Nee, een vrouw die strijdbaar en met rechte rug in een bontjas staat.

Of de foto in het uniform van haar minnaar. Daar staat een knappe vrouw, die lonkt naar de camera. Ze weet je pakken en in te pakken. Elke man tuint in haar verschijning. Zelfs een eeuw na haar dood, raak je door haar gegrepen. Het is niet de opwinding die zich meester van je maakt. Het is meer. Het is een bijzonder soort fascinatie.

Als je het gordijn met haar beeltenis erop geprojecteerd passeert, begint de tentoonstelling in Leeuwarden met haar doodvonnis. Het originele vonnis ligt hier, net als de verhoren en andere rechtbankverslagen. Je hoort enkele verhoren voorgedragen worden.

Mata Hari, De mythe en het meisje is tot en met 2 april 2018 te zien in het Fries Museum te Leeuwarden.

10 november 2017

Niet snel te vangen

Zen of de kunst van het motoronderhoud is niet een boek dat snel te vangen is. Het maakt je als lezer nieuwsgierig. Je merkt hoe de 2 personages (en als je Phaedrus als apart personage ziet, 3) zoeken naar de zin van het leven en van het bestaan. De beelden in het verhaal lijken soms uit de lucht te vallen, maar ze hebben vaak ook een duiding.

De beelden die Chris ziet, en de herinneringen van Phaedrus waarin bijvoorbeeld ook de steppewolf voorbijkomt. Zoals als hij terugdenkt aan een reis door de bergen waarbij de ik-verteller een hond op het pad ziet lopen. Pas veel later beseft hij dat het niet een hond was, maar een wolf.

Een directe verwijzing naar de ideeënroman van Herman Hesse, de steppewolf. Ook Phaedrus ziet zichzelf als een wolf.

Evenals die grijze wolf in de bergen bezat hij een bepaald soort dierlijke moed. Hij ging zijn eigen gang zonder zich te bekommeren om de gevolgen die de mensen roms perplex deden staan en die mij nu met stomheid slaan wanneer ik erover hoor. Hij maakte niet vaak zijwaartse bewegingen naar links of naar rechts. Daar ben ik achtergekomen. Maar deze moed stamde niet uit een of andere idealistische hang naar zelfopoffering, maar kwam alleen voort uit intensiteit van zijn jacht en was op zich helemaal niet zo’n edel streven. (79)

Daarmee krijgt het boek meer lading dan je in een eerste lezing kunt bevatten. Want lastig lezen is Zen of de kunst van het motoronderhoud zeker. Je weet niet wat waarheid is en leugen. Waar begint de fantasie of het idee en waar ligt de waarheid van het verhaal? Het boek is een zoektocht van een man die slim is, maar ook in de war is. Daarmee word je als lezer heen en weer geslingerd. Verwarrend en intrigerend tegelijk.

Robert M. Pirsig: Zen en de kunst van het motoronderhoud, Een onderzoek naar waarden. Oorspronkelijke titel: Zen and the Art of Motorcycle Maintenance, An Inquiry into Values. Vertaald door Ronald Jonkers. 32e druk. Amsterdam: Ooievaar, 2001 [1976]. ISBN: 978 90 5713 535 3. 380 pagina’s. Prijs: € 19,99.Bestel

07 november 2017

Zen en de kunst van het motoronderhoud

Het boek Zen en de kunst van het motoronderhoud houdt het midden tussen een spannende roman en een filosofisch essay. Ik werd op het idee gebracht door de roman Geboren uit een roos van Tineke Aarts.

In deze roman vertelt de schoonzus van Juliette Bonave dat ze zo weinig tijd om te lezen heeft. Het laatste boek dat ze gelezen heeft, is Zen en de kunst van het motoronderhoud van Robert M. Pirsing. Zodoende ben ik het boek ook maar eens gaan opslaan.

Een boek dat vertelt over de motorvakantie van de hoofdpersooon en ik-verteller door Amerika. Hij reist door verschillende staten en natuurgebieden, met als eindbestemming Calafornia. Het zijn plaatsen waar de ik-verteller eerder is geweest. Hij laat ze zien aan zijn zoon die achterop de motor zit.

De roadnovel waar het boek in eerste instantie op lijkt, wordt onderbroken door uitvoerige filosofische gedachten en flashbacks van de verteller. Soms ligt er een verband met de gebeurtenissen onderweg. Dat geldt zeker voor de opmerkingen die hij heeft over de verschillende motorrijders.

De ene motorrijder is heel zuinig en spaarzaam met zijn motor. Hij durft en wilt er vooral niet teveel zelf aan doen. Voor elke wissewasje, zelfs om de olie te verversen, gaat hij naar de garage. Dat is zijn medereiziger John Sutherland en zijn vrouw Sylvia.

De ik-verteller is een andere motorrijder. Hij vindt het heerlijk om te prutsen aan zijn motor, onderdelen te vervangen en te proberen om hem weer aan de praat te krijgen als hij hapert.

Het zijn beschouwingen die de ik-verteller geeft in zijn verhaal. Daarbij afgewisseld door het levensverhaal van ene Phaedrus. Het is het alterego van de verteller. Hier komt het verhaal over de zoektocht naar het ware. Een reis langs universiteiten als student, docent en onderzoeker.

Zijn zoon Chris vormt een mooie tegenhanger. De jongen worstelt met zichzelf en met zijn vader. De verteller botst regelmatig met zijn 10-jarige zoon. Ze lijken weinig begrip voor elkaar te hebben en de verteller ziet hem soms meer als tegenstander dan als medestander. Langzaam maar zeker brengt de reis hem in een staat van gekte. Ook een staat van zijn, maar onwenselijk.

Robert M. Pirsig: Zen en de kunst van het motoronderhoud, Een onderzoek naar waarden. Oorspronkelijke titel: Zen and the Art of Motorcycle Maintenance, An Inquiry into Values. Vertaald door Ronald Jonkers. 32e druk. Amsterdam: Ooievaar, 2001 [1976]. ISBN: 978 90 5713 535 3. 380 pagina’s. Prijs: € 19,99.Bestel

06 november 2017

Verteller ontmaskerd

In het 3e en laatste deel van deze Trilogie, komen de verhalen weer terug. Het kleine meisje Virginie is ontvankelijk voor de historie. Het is bijvoorbeeld onduidelijk wat er precies allemaal in het verleden is voorgevallen met de geheimzinnige Meenthoeve. De boerenhoeve naast hun eigen Mariahoeve.

De verhalen van de wijnboeren die het niet meer zien zitten als de legendarische schimmel de hele wijnbouw ruïneert aan het begin van de 20e eeuw. Of de vloek die op de Meenthoeve zou rusten waardoor de nieuwe bewoners al bij voorbaat kansloos zijn. Gelukkige weten de nieuwe bewoners deze vloek te bezweren, al lijkt het aanvankelijk niet zo te zijn.

De roman Geboren uit een roos staat vooral stil bij de oorlogsjaren. Het is de zoektocht van dochter Juliette en kleindochter Virginie naar de plotselinge emigratie van moeder Fanny. Het heeft met de oorlog te maken. En de verteller Virginie laat zien dat het verraad in de oorlog een reikwijdte heeft tot in onze tijd.

Tegelijkertijd is deze roman ook een prachtig moeder-dochter verhaal. De strijdbare Juliette stort zich met veel passie op het maken van wijn. Ze ontwikkelt de Bonave Passion, een wijn zoals zij is. Een wijn met karakter waar niet iedereen even gecharmeerd van is. De echte wijnliefhebber weet dit echter wel te waarderen. Of zoals Pascal, vriend en sommelier zegt:

Persoonlijk beschouw ik deze wijn ook als een eerbetoon aan je oom Gaston en aan je moeder; zij groeiden op in de oorlog en hebben de tijd niet aan hun zijde gehad. Maar vooral beschouw de Bonave Passion als een eerbetoon aan het ware karakter van de auxerrois. Jij hebt aangevoeld dat deze druif onversneden het sterkst is. Karakter van maker en product vallen samen, zoals ook bij Gilbert het geval was. (146)

De oorlog overwinnen met een nieuwe wijn. Prachtig verwoord.

Daarnaast is Virginie op zoek naar haar vader. De rijke wijnboer Gaston. Alles komt mooi bij elkaar. De geheimzinnigheid van het verleden, een historie van een kleine Franse gemeenschap waarbij alles een lange doorwerking heeft. Waarbij de kinderen vaak geconfronteerd worden met de daden van hun (voor)ouders.

Virginies fantasie over de kleine, vervallen schuur en woonhuis van de oude bewoners Sarroned. Een familiedrama. Het verhaal laat je niet onberoerd en de vriendschappen die de jonge Virginie met deze meisjes uit het verleden sluit.

Dit deel geeft deze romanreeks een mooie afsluiting. Waarbij niet alleen de historie een rol speelt, maar meer speelt. Het gaat over hoe een vrouw zich in een mannenmaatschappij weet te redden. En over een dochter die over bijzondere gaven beschikt en het uiteindelijk allemaal heel mooi in de romans heeft weten te vertellen.

De verteller van het eerste deel Familiebezit is ontmaskerd!

Tineke Aarts: Geboren uit een roos. Roman. Lemontree Books, 2017. ISBN: 978 90 825 1642 5. Prijs: € 19,95. 322 pagina’s.Bestel

05 november 2017

Geboren uit een roos

Het 3e en laatste deel van de Tineke Aarts’ Bonave Trilogie vertelt het verhaal van Juliettes dochter Virginie. Daarmee krijgt het 1e deel van de cyclus het vervolg dat het verdient. Het eerste deel Familiebezit vertelt het verhaal van moeder Juliette dat eindigt met de komst van haar dochter Virginie. Daarmee blijft de lezer een beetje onthutst achter.

Zeker ik houd erg van open eindes, maar het einde van Familiebezit bleef wel heel erg open. Er zat gewoon een nieuwe roman in en de prachtige schrijfstijl van Tineke Aarts zou dat meer dan een boeiend boek maken. Daar was ik al in 2004 overtuigd. Nu ik deze roman lees, ontdek ik dat ik toen gelijk had.

Want Tineke Aarts neemt de beste beslissing, ze maakt Virginie tot verteller en hoofdpersoon. Daarmee verschuift het perpectief van de roman van Juliette naar haar dochter. Virginie is een boeiend meisje dat buitengewoon verbeeldingskracht bezit. Deze verbeelding maakt Geboren uit een roos tot een heel mooi boek.

Door haar buitenechtelijke afkomst, haar vader is de grote wijnboer Francois Zéline, en haar alleenstaande moeder, heeft Virginie een bijzondere positie in het dorp. Ze wordt geplaagd in de klas. Als ze bij een begrafenis haar vader ook nog eens ziet, schiet de verbeelding binnen. Ze wil vluchten in het verleden dat haar omringt. Ze belooft er zelfs te gaan wonen!

‘Ja, want dan woon ik naast jullie. Ik blijf!’ zeg ik luid en duidelijk, stellig als besluit. Met deze woorden laat ik Rosa weten dat ik er alles aan zal doen om deze hoeve te beschermen. Het is een kinderlijke toezegging, spontaan uitgesproken, want ik kan niet weten dat ik ooit daadwerkelijk in deze hoeve zal gaan wonen. In deze kamer, onder dit schilderij, ga ik onze familiegeschiedenis schrijven waartoe de zusjes me inspieren op een manier waar ik geen besef van heb. (181)

Een belangrijke plek om te beschermen en op te tekenen in dit verhaal. Het verhaal van Virginie wordt omringd door de schimmen en verhalen uit het verleden. Ze vertelt het verhaal van Bonave. En dat niet alleen. Ze weet de geschiedenissen onderdeel te maken van zichzelf.

En er is veel verleden. Niet alleen het landgoed van de Bonaves, maar ook de omringende boerderijen kennen allemaal hun eigen geschiedenissen. In de roman Marguerite, het middendeel van de Bonave Trilogie, heeft Tineke Aarts deze verhalen voor een gedeelte uitgelicht.

Tineke Aarts: Geboren uit een roos. Roman. Lemontree Books, 2017. ISBN: 978 90 825 1642 5. Prijs: € 19,95. 322 pagina’s.Bestel

04 november 2017

Op de achterflap!

Jaren geleden las ik de roman Familiebezit van Tineke Aarts. Het was haar debuut. Ik vond het een prachtig verhaal maar het einde kwam verwarrend op mij over. In het laatste hoofdstuk ontdekte ik dat de verteller van het verhaal heel iemand anders was dan ik aanvankelijk vermoedde.

Het verbaasde mij en fascineerde mij tegelijkertijd. Ik had het boek gekregen om er een recensie over te schrijven. Ik schreef deze. Aan het einde gaf ik aan dat ik het een prachtig verhaal vond, maar de openbaring van de echte verteller aan het einde van het boek, vroeg om een vervolg.

De roman Familiebezit van Tineke Aarts gaat over een vrouw die terugkeert naar het landgoed van haar moeder om te gaan trouwen. Het is namelijk haar droom om in haar moeders dorp te trouwen. Als ze daar staat met haar verloofde en het ja-woord geeft, beseft ze dat ze eigenlijk helemaal niet wil trouwen. Ze loopt weg bij het diner met haar gasten.

Het huwelijk is weliswaar net gesloten, maar ze gaan uit elkaar. Haar man vertrekt boos en verontwaardigd naar Nederland en zij blijft achter in Frankrijk. Dan bouwt ze midden in dit wijnlandschap aan een nieuw leven. Ze besluit de wijngaard van haar opa en oma weer te gaan ontginnen. Een bijzonder verhaal van een vrouw die alleen een leven probeert op te bouwen, dwarsgezeten door de wijnboeren om haar heen en de liefde. Ze houdt zichzelf overeind en weet haar dromen om te zetten in daden. Al blijft het verschrikkelijk zwaar en lastig.

Deze roman verscheen in 2004. Tot mijn verbazing kreeg ik vorig jaar opeens een berichtje van de schrijfster Tineke Aarts. Ze schreef dat mijn opmerking over het vervolg haar lang had dwarsgezeten. Ze wilde mij het 2e deel van de romancyclus opsturen. Dit was nog niet het beloofde vervolg, maar behandelde juist de periode voor hoofdpersoon Juliette Bonave, de 19e eeuw als de schimmel alle wijnrassen verwoest.

Tot mijn verbazing had ik op de heruitgave van de 1e roman de achterflap gehaald. Mijn droom: met een recensie ooit achterop de roman terechtkomen. Het was waarheid geworden. Ik las de roman, maar de bespreking lukte niet echt. Overdonderd door het nieuwe verhaal en ook een beetje teleurgesteld omdat ik hoopte op het vervolg van het eerste deel.

En dat vervolg is nu gekomen. Het 3e en laatste deel van de cyclus – de Bonave Trilogie – over Juliette Bonava en haar dochter Virginie. Het verhaal is het vervolg waar ik zo op gehoopt had: boordevol met de overlevingsdrift die het 1e deel zo kenmerkt. Ook geeft deze nieuwe roman met het verhaal van dochter Virginie het 1e deel weer diepere betekenis. Het eerdere verhaal wordt dieper ingebed in de rest van de geschiedenis.

Daarmee geeft dit 3e en laatste deel de trilogie een prachtige voltooiing. Het 2e deel dat dieper in de historie duikt, geeft daarmee ook dit laatste een mooie waardevolle toevoeging. Er wordt soms mooi verwezen naar deze indringende verhalen. Daarnaast geeft het de geheimen van de streek en het dorp veel meer betekenis.

Tineke Aarts: Familiebezit. Roman. Lemontree Books, 2016. ISBN: 978 90 8251 6401. Prijs: € 19,95. 326 pagina’s.Bestel

03 november 2017

Luthers inktpot

Op het kasteel de Wartburg waar Luther een aantal maanden gezeten heeft nadat hij vogelvrij is verklaard door de Duitse keizer, is een inktvlek op de muur van de kamer waarin Luther verbleef. Het is een beroemd verhaal over de hervormer waarin hij regelmatig bezoek kreeg van de duivel.

De duivel probeerde hem te verzoeken en in een nacht de inktpot en greep naar de schim die hem dwarszat. Op die plek zit nog altijd een donkere inktvlek tegen de muur.

Ik heb als kind vroeger nachtmerries gehad van die inktpot van Luther. Ik was doodsbenauwd dat ik de duivel mij ook ’s nachts zou opzoeken. Een klasgenootje van mij vertelde eens dat hij regelmatig de duivel op bezoek had. Ik vreesde het ergste.

Dat Luther elke nacht gepijnigd werd door de duivel en net zulke verleidingen kreeg als Jezus destijds in de woestijn kreeg. Dat zou mij toch niet mogen gebeuren. Hoe zou je je kunnen wapenen tegen een bezoek van de duivel? Ik wist het niet. Zou je een psalm moeten zingen?

Ik tuurde langs de gordijnen, durfde mijn bed niet uit, maar kreeg nooit bezoek van de duivel. Voor mij was de inktpot niet nodig. Al vrees ik soms nog oprecht de demonen die je aardig kunnen dwarszitten. Het beste is om ze te omarmen en binnen te laten alsof het je vrienden zijn. Een inktpot tegen de muur gooien is alleen maar plezier voor hen.

Daarom kan het natuurlijk ook niet waar zijn. Luther zou nooit zo’n kluns zijn om de duivel op deze manier in de kaart te spelen.

Volker Leppin: Maarten Luther, Biografie van een hervormer: denker, monnik, rebel. Originele titel: Martin Luther, Vom Mönch zum Feind des Papstes. Uit het Duits vertaald door Huub Stegeman. Amsterdam: Meulenhoff, 2017. ISBN: 978 90 290 9190 9. 192 pagina’s. Prijs: € 17,99. Bestel