Politici blinken uit in het opwekken van een idee bij het publiek. Als je een frase maar lang genoeg herhaalt, dan gelooft het publiek dat vanzelf. Vooral populisten weten de woede van het volk aan te wakkeren als je maar lang genoeg een onwaarheid opnieuw vertelt, wordt het vanzelf een waarheid.
Vanmorgen trof ik op het station een foldertje aan van de PVV waar ik veel onwaarheden vond. Het gebruik van subsidieslurpen en linkse waanzin. Het milieu dat maar als een linkse hobby wordt weergegeven en de arme autorijder die maar eindeloos betaalt voor al die waanzin. Hardwerkende ondernemers moeten zwaar lijden onder al die wetten en onnodige belastingen. Kortom, het land is zwaar in crisis.
Posts tonen met het label onderwijs. Alle posts tonen
Posts tonen met het label onderwijs. Alle posts tonen
08 februari 2011
05 februari 2011
'Geen verstandige zuinigheid, maar waanzin'
![]() |
| Erasmus vindt Ruttes bezuinigingen op het onderwijs: 'Geen verstandige zuinigheid, maar waanzin'. |
Onderwijs is een recht dat alle kinderen hebben en niet alleen een (leer)plicht. Ruttes minister van Onderwijs, Marja Bijsterveld, wil ook geld besparen door moeilijk opvoedbare jongeren in het reguliere onderwijs mee te laten draaien. Schadelijk voor de leerlingen zelf en hun klasgenootjes.
Het bracht mij op het lezen van Desiderius Erasmus (1469 - 1536). Als er een verstandig Nederlander is geweest, dan is het Erasmus van Rotterdam geweest. De man die in dezelfde stad geboren is als ik, is het land tijdig ontvlucht om niet besmet te raken met de domheid die elke Nederlander lijkt in te ademen als hij wat langer hier blijft wonen.
08 december 2010
Beter opgeleid, maar dommer
Een vreemde combinatie schuilt in 2 nieuwsberichten. Enerzijds is de Nederlander steeds beter opgeleid, anderzijds komt de minister van onderwijs Marja van Bijsterveldt met een scala aan maatregelen om spelling en rekenen aan te pakken. Niet meer zonder wiskunde van de havo en meer Nederlands en Engels.
Toch slaat het allemaal meer op elkaar dan het lijkt. Wanneer je meer hoger opgeleide mensen wilt hebben, kun je ze langer op school laten zitten. Maar ergens zal je een bepaalde verzadiging bereiken. Als dan nog steeds meer hoger opgeleide mensen moeten komen, dan kun je de standaarden verlagen van wat ze moeten kunnen. Iets is gebeurd bij hogeschool InHolland. Weliswaar in extreme zin, maar het zal heus op kleinere en mindere schaal nog steeds gebeuren.
De maatregelen die Van Bijsterveld noemt, irriteren mij.
Toch slaat het allemaal meer op elkaar dan het lijkt. Wanneer je meer hoger opgeleide mensen wilt hebben, kun je ze langer op school laten zitten. Maar ergens zal je een bepaalde verzadiging bereiken. Als dan nog steeds meer hoger opgeleide mensen moeten komen, dan kun je de standaarden verlagen van wat ze moeten kunnen. Iets is gebeurd bij hogeschool InHolland. Weliswaar in extreme zin, maar het zal heus op kleinere en mindere schaal nog steeds gebeuren.
De maatregelen die Van Bijsterveld noemt, irriteren mij.
30 juni 2010
Hopelijk strandt Nationaal Historisch Museum op een parkeergarage
Het zou verwonderlijk zijn als de komst van het Nationaal Historisch Museum zou stranden op de bouw van een parkeergarage. Als je nadenkt is het echter een stuk minder verwonderlijk. De hele ontwikkeling van een museum dat het gat van de historische kennis moet vullen, staat in het teken van verwondering. Bovenal is het een project van politici en beleidsmakers. Tweede Kamerleden bogen zich voornamelijk over details, zoals de locatie van het museum in Arnhem. Vanuit de museumwereld is altijd met de nodige reserves naar de komst van een Nationaal Historisch Museum aangekeken.
05 november 2009
Hoofdrekenen
Het ligt niet aan de rekenmethode, maar aan de leraar. Dat is de uitkomst van een studie waarom leerlingen zo slecht leren rekenen. Geruststellend dat de methodes en de dure boeken gebruikt mogen blijven worden. Minder geruststellend is de onkundige leraar.
Hoe komt het dat leraren zo slecht rekenen. De reden ligt volgens mij niet zozeer in het slechte onderwijs dat ze genoten hebben, maar veel meer in de training. Oefening baart kunst en dat geldt zeker voor rekenen. Het begint al heel eenvoudig: hoe vaak reken je in de praktijk nog.
Ik denk dat ik hoogstens één keer per dag met een simpele berekening te maken krijg. Bijvoorbeeld wat kost mij de maandelijkse 5 euro meer aan ziektenkostenverzekering, per jaar. Dat is niet zo moeilijk, die 60 komt vrij snel los. Moeilijker wordt het om bijvoorbeeld heel snel de gemeentebelasting, die per jaar gerekend wordt, in een maandelijks bedrag te krijgen.
De hoofdoorzaak is dat vanaf de middelbare school gebruik werd gemaakt van rekenmachines om ingewikkelde toestanden bij handelskennis, wiskunde en natuurkunde te berekenen. Geen hoofd(b)rekens meer, maar vingervlug over de toetsen. Dat betekent bijvoorbeeld voor mij dat ik al meer dan 20 jaar geen gebruik meer maak van staartdelingen. Ik verwacht persoonlijk dat ik het rekenen van een groep 8-leerling moeilijk kan evenaren. Ik doe er in elk geval langer over, gewoon omdat ik het nooit meer doe.
Dat probleem heeft de nieuwe aanwas op de pabo's ook. Deze leerlingen hebben zo'n vijf jaar niet meer intensief gerekend uit het hoofd. Alles ging via het rekenmachientje. Het is net als met schrijven. Ik schrijf per dag gemiddeld zo'n 100 woorden op papier. Verder verlopen al die andere duizenden woorden via het toetsenbord. Waarom verwachten we dan van een basisschoolleerling dat hij netjes schrijft?
Voor de oplossing zal iets bedacht moeten worden dat de leerlingen wel rekenprincipes aanleert en de nodige logische redeneringen. De realistische rekenmethode kan daar goed bij helpen. Een andere oplossing is om het gebruik van rekenmachines op de middelbare school nog even uit te stellen, maar of het rekenonderwijs daar echt bij gebaat is, betwijfel ik. Hoe dan ook moet het onderwijs participeren op maatschappelijke ontwikkelingen en niet teveel blijven hangen in wat mensen niet meer kunnen, maar meer wijzen op de noodzaak om iets te kunnen.
Hoe komt het dat leraren zo slecht rekenen. De reden ligt volgens mij niet zozeer in het slechte onderwijs dat ze genoten hebben, maar veel meer in de training. Oefening baart kunst en dat geldt zeker voor rekenen. Het begint al heel eenvoudig: hoe vaak reken je in de praktijk nog.
Ik denk dat ik hoogstens één keer per dag met een simpele berekening te maken krijg. Bijvoorbeeld wat kost mij de maandelijkse 5 euro meer aan ziektenkostenverzekering, per jaar. Dat is niet zo moeilijk, die 60 komt vrij snel los. Moeilijker wordt het om bijvoorbeeld heel snel de gemeentebelasting, die per jaar gerekend wordt, in een maandelijks bedrag te krijgen.
De hoofdoorzaak is dat vanaf de middelbare school gebruik werd gemaakt van rekenmachines om ingewikkelde toestanden bij handelskennis, wiskunde en natuurkunde te berekenen. Geen hoofd(b)rekens meer, maar vingervlug over de toetsen. Dat betekent bijvoorbeeld voor mij dat ik al meer dan 20 jaar geen gebruik meer maak van staartdelingen. Ik verwacht persoonlijk dat ik het rekenen van een groep 8-leerling moeilijk kan evenaren. Ik doe er in elk geval langer over, gewoon omdat ik het nooit meer doe.
Dat probleem heeft de nieuwe aanwas op de pabo's ook. Deze leerlingen hebben zo'n vijf jaar niet meer intensief gerekend uit het hoofd. Alles ging via het rekenmachientje. Het is net als met schrijven. Ik schrijf per dag gemiddeld zo'n 100 woorden op papier. Verder verlopen al die andere duizenden woorden via het toetsenbord. Waarom verwachten we dan van een basisschoolleerling dat hij netjes schrijft?
Voor de oplossing zal iets bedacht moeten worden dat de leerlingen wel rekenprincipes aanleert en de nodige logische redeneringen. De realistische rekenmethode kan daar goed bij helpen. Een andere oplossing is om het gebruik van rekenmachines op de middelbare school nog even uit te stellen, maar of het rekenonderwijs daar echt bij gebaat is, betwijfel ik. Hoe dan ook moet het onderwijs participeren op maatschappelijke ontwikkelingen en niet teveel blijven hangen in wat mensen niet meer kunnen, maar meer wijzen op de noodzaak om iets te kunnen.
Labels:
basisschool,
onderwijs,
pabo,
rekenen
10 juli 2009
Exit De Troubadour
Een paar weken voor het eind van het schooljaar vorig jaar, bezochten we de Jenaplanschool De Troubadour in Muziekwijk. Inge had een foldertje zien liggen en het leek haar uitermate geschikt voor Doris.
We bezochten de school in één van de laatste weken voor het einde van het schooljaar. Hectische dagen, maar die hectiek straalde de school niet uit. Het was warm, de directeur zweette en had er zijn aandacht niet helemaal bij. De leerkrachten besteedden aan ons en aan de directeur weinig aandacht.
Ik had een onprettig gevoel bij het bezoek. Alleen de juf van de kleuterklas heette ons welkom, maar verder gebeurde er weinig. Als ik hiervoor een kwartier moest fietsen om Doris naar school te brengen. Voor mij had het geen meerwaarde.
Toen we in november de Waterlandschool bezochten, was ik veel enthousiaster. We werden vriendelijk ontvangen, niet overdreven, maar vriendelijk en ik kreeg er veel vertrouwen in. Dat moet ook, een onbehaaglijk gevoel levert vroeg of laat problemen op.
Dat ik goed zat met mijn gevoel, werd vandaag bewezen. Inge bladerde door de nieuwe gemeentegids en kwam De Troubadour niet tegen in het lijstje met scholen in Almere. Even naspeuren op internet leverde de bevestiging op. De school is samengevoegd met de Montessorischool vertelt de website.
Vreemd dat je achter dit nieuws moet komen door zelfonderzoek. Ik had het op zijn minst in een krantje verwacht, want het is niet niks. Zeker ook omdat de twee soorten onderwijs helemaal niet bij elkaar horen.
We bezochten de school in één van de laatste weken voor het einde van het schooljaar. Hectische dagen, maar die hectiek straalde de school niet uit. Het was warm, de directeur zweette en had er zijn aandacht niet helemaal bij. De leerkrachten besteedden aan ons en aan de directeur weinig aandacht.
Ik had een onprettig gevoel bij het bezoek. Alleen de juf van de kleuterklas heette ons welkom, maar verder gebeurde er weinig. Als ik hiervoor een kwartier moest fietsen om Doris naar school te brengen. Voor mij had het geen meerwaarde.
Toen we in november de Waterlandschool bezochten, was ik veel enthousiaster. We werden vriendelijk ontvangen, niet overdreven, maar vriendelijk en ik kreeg er veel vertrouwen in. Dat moet ook, een onbehaaglijk gevoel levert vroeg of laat problemen op.
Dat ik goed zat met mijn gevoel, werd vandaag bewezen. Inge bladerde door de nieuwe gemeentegids en kwam De Troubadour niet tegen in het lijstje met scholen in Almere. Even naspeuren op internet leverde de bevestiging op. De school is samengevoegd met de Montessorischool vertelt de website.
Vreemd dat je achter dit nieuws moet komen door zelfonderzoek. Ik had het op zijn minst in een krantje verwacht, want het is niet niks. Zeker ook omdat de twee soorten onderwijs helemaal niet bij elkaar horen.
Labels:
almere,
basisschool,
de troubadour,
jenaplan,
onderwijs,
openbare basisschool
29 april 2008
Leaseleraar
Hij komt aangesjeesd in zijn dikke leasebak: de leraar Nederlands. Stoer blitst hij uit zijn auto, colbertje losjes over de schouder. Zijn haar vlot naar achteren gekamd en het nieuwste model brilmontuur op zijn neus.
Eigenlijk was ik best onthutst te lezen dat leraren worden weggekocht bij scholen en verleid worden met leasebakken en extra vrije dagen. Alsof geld boven roeping staat. Leraar worden is niet meer een kwestie van idealen, maar wordt door poen bepaald.
Zou het een topleraar zijn die rondcrost in die leasebak? Zouden leerlingen de volle drie kwartier van de les aan zijn lippen hangen? Of hebben de kids anders geen leraar voor het bord staan?
Ik denk het laatste. Het is zonde dat na jaren van wanbeleid in het onderwijs, nu geld over de balk wordt gesmeten met dit soort idioterie.
Als ik ooit besluit toch weer leraar te worden, dan zal het een beslissing zijn uit idealen en niet uit geld.
Eigenlijk was ik best onthutst te lezen dat leraren worden weggekocht bij scholen en verleid worden met leasebakken en extra vrije dagen. Alsof geld boven roeping staat. Leraar worden is niet meer een kwestie van idealen, maar wordt door poen bepaald.
Zou het een topleraar zijn die rondcrost in die leasebak? Zouden leerlingen de volle drie kwartier van de les aan zijn lippen hangen? Of hebben de kids anders geen leraar voor het bord staan?
Ik denk het laatste. Het is zonde dat na jaren van wanbeleid in het onderwijs, nu geld over de balk wordt gesmeten met dit soort idioterie.
Als ik ooit besluit toch weer leraar te worden, dan zal het een beslissing zijn uit idealen en niet uit geld.
Labels:
docent nederlands,
geld,
leaseauto,
onderwijs
16 februari 2008
Dans ontsprongen
Alle vernieuwingen in het onderwijs, ben ik ontsprongen. Ik was net te oud voor de basisvorming en te jong voor het studiehuis, pas in het volwassenonderwijs kwam ik daar een proefje van tegen. De Tweede Fase en de glazige term nieuwe leren mochten helemaal aan mijn aandacht ontsnappen.
Ik las vandaag een interessant betoog van Ton van Haperen in de NRC. Hij meent dat het onderzoekers van de parlementaire enquête aan 'weinig concrete en ambitieuze voorstellen ontbreekt'. Ook wijst hij naar directies en besturen die het allemaal wel spannend vonden het leren te vernieuwen en op een bij de tijd passende manier les te geven.
Ik mis het voorstel ook in het advies van de commissie. Het grootste deel van het rapport is geschreven in de verleden tijd, maar de onvoltooid tegenwoordige tijd ontbreekt in de teksten. Het lijkt of Dijsselbloem zijn vingers niet meer wil branden aan een voorstel en vooral de macht bij de scholen neerlegt.
Mijn herinnering aan school en de manier van lesgeven, is de leraar die zegt dat ik het moet snappen omdat hij het altijd zo heeft uitgelegd. Op mijn vraag het op een andere manier uit te leggen, reageerde hij nors: 'Waarom zou jij het niet snappen als iedereen het snapt.' Een weinig motiverende manier van lesgeven.
Daarom zou ik het echt jammer vinden als alle winst van de onderwijsvernieuwingen wordt omgezet in het verlies van het oude en klassikale leren. Het zou jammer zijn als mijn dochter op precies dezelfde manier leskrijgt als ik, omdat we vinden dat vernieuwing in het onderwijs niet mag.
Overigens ontsnapte de filosoof Ad Verbrugge de media-aandacht. Ik ben voor de zekerheid even op de website van Beter Onderwijs Nederland gaan kijken. Wat schetst mijn verbazing: slechts één bericht over Dijsselbloem, met 42 reacties. De belofte 'velen zullen volgen' wordt gevolgd door een artikel over het onverminderd doorgaan van het nieuwe leren op het ROC van Amsterdam. Zouden ze het eens zijn met de commissie, of bezinnen ze zich kritisch over de toekomst van het onderwijs en komen ze binnenkort met een heel mooi voorstel? Ik denk het eerste en hoop het laatste.
Ik las vandaag een interessant betoog van Ton van Haperen in de NRC. Hij meent dat het onderzoekers van de parlementaire enquête aan 'weinig concrete en ambitieuze voorstellen ontbreekt'. Ook wijst hij naar directies en besturen die het allemaal wel spannend vonden het leren te vernieuwen en op een bij de tijd passende manier les te geven.
Ik mis het voorstel ook in het advies van de commissie. Het grootste deel van het rapport is geschreven in de verleden tijd, maar de onvoltooid tegenwoordige tijd ontbreekt in de teksten. Het lijkt of Dijsselbloem zijn vingers niet meer wil branden aan een voorstel en vooral de macht bij de scholen neerlegt.
Mijn herinnering aan school en de manier van lesgeven, is de leraar die zegt dat ik het moet snappen omdat hij het altijd zo heeft uitgelegd. Op mijn vraag het op een andere manier uit te leggen, reageerde hij nors: 'Waarom zou jij het niet snappen als iedereen het snapt.' Een weinig motiverende manier van lesgeven.
Daarom zou ik het echt jammer vinden als alle winst van de onderwijsvernieuwingen wordt omgezet in het verlies van het oude en klassikale leren. Het zou jammer zijn als mijn dochter op precies dezelfde manier leskrijgt als ik, omdat we vinden dat vernieuwing in het onderwijs niet mag.
Overigens ontsnapte de filosoof Ad Verbrugge de media-aandacht. Ik ben voor de zekerheid even op de website van Beter Onderwijs Nederland gaan kijken. Wat schetst mijn verbazing: slechts één bericht over Dijsselbloem, met 42 reacties. De belofte 'velen zullen volgen' wordt gevolgd door een artikel over het onverminderd doorgaan van het nieuwe leren op het ROC van Amsterdam. Zouden ze het eens zijn met de commissie, of bezinnen ze zich kritisch over de toekomst van het onderwijs en komen ze binnenkort met een heel mooi voorstel? Ik denk het eerste en hoop het laatste.
29 november 2007
Uren maken
Ooit is de parlementaire democratie uitgevonden omdat de simpele lieden zich niet wilden vermoeien met de moeilijk kwesties. Met plezier stonden ze hun stem af aan een deskundig en alwetend mens. In de veronderstelling dat de keuze van de deskundige de goede keuze zou zijn voor hem.
Het lijkt of politici hun deskundigheid volledig aan het verliezen zijn. Zoals de hele discussie over de 1040 uur die middelbare scholieren jaarlijks moeten draaien. Ieder verstandig mens weet dat kwantiteit helemaal niks zegt over kwaliteit. Mensen die hun uren draaien omdat ze deze nu eenmaal moeten draaien, leveren niet per definitie goed werk af.
Bovendien laat de geschiedenis van het onderwijs zien dat bemoeienis van bovenaf meestal tot ellende heeft geleid. Scholen moeten meer vrijheid krijgen om op eigen wijze invulling te geven aan het onderwijs dat ze geven. Alle ambtelijke bemoeienis van wijze mensen die totaal geen gevoel hebben met de werkelijkheid, het levert meer minder, dan meer meer op. Ik betwijfel of het kostbare en tijdrovende onderzoek dat de Tweede Kamer momenteel doet naar het onderwijs, deze uitkomst oplevert.
Laat ons parlement vooral kwalitatief goede richtlijnen opstellen met deskundige hulp. Daarna moet ze een goed controleorgaan de scholen laten controleren op deze richtlijnen. De scholen die onder de maat presteren, de juiste begeleiding te geven en desgewenst onder curatele te stellen. Je baseren op basale dingen als een urennorm, laat zien dat je het onderwijs en haar leerlingen absoluut niet serieus neemt. Ik begrijp de leerlingen en hun woede wel. Eigenlijk vind ik dat eens goed naar ze geluisterd wordt. Als ik iets geleerd heb van de moderne jongeren, is dat ze heel goed kunnen argumenteren, beter dan al onze huidige 150 parlementariërs bij elkaar. Dan is er ergens heel veel hoop voor de toekomst.
Het lijkt of politici hun deskundigheid volledig aan het verliezen zijn. Zoals de hele discussie over de 1040 uur die middelbare scholieren jaarlijks moeten draaien. Ieder verstandig mens weet dat kwantiteit helemaal niks zegt over kwaliteit. Mensen die hun uren draaien omdat ze deze nu eenmaal moeten draaien, leveren niet per definitie goed werk af.
Bovendien laat de geschiedenis van het onderwijs zien dat bemoeienis van bovenaf meestal tot ellende heeft geleid. Scholen moeten meer vrijheid krijgen om op eigen wijze invulling te geven aan het onderwijs dat ze geven. Alle ambtelijke bemoeienis van wijze mensen die totaal geen gevoel hebben met de werkelijkheid, het levert meer minder, dan meer meer op. Ik betwijfel of het kostbare en tijdrovende onderzoek dat de Tweede Kamer momenteel doet naar het onderwijs, deze uitkomst oplevert.
Laat ons parlement vooral kwalitatief goede richtlijnen opstellen met deskundige hulp. Daarna moet ze een goed controleorgaan de scholen laten controleren op deze richtlijnen. De scholen die onder de maat presteren, de juiste begeleiding te geven en desgewenst onder curatele te stellen. Je baseren op basale dingen als een urennorm, laat zien dat je het onderwijs en haar leerlingen absoluut niet serieus neemt. Ik begrijp de leerlingen en hun woede wel. Eigenlijk vind ik dat eens goed naar ze geluisterd wordt. Als ik iets geleerd heb van de moderne jongeren, is dat ze heel goed kunnen argumenteren, beter dan al onze huidige 150 parlementariërs bij elkaar. Dan is er ergens heel veel hoop voor de toekomst.
Abonneren op:
Posts (Atom)

